|
Want
uit genade zijt gij zalig geworden door het
geloof; en dat niet uit u, het is Gods gave;
Niet uit de werken, opdat niemand roeme. Efeziërs 2:8,9
Namelijk,
indien gij met uw mond zult belijden den
Heere Jezus, en met uw hart geloven, dat
God Hem uit de doden opgewekt heeft, zo
zult gij zalig worden. Want met
het hart gelooft men ter
rechtvaardigheid en met den mond belijdt
men ter zaligheid. Romeinen 10:6-12
Want
ik heb ulieden ten eerste
over-gegeven, hetgeen ik ook
ontvangen heb, dat Christus
gestorven is voor onze zonden,
naar de Schriften; En dat
Hij is begraven, en dat Hij is
opgewekt ten derden dage, naar
de Schriften; 1 Korinthiërs 15 :3-4
Om
deze oorzaak ben ik Paulus de gevangene van
Christus Jezus, voor u, die heidenen zijt. Indien gij maar gehoord hebt van de
bedeling der genade Gods, die mij gegeven is aan u; Efeziërs
3:1-6
|