|
KENMERKEN
VAN HET GEHEIMENIS
"Om deze oorzaak ben ik Paulus de gevangene van Christus Jezus, voor
u, die heidenen zijt. Indien gij maar gehoord hebt van de bedeling der genade
Gods, die mij gegeven is aan u; Dat Hij mij door openbaring heeft bekend gemaakt
deze verborgenheid (dit geheimenis K.J.V.)..."
- Eph.3:1-3
Een van de betrouwbaarste wapens in de oorlog tegen de misdaad is de
gewone, alledaagse vingerafdruk. In 1901 introduceerde Scotland Yard het Galton-Henry
systeem van vingerafdruk-klassificatie, hetgeen door opsporings- ambtenaren
vandaag nog steeds wordt gebruikt. De reden dat deze methode zo succesvol is
geweest bij het ten laste leggen van misdadigers is, omdat geen twee mensen
gelijke vingerafdrukken hebben. De indruk die door de ribbels van uw
vingertoppen wordt gemaakt is uniek voor uzelf.
Op dezelfde wijze zijn er zekere karakteristieken in het geheimenis die
het onderscheiden van Gods voorgaand profetisch programma. Ten behoeve van hen
die ons volgen in ons verlangen naar de waarheid, zal het nuttig zijn om deze unieke
trekken, speciaal met het oog op de verheldering van de Heilige Schrift bij
onszelf te onderzoeken, of wij "altijd bereid zijn tot verantwoording
aan een iegelijk, die u rekenschap afeist van de hoop, die in u is, met
zachtmoedigheid en vreze" (1 Petr.3:15).
HET GEHEIMENIS
Wat is het Geheimenis? Het Geheimenis is een goddelijk programma
dat de leerstellingen van genade onthult, uitsluitend bestemd voor de Gemeente,
het Lichaam van Christus. Dit programma werd uiteraard met opzet teruggehouden
voor de profetische heiligen die vóór de Apostel Paulus leefden. W.E.Vine
definieert de term "Geheimenis"
uit de oorspronkelijke taal op de volgende wijze: "...het wijst niet op het
mysterieuze, maar op datgene wat, buiten het bereik is van onbeholpen natuurlijk
begrip, alleen kan worden gekend door goddelijke openbaring, en bekend is
geworden op een wijze en op een tijd door God bepaald..." Thayer voegt hier
aan toe dat, het "een verborgen oogmerk, raad, of wel geheime wil van God
is."
Dit helpt verklaren waarom Paulus zijn boodschap noemt, de onnaspeurlijke
rijkdommen van Christus (Eph.3:8). Met andere woorden, de leringen der
genade die de Apostel ontving door directe openbaring, worden elders buiten zijn
geschriften, niet aangetroffen. Men behoeft geen theoloog te zijn om te
begrijpen dat Paulus' boodschap van genade niet is na te speuren in de
annalen van de oude bedeling.
De schrijver weet uit de eerste hand iets van de betekenis van dit woord.
Teruggaande tot het begin van de zeventiger jaren, toen hij op de Bijbelschool
was, werd hij en zijn familie onverwacht overvallen door een sneeuwstorm.
Ongeveer twee kilometers van huis was de sneeuw zo snel toegenomen, dat onze
wagen niet meer verder wilde. Het duurde even om vrij te worden van mijn vrees
voor wat onder zulke omstandigheden kan gebeuren. Na een korte bespreking
besloten we dat ik zou trachten een eind van de wagen weg te lopen om te zien of
het mogelijk was de rest van de afstand naar huis te voet af te leggen. Ongeveer
veertig meter terug op de verlaten weg werd het duidelijk dat het onmogelijk
was. Toen ik omkeerde om mijn voetsporen terug naar de wagen weer te volgen,
ontdekte ik tot mijn verbazing dat de sneeuwwind mijn voetstappen intussen
helemaal had bedekt. Mijn sporen naar de veilige haven waren onvindbaar!
Niet in staat om een hand voor ogen te zien, dank ik God vandaag nog voor Zijn
beschermende zorg door mij veilig bij mijn familie terug te brengen.
Laten we een ogenblik enkele van de onnaspeurlijke rijkdommen van
Christus, die alleen in de brieven van Paulus gevonden worden, beschouwen:
God heeft een nieuw apostolisch ambt ingesteld als kanaal om het geheim
van Zijn wil bekend te maken. Paulus was uiteraard de enige goddelijke keuze
voor dit ambt en werd door de Heilige Geest verklaard de Apostel voor de
heidenen te zijn (Rom.11:13; 1 Cor.1:1; Eph.3:1,7,8).
Er wordt een nieuwe schepping geintroduceerd, bekend als de Gemeente,
het Lichaam van Christus. Dit levend organisme bestaat uit Joden en heidenen die
samen verzoend zijn in één Lichaam door het Kruis. God redt nu in de bedeling
der Genade zielen uit elk voIk en schenkt hun souverein, samen een plaats in
Christus (1 Cor.12:13; 2 Cor.5:17; Eph.2:11-16).
Ook wordt onze Here Jezus Christus in een nieuwe rol gezien. Hij
is vandaag uitgebeeld als het Hoofd van het Lichaam dat geestelijk leven
schenkt en aanleiding geeft tot prijzen van Zijn heerlijkheid. Wat Christus
betekende voor Israel als hun Koning, betekent Hij voor ons als ons Hoofd
(Eph.1:20-23; 5:23,24; Col.1:18).
Een nieuwe doop komt
eveneens uit de geïnspireerde pen van de apostel. Hij beschrijft het als onze enige
doop in Christus, die geschiedt door de werkzaamheid van de Heilige Geest,
die ons geestelijk identificeert met Christus' dood, begrafenis en opstanding.
Verder plaatst deze souvereine daad ons in het Lichaam van Christus waar wij
verzegeld worden met de Heilige Geest tot op de dag der verlossing (1
Cor.12:12,13; Eph.1:13-15; 4:5).
Er worden in het woord redding of behoudenis een nieuw aantal begrippen
naar voren gebracht. Paulus is de eerste die het goede nieuws van
Golgotha, hoe Christus voor onze zonden stierf en weer opstond, verkondigt.
Alleen in Paulus' evangelie worden zondaars gered door genade, los van werken
van bekering en van de wet (Rom.4:5; 1 Cor.15:3,4; Eph.2:8,9).
Een nieuwe boodschap van verzoening werd beschikt, waarop de Grote
Opdracht aan Israel werd uitgesteld. Onze door God geschonken verantwoordelijkheid
is om uit te gaan en aan deze verloren en ondergaande wereld te vertellen dat
God in Christus Jezus de wereld met Zichzelf verzoende. Nu, in de tijd van
Genade, rekent God hun de zonden niet langer toe, en daarom kunnen zij
wonderbaar gered zijn, eenvoudig door Zijn genadig offer tot verzoening te
aanvaarden (2 Cor.5:14-20; Col.1:21-23; Rom.5:6-11).
Ook werd een nieuwe verwachting aan de Gemeente, welke is Zijn
Lichaam, toebedeeld. Zij wordt genaamd de "Gezegende Hoop". Alleen
Apostel Paulus spreekt over de Verborgen Komst van Christus voor de leden van
Zijn Lichaam. Dienovereenkomstig is onze hoop hemels, in sfeer en in positie (1
Thess.3:13-18; Titus 2:13; Eph.2:4-7).
Deze enkele stukken zijn slechts een kleine opsomming van de
verscheidene
karaktertrekken van de Paulinische openbaring. Zoals mijn voetstappen die niet
meer in de sneeuw konden worden teruggevonden, zijn Paulus' leringen der
genade ONNASPEURLIJK in de bladzijden der Profetie! Betekent dit dat wij de
rest van de Bijbel kunnen laten liggen? Dat verhoede God! Wij moeten echter alle
Schriften bestuderen in het licht van die zaken die aan de Apostel der heidenen
werden toevertrouwd.
EEN
ZICH TEGENSPREKEND SCHRIFTGEDEELTE
Degenen uit het kamp van Handelingen 2 redeneren dat het Geheimenis de
eeuwen en geslachten door bekend was, maar niet zo volledig als het nu door de
apostelen en profeten geopenbaard is. Met andere woorden, Paulus was niet de
eerste die dit ontving. Zij baseren deze conclusie op Eph.3:5, "Welke in
andere eeuwen den kinderen der mensen niet is bekend ge- maakt, gelijk zij nu is
geopenbaard aan Zijn heilige apostelen en profeten, door de Geest."
De zuivere uitlegging van deze passage draait om de uitdrukking "gelijk
zij nu is geopenbaard". Daarom moeten wij de term "gelijk"
determineren of zij wordt gebruikt in samenstellende of tegenstellende
zin. Wellicht zal een illustratie kunnen helpen: Ik zou kunnen zeggen: Mijn
golfspelen is net zo goed zoals het uwe. Hier wordt
"gelijk" toegepast in comparatieve zin - ik vergelijk uw spel met het
mijne. Omstellend naar de contrastieve kant van onze term zouden wij kunnen
zeggen: De oude Egyptenaren hadden geen computers zoals wij vandaag. Als
we onze illustratie toepassen op de passage in kwestie hebben we twee
mogelijkheden:
1) Het Geheimenis werd eerst geopenbaard aan Paulus, maar niet volledig
gelijk (comparatief) zoals vandaag.
2) Het Geheimenis werd niet geopenbaard in eeuwen en geslachten gelijk
(contrastief) het vandaag door Paulus' evangelie is bekend gemaakt.
De Handelingen 2 bedeling-mensen kiezen voor nummer 1. Degenen van ons
die ertoe gekomen zijn om Paulus' andersoortige bediening te zien, verdedigen
nummer 2; we hebben dus twee meningen - maar wie zal zeggen welke de juiste is?
Wij worden op zulke ogenblikken herinnerd aan de gedenkwaardige woorden van
Elia: "Hoelang hinkt gij tussen twee meningen?" De conclusie ligt in
het antwoord op de vraag, "Wat zegt de Here?" De navolgende passage
bewijst zonder de minste twijfel dat in Eph.3:5, "gelijk" wordt
gebruikt in de contrastieve zin, wat alleen maar kan betekenen dat de
openbaring van het Geheimenis oorspronkelijk werd medegedeeld aan Paulus.
"Hem nu, Die machtig is u te bevestigen, naar mijn evangelie en de
prediking van Jezus Christus, naar de openbaring der verborgenheid [Geheimenis],
die van de tijden der eeuwen VERZWEGEN IS geweest (Rom.16:25).
"Indien gij maar gehoord hebt van de bedeling der genade Gods, die
mij [Paulus] gegeven is aan u; Dat Hij mij door openbaring heeft bekend gemaakt
deze verborgenheid [Geheimenis]...En allen te verlichten, dat zij mogen
verstaan, welke de gemeenschap der verborgenheid [Geheimenis] zij, die van alle
eeuwen verborgen is geweest in God, Welke alle dingen geschapen heeft door Jezus
Christus" (Eph.3:2,9).
Omdat Paulus dus het geheimenis ontving door directe openbaring
van de verheerlijkte Here, hebben de apostelen en profeten, en degenen daarna,
het door de verlichting door de Heilige Geest ontvangen (Gal.1:11,12 cf.
Eph.3:5). Kennis van deze heerlijke boodschap is alleen te verkrijgen door de
verlichting van de Heilige Geest. En het is onze ervaring geweest, dat zij die
de sleutel zoeken die het heilig geheim ontsluit, nooit de toegang geweigerd
wordt.
|