|
KERNWOORDEN VAN HET EVANGELIE
Door: Thomas Bruscha
|
INHOUDSOPGAVE |
|
| WOORDENBOEK VAN
HET EVANGIE. |
2 |
| EEN ANDERE
OORZAAK VAN VERWARRING.
|
3 |
| 1.
"GERECHTIGHEID"
|
6 |
| 2.
"TOEREKENING"
|
9 |
| 3.
"RECHTVAARDIGING"
|
12 |
| 4.
"GENADE"
|
14 |
| 5. "VERLOSSING"
|
17 |
| 6.
"GENOEGDOENING”
|
20 |
| 7.
"GELOOF"
|
22 |
| 8
"VERGEVING"
|
25 |
| 9.
"VERDRAAGZAAMHEID"
|
28 |
|
10.
"VERZOENING"
|
30 |
| 11.
"HEILIGING"
|
33 |
| 12. VRAGEN OVER
REDDING.
|
34 |
| 13. APPENDIX:
"DOPEN".
|
45 |
| |
|
WOORDENBOEK
VAN HET EVANGELIE
Op de
hoek van een straat staat iemand kranten te verkopen en hij roept:
"GOED NIEUWS, GOED NIEUWS,
LEES ALLES OVER HET GOEDE NIEUWS!"
Zou deze persoon meer gaan vertellen over wat dit Goede Nieuws
betekent, dan zou hij waarschijnlijk ook meer kranten verkopen.
Bijvoorbeeld, als hij het volgende zou roepen:
"GOED
NIEUWS, GOED NIEUWS, LEES ALLES OVER HET GOEDE NIEUWS. IEMAND HEEFT
EEN MIDDEL UITGEVONDEN OM OUD TE WORDEN!".
Het
doel van dit boekje is niet om kranten te verkopen, maar om u op een
bepaalde manier in te lichten wat het goede nieuws, dat u al zo vaak
heeft gehoord, inhoud. U weet, dat de uitdrukking:
"EVANGELIE"
"GOED
NIEUWS"
betekent. Het goede
nieuws in dit boekje, is Gods goede nieuws voor u, namelijk de
mogelijkheid om gratis eeuwig leven te krijgen.
Er is
meer "goed nieuws" in de Bijbel maar ons "goede nieuws”, voor deze
tegenwoordige tijd, is het "goede nieuws" dat God voor iedereen
heeft voorzien in een gratis en compleet plan ter redding van al
onze zonden. De brief van de apostel Paulus aan de Romeinen legt
Gods plan van behoudenis uit en hoe dat plan is voltooid. Het
Evangelie is heel eenvoudig:
“1Kor.15:3-4: 3 Want ik heb ulieden ten eerste overgegeven, hetgeen
ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden,
naar de Schriften;4 En dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt
ten derden dage, naar de Schriften”.
De
dood en opstanding van onze Heere Jezus Christus bevat ook de
overwinning van God over de zonde, dood, en over Satan. Gods wil is,
dat u dit "goede nieuws"
begrijpt, aanneemt, en waardeert. Om die reden gebruikt de apostel,
in zijn brief aan de Romeinen, technische taal. Als men deze taal
verstaat, dan loopt het hart vol met blijdschap. Als deze technische
termen niet begrepen worden, dan is het resultaat veelal
onduidelijkheid en verwarring. In de brief van de apostel Paulus aan
de Romeinen, in hoofdstuk 3:21-28, vinden de volgende termen:
"Gerechtigheid""Geloof""Toerekening""Vergeving""Rechtvaardiging"
"Verdraagzaamheid" "Genade" "Verzoening" "Verlossing" “Heiliging"
"Genoegdoening"
*De
laatste twee begrippen, heiliging en genoegdoening, komen uit andere
Schriftgedeelten die zijn inbegrepen in deze studie over "redding".
Er
bestaat onder getrouwe Bijbel gelovigen veel verwarring over de
kwestie "redding" (= behoudenis of zalig worden):
1.
Wordt een mens alleen door geloof gered?
2.
Zijn werken onderdeel van redding?
3.
Kan iemand zeker weten dat hij is gered of een kind van God is?
4
Hoe zit het met iemand die na zijn
redding opnieuw zondigt?
5.
Kan iemand, die eenmaal gered is, nog verloren gaan?
Je
zou deze vragen eenvoudig kunnen beantwoorden als je eerst de
betekenis van de woorden, die op de vorige bladzijde werden
opgesomd, begrijpt. De bedoeling van dit boekje is om deze woorden
te omschrijven. Wij gaan aan het einde van dit boekje deze vragen, 1
t/m 5, nog een keer beschouwen, en dan zullen wij zien hoe eenvoudig
de antwoorden zijn.
Deze
elf woorden bevatten datgene, wat genoemd wordt
"HET
EVANGELIE",
en daarom hebben wij dit boekje genoemd:
“Woordenboek van het evangelie”
EEN
ANDERE OORZAAK VAN VERWARRING
Voordat we met onze
omschrijvingen beginnen, wil ik een oorzaak aanwijzen waardoor er
zoveel verwarring is in de z.g. christenheid. Het probleem is, dat
de mensen hun Bijbel niet op de juiste wijze lezen. Zij denken n.l.
dat, WAAR
zij ook lezen,
en WAT
zij ook lezen, dat God tot hen spreekt; maar dat is niet waar.
Verwarring ontstaat door geen aandacht te schenken aan: tot "wie" in
een passage van de Bijbel wordt gesproken; en door NIET te geloven,
dat, wanneer God Zich tot "Israël" richt, Hij ook werkelijk Israël
bedoelt.
Er is een gedeelte in
uw Bijbel, dat speciaal aan
ONS,
Heidenen en Joden van deze tijd, gericht is. Dat zijn de boeken
Romeinen tot en met de brief aan Filémon. Laat ons nu zien, hoe
kennis van dit feit veel verwarring kan wegnemen.
Over het algemeen
wordt aangenomen dat de Bijbel slechts één evangelie bevat. (Hierbij
spreek ik niet over die van Mattheus, Marcus, Lukas, en Johannes,
die wel de vier Evangeliën genoemd worden.) Ik spreek hier over de
verkondiging van het evangelie in de Bijbel. Velen, in feite de
meeste, geloven dat alle predikers van het Nieuwe Testament:
Johannes de Doper, Christus, de Twaalf Apostelen, en de Apostel
Paulus, hetzelfde evangelie predikten. Dit is volstrekt niet
volgens de Schrift! De Bijbel spreekt van verschillende
evangeliën:
"HET EVANGELIE VAN HET KONINKRIJK", "HET EVANGELIE VAN GODS GENADE",
"HET EVANGELIE DES VREDES", "HET EEUWIG EVANGELIE", "HET EVANGELIE
DER BESNIJDENIS", "HET EVANGELIE DER ONBESNEDENEN",
enz. Dit zijn NIET allen synonieme uitdrukkingen voor één en
hetzelfde Evangelie.
Het
"EVANGELIE VAN HET
KONINKRIJK" is
wat onze Heere Jezus Christus gedurende Zijn aardse bediening
predikte, overeenkomstig Matth.4:23. Door dit vers te vergelijken
met Matth.4:17 weten we dat "HET
EVANGELIE VAN HET KONINKRIJK"
de prediking is van het goede nieuws, dat het "KONINKRIJK
DER HEMELEN NABIJ IS".
Dit was het "Koninkrijk" waarvoor Christus Zijn discipelen leerde te
bidden, in Matth.6:10,
"UW KONINKRIJK KOME.
UW WIL GESCHIEDE GELIJK IN DE HEMEL, ALZO OOK OP DE AARDE."
God beloofde in het
Oude Testament een Koninkrijk op aarde te vestigen, dóór het volk
Israël, met Christus als hun Koning! Toen Christus op aarde was werd
het goede nieuws, dat het Koninkrijk nabij was, verkondigd. In
Matth.10:7 vinden we hetzelfde evangelie, waartoe de twaalf
Apostelen waren uitgezonden om te verkondigen. Ook in Matth.10:5,6
leren we, dat dit evangelie het goede nieuws was voor het volk
Israël. Het is verbazingwekkend, maar niettemin waar, dat, nadat de
twaalf Apostelen dit "evangelie" enige tijd hadden gepredikt, zij
niet wisten van het doel van Christus om aan het kruis, voor
hun zonden, te gaan sterven. Wij weten dat dit zo is, omdat
later, toen Christus tot Zijn Apostelen begon te vertellen dat Hij
naar Jeruzalem zou gaan om te sterven, zij Hem niet hebben geloofd.
Zij hebben ook niet begrepen waarover Hij sprak. De reden was dat
zij het goede nieuws omtrent het Koninkrijk predikten. Zij
verwachtten het Koninkrijk op aarde en Hem als hun Koning op de
troon in Jeruzalem - zie Matth.16:21,22; Luk.18:31-34; Luk.19:11.
Hoe konden de 12
Apostelen toen hetzelfde evangelie prediken als de Apostel Paulus
later predikte als zij in die tijd nog niets van het kruis wisten of
begrepen? Toch zegt Paulus dat hij predikte:
"HET KRUIS" en
"CHRISTUS GEKRUISIGD"! (1Cor.1:18,23)
Dit is het punt. Het
evangelie dat de twaalf Apostelen predikten gedurende de aardse
bediening van Christus, is NIET hetzelfde evangelie waarmee
Paulus later werd uitgezonden om te prediken. Het evangelie dat
Paulus predikte, volgens 1Cor.15:1-4, was het goede nieuws van de
dood, begrafenis, en opstanding van Jezus Christus voor onze
zonden.
Paulus vertelt ons in
de brief aan de Galaten, hoofdstuk 1:11,12, van Wie hij zijn
evangelie ontving. Het was na de opstanding en hemelvaart, dat
Christus aan de Apostel Paulus alles openbaarde, wat aan het kruis
was volbracht. In Handelingen 20:24 noemt Paulus deze boodschap "HET
EVANGELIE DER GENADE GODS".
In Galaten 2:1,2 zien we, dat dit evangelie bestemd is voor zowel de
Heidenen als de Joden; en in Galaten 2:6-10 vinden we dat de twaalf
Apostelen over dit evangelie leerden van Paulus.
In deze tijd van
genade heeft God Israël, als volk, terzijde gesteld, en het beloofde
Koninkrijk tot een toekomstige tijd uitgesteld. Daarom is het
"EVANGELIE VAN HET
KONINKRIJK", NIET
Gods
boodschap of goed nieuws voor ons vandaag de dag. Het is Gods genade
evangelie dat het goede nieuws voor onze tijd is n.l. het kruis, en
hoe zondaren uit alle volken gered kunnen worden. Dat is de
boodschap van God voor vandaag.
Dat is de reden dat de
brief, van de apostel Paulus aan de Romeinen, de eerste brief is die
aan ons is gericht. De brief aan de Romeinen leert ons precies hoe
God in deze tijd zondaren redt. Daarvoor is hetgeen wat volgt de
boodschap van God, het: “goede nieuws” voor U en voor mij!
"DAAROM ZAL UIT DE
WERKEN DER WET GEEN VLEES GERECHTVAARDIGD WORDEN VOOR HEM; WANT DOOR
DE WET IS DE KENNIS DER ZONDE.
"MAAR NU IS DE
RECHTVAARDIGHEID GODS GEOPENBAARD GEWORDEN ZONDER DE WET, HEBBENDE
GETUIGENIS VAN DE WET EN DE PROFETEN:
"NAMELIJK DE
RECHTVAARDIGHEID GODS DOOR HET GELOOF VAN JEZUS CHRISTUS, TOT ALLEN
EN OVER ALLEN DIE GELOVEN; WANT ER IS GEEN ONDERSCHEID.
"WANT ZIJ HEBBEN ALLEN
GEZONDIGD EN DERVEN DE HEERLIJKHEID GODS
"EN WORDEN OM NIET
GERECHTVAARDIGD, UIT ZIJN GENADE, DOOR DE VERLOSSING DIE IN CHRISTUS
JEZUS IS;
"WELKEN GOD
VOORGESTELD HEEFT TOT EEN VERZOENING DOOR HET GELOOF IN ZIJN BLOED,
TOT EEN BETONING VAN ZIJN RECHTVAARDIGHEID, DOOR DE VERGEVING DER
ZONDEN, DIE TEVOREN GESCHIED ZIJN ONDER DE VERDRAAGZAAMHEID GODS;
"TOT EEN BETONING VAN
ZIJN RECHTVAARDIGHEID IN DEZEN TEGENWOORDIGEN TIJD; OPDAT HIJ
RECHTVAARDIG ZIJ, EN RECHTVAARDIGENDE DENGENE, DIE UIT HET GELOOF
VAN JEZUS IS.
"WAAR IS DAN DE ROEM?
HIJ IS UITGESLOTEN. DOOR WAT WET? DER WERKEN? NEEN, MAAR DOOR DE WET
DES GELOOFS.
"WIJ BESLUITEN DAN,
DAT DE MENS DOOR HET GELOOF GERECHTVAARDIGD WORDT, ZONDER DE WERKEN
DER WET." ROMEINEN 3:20-28
"WANT INDIEN WIJ
VIJANDEN ZIJNDE, MET GOD VERZOEND ZIJN DOOR DEN DOOD ZIJNS ZOONS,
VEEL MEER ZULLEN WIJ VERZOEND ZIJNDE, BEHOUDEN WORDEN DOOR ZIJN
LEVEN." ROMEINEN 5:10
"MAAR UIT HEM ZIJT GIJ
IN CHRISTUS JEZUS, DIE ONS GEWORDEN IS WIJSHEID VAN GOD, EN
RECHTVAARDIGEHEID EN HEILIGMAKING EN VERLOSSING."1 CORINTHE 1:30
"OF WEET GIJ NIET, DAT
ZOVELEN ALS WIJ IN CHRISTUS JEZUS GEDOOPT ZIJN, WIJ IN ZIJN DOOD
GEDOOPT ZIJN?" ROMEINEN 6:3
Definitie
#1 Rom.3:21.
"G E R E C H T I G H E
I D"
GERECHTIGHEID: Is Gods
standaard voor volmaaktheid
Deuteronomium 32:4:
Hij is de Rotssteen, Wiens werk volkomen is; want al Zijn wegen zijn
gerichte. God is waarheid, en is geen onrecht; rechtvaardig en recht
is Hij”.
Als u Gods geboden
leest in Exodus 20:1-20, en de bergrede van Christus in Matth.5-7,
dan zult u zien, dat Gods standaard voor ‘recht’ is: absolute
VOLMAAKTHEID.
Matth.5:48 zegt:
"WEEST DAN GIJLIEDEN
VOLMAAKT, GELIJK UW VADER, DIE IN DE HEMELEN IS, VOLMAAKT IS."
Absolute volmaaktheid
is "heiligheid", en alleen God bezit heiligheid. De Bijbel zegt: God
is heilig (Jes.6:3 en Jes.57:15); maar volgens Jesaja 64:6 zijn:
"DE GERECHTIGHEDEN VAN
DE MENS ALS EEN WEGWERPELIJK KLEED IN DE OGEN VAN GOD".
Als we nu onze
aandacht vestigen op het boek Romeinen, vinden we daar deze zelfde
waarheden meer in detail onderwezen. Rom.1:18 tot 3:20 leert als
basis twee leerstellingen:
1.
God moet de zondaar oordelen en verdoemen, omdat Hij (God) heilig
is, en Zijn gerechtigheid dat eist!
Ook in de maatschappij
kunnen we de mensen niet toestaan de wet te overtreden. Er moet
recht zijn. Zo is het ook met God.
Rom.1:18 zegt:
"WANT DE TOORN GODS
WORDT GEOPENBAARD VAN DEN HEMEL OVER ALLE GODDELOOSHEID EN
ONGERECHTIGHEID DER MENSEN, DIE DE WAARHEID IN ONGERECHTIGHEID TEN
ONDER HOUDEN."
(Zie ook Rom.2:12,16)
De tweede leerstelling
in Rom.1:18-3:20 is:
2.
Iedereen is een zondaar!
Het heeft geen zin dit
te ontkennen. Wij moeten allen toegeven, dat we verkeerde dingen
gedaan hebben (en nog steeds doen). De Bijbel zegt het volgende:
Rom.3:9 "...ALLEN ZIJN
ONDER DE ZONDE".
Rom.3:19 "...ALLE MOND
GESTOPT WORDE, EN DE GEHELE WERELD VOOR GOD VERDOEMELIJK ZIJ."
Rom.3:20 "...GEEN
VLEES ZAL VOOR GOD GERECHTVAARDIGD WORDEN."
Rom.3:23 "...ALLEN
HEBBEN GEZONDIGD EN DERVEN DE HEERLIJKHEID GODS."
Daardoor, omdat God
Heilig is, en de zondaar moet oordelen, en omdat iedereen zondig is,
heeft de mensheid een groot probleem. En daarom openbaart Paulus nu
de oplossing van het dilemma dat in de mens is. De oplossing is in
het "evangelie" dat door God aan Paulus gegeven is - Rom.1:16; 2:16.
In Rom.3:21 begint
Paulus Gods oplossing te ontvouwen:
"MAAR
NU
IS DE RECHTVAARDIGHEID GODS GEOPENBAARD GEWORDEN ZONDER DE WET,
HEBBENDE GETUIGENIS VAN DE WET EN DE PROFETEN."
"MAAR
NU"
- Hier begint de
grote oplossing van het zondeprobleem van de mens. De mens is een
zondaar, maar....
"NU" - Geeft
aan, dat het probleem opgelost is, en dat de oplossing voor het
eerst aan de mensheid wordt bekend gemaakt.
"DE GERECHTIGHEID
GODS...IS GEOPENBAARD GEWORDEN."
Dit betekent niet, dat
Gods gerechtigheid tevoren niet bekend was. Het betekent, dat Gods
standaard van recht (de volmaaktheid van God), nu beschikbaar
gesteld wordt aan de mensheid, door het evangelie.
God heeft aan de mens
Zijn heilige wetten gegeven, maar de mens was niet in staat deze te
houden. Sommige mensen hopen, dat zij naar de hemel zullen gaan,
door de tien geboden te onderhouden. Het punt in Rom.3:19,20 is
namelijk dat, als mensen deze wetten zouden lezen, en eerlijk zouden
zijn ten opzichte van zichzelf en God, "IEDERE
MOND" gestopt
zal worden, en iedereen zou moeten erkennen dat ze Gods wetten
overtreden hebben. De reden waarom God de Wet gaf was om de mens
zijn zondige aard te tonen, en zijn behoefte aan een Redder, welke
is de Heere Jezus Christus. (Zie Gal.3:24 en 25).
Het probleem is dat
men te kort komt aan de gerechtigheid die God eist om in de hemel te
komen. Maar nu is deze gerechtigheid beschikbaar geworden. Uit een
bron die buiten de mens zelf is. Gods gerechtigheid wordt nu, als
een gift, aan de mensheid aangeboden.
PRAKTISCH PUNT:
Omdat
GODS STANDAARD VOOR
VOLMAAKTHEID
vereist wordt als toegang tot de hemel, kunnen onze werken ons niet
redden. In feite maakt onze gerechtigheid hier geen enkel deel van
uit. De Schrift wijst ons op Christus, en Zijn gerechtigheid.
Nog één ding. Omdat
wij allen zondaars zijn, kunnen onze werken ons niet redden, maar
zullen ons verdoemen! En, let wel: Wij zijn geen zondaars omdat we
zondigen, maar we zondigen omdat we zondaars zijn.
--------------------------------------------------------
Hoe
kan een mens de standaard van God bereiken?
LEES VERDER!
Definitie#2
Rom.3:22.
“TOEREKENING”
TOEREKENING betekent:
Gods gerechtigheid wordt aan iemand toegerekend.
Het
woord "beschuldiging" of "toerekening", wordt in Rom. 3:22 niet
gebruikt. Het wordt in Romeinen hoofdstuk 4 gebruikt. Maar het woord
"TOT"
in Rom.3:22, draagt dezelfde gedachte (zie Rom.4:3). Het woord
"toerekenen" is eigenlijk een boekhoudkundige term, hetgeen
betekent: "Iemands rekening crediteren". Bijvoorbeeld, veronderstel
dat mijn bankrekening niet hoog genoeg is om mijn schulden te
betalen. Iemand die mij liefheeft, en het geld heeft, kan de nodige
som geld, die mij uit de gevangenis zal houden, op mijn bankrekening
overschrijven.
"DE RECHTVAARDIGHEID
GODS IS TOT ALLEN EN OVER ALLEN DIE GELOVEN." (Rom.3:21)
Omdat
de mens "DERFT",
("tekort schiet") (Rom.3:23), en zichzelf niet rechtvaardig kan
maken, zal hem, van God uit, rechtvaardiging worden geschonken. Er
is geen andere hoop voor de mens. Dit is precies wat Rom.5:17
eigenlijk zegt:
GERECHTIGHEID IS EEN GAVE VAN GOD
God
schenkt zijn gerechtigheid aan de mens "DOOR
HET GELOOF VAN JEZUS CHRISTUS",
zie Romeinen 3:22. Dit wil zeggen, dat God Zijn rechtvaardigheid aan
de mens ter beschikking heeft gesteld vanwege de trouw en het geloof
van Jezus Christus. God schenkt ons Zijn gerechtigheid niet als een
beloning, vanwege onze trouwe dienst aan Hem maar als gave vanwege
de trouwe dienst van Christus aan Hem. Christus deed altijd de wil
van Zijn Vader. Ook toen de tijd kwam om Zijn leven te geven, om aan
het kruis te sterven voor onze zonden. De volgende verzen bevestigen
dat het God gaat om de getrouwheid van Christus, en niet om die van
ons, als het gaat om onze redding.
Ef.3:12 - leert dat onze toegang tot God is door het geloof van
Christus. (Statenvertaling).
Fil.3:9 - zegt, dat het niet mijn rechtvaardigheid is, welke mij
redt, maar de rechtvaardigheid van Christus, en mijn geloof in Hem.
Er
zijn in Romeinen 3:22 twee belangrijke zinsneden waar wij nu
aandacht aan schenken:
1.
"TOT ALLEN"
- Dit spreekt van een onbegrensde voorziening! Gods gerechtigheid is
voor iedereen beschikbaar. Dit is geweldig nieuws, en weer zullen de
volgende verzen dit wonderbare nieuws bevestigen:
1
Tim.2:4 "GOD, ONZE ZALIGMAKER, WELKE WIL, DAT ALLE MENSEN ZALIG
WORDEN, EN TOT KENNIS DER WAARHEID KOMEN."
1
Tim.4:10 "...OMDAT WIJ GEHOOPT HEBBEN OP DEN LEVENDEN GOD, DIE
EEN BEHOUDER IS ALLER MENSEN, MAAR ALLERMEEST DER GELOVIGEN."
1
Tim.1:15 "...CHRISTUS KWAM
OM ZONDAREN TE REDDEN..."
Vergelijk dit met Rom.3:23, waar gezegd wordt: "...ALLEN
HEBBEN GEZONDIGD..."
MERK OP: De
voorzienigheid van het kruis werd niet altijd "OVER
ALLEN" uitgeroepen. In
vroegere tijden was het beperkt tot Israel - (Jes.53:4-8 &
Matt.26:28). Rom.3:21 begint echter met "MAAR
NU", een verandering
aangevend, en dat de voorziening nu is: VOOR
ALLEN.
De
andere belangrijke zinsnede in Romeinen 3:22 is deze:
2.
"OVER ALLEN DIE GELOVEN"
- Dit spreekt van een begrensde toepassing!
Omdat
Gods gerechtigheid voor iedereen beschikbaar is, wordt deze alleen
toegerekend aan hen die geloven. God heeft in Zijn grote wijsheid
gekozen, om Zijn gerechtigheid alleen toe te rekenen aan diegenen,
die gekozen hebben om op Hem hun vertrouwen te stellen.
Rom.1:16 "...HET EVANGELIE VAN CHRISTUS...IS DE KRACHT GODS TOT
ZALIGHEID (REDDING) EEN IEGELIJK, DIE GELOOFT..."
Rom.4:3 "...ABRAHAM GELOOFDE GOD, EN HET WERD HEM TOT GERECHTIGHEID
GEREKEND".
Rom.4:23,24 "NU IS HET NIET
ALLEEN OM ZIJNENTWIL GESCHREVEN, DAT HET HEM TOEGEREKEND IS; MAAR
OOK OM ONZENTWIL, WELKEN HET ZAL TOEGEREKEND WORDEN, NAMELIJK
DENGENEN, DIE GELOVEN IN HEM, DIE JEZUS, ONZEN HEERE, UIT DE DODEN
OPGEWEKT HEEFT."
1
Cor.1:21 "...ZO HEEFT HET GODE BEHAAGD,...ZALIG TE MAKEN, DIE
GELOVEN."
Ter
illustratie van hetgeen we tot dusver hebben geleerd, laat ons
zeggen dat een zeker man ernstig ziek werd. Hij werd zo ziek, dat
hij zijn baan heeft verloren, en geen ziektekostenverzekering heeft.
Daarna ontdekt hij, dat er een operatie mogelijk is die hem kan
genezen en zonder welke hij zal sterven. Omdat hij echter zijn baan
verloren heeft en geen verzekering tegen ziektekosten heeft, kan hij
zich de operatie niet veroorloven. Dan leest hij op zekere dag in de
krant over een zeer rijk mens. Deze mens adverteert dat hij op de
bankrekening van iemand die in zulke omstandigheden verkeert de
kosten voor alle medische zorg wil storten. Als die persoon gelooft
in wat hij gelezen heeft, en dit aanbod accepteert, zal hij leven.
Maar als hij geen aandacht aan deze mogelijkheid schenkt, en zich
gedraagt als iemand die wel voor zichzelf kan zorgen, zal hij in
deze hopeloze toestand sterven.
Praktisch Punt:
De
illustratie mag gefantaseerd zijn, maar de waarheid in de Schrift is
dat niet. Christus was getrouw. Hij leefde zonder te zondigen. Hij
stierf voor onze zonden. De voorzienigheid is er voor iedereen, maar
Zijn gerechtigheid wordt slechts gegeven aan degenen die geloven, en
deze zullen Zijn gerechtigheid dan ook ontvangen.
Omdat
Christus betaald heeft voor alle zonden, en omdat God Zijn
gerechtigheid op mijn rekening schreef op het moment dat ik in
Christus geloofde, ben ik er zeker van dat ik altijd gerechtvaardigd
zal blijven. Hoewel er tijden komen dat mijn rechtvaardigheid
verzwakt.
Betekent toegerekende gerechtigheid, dat God mij rechtvaardig maakt?
LEES VERDER!
Definitie#3 Rom.3:24.
RECHTVAARDIGING
RECHTVAARDIGING
betekent : Iemand als rechtvaardig beschouwen, of als zodanig
verklaren.
Het Griekse woord voor
"rechtvaardigen" is eigenlijk hetzelfde Griekse woord, vertaald in
Romeinen 3:21,22, met "rechtvaardigheid". Daarom nogmaals: "RECHTVAARDIGING"
betekent iemand rechtvaardig verklaren.
Merk op:
Dit betekent
NIET, dat de
gelovige rechtvaardig gemaakt is voor wat zijn praktische leven
betreft. Het betekent dat God hem rechtvaardig verklaart. Herinner
u, dat de rechtvaardigheid, die aan de gelovige geschonken wordt,
niet overhandigd wordt, maar op zijn rekening is gestort. U bent
niet net zo rechtvaardig gemaakt als Jezus Christus, u bent geboekt
als iemand die Zijn gerechtigheid heeft. Het is op deze basis, dat
God u rechtvaardig verklaart.
WIE WORDT
DOOR GOD RECHTVAARDIG VERKLAART, EN WAAROM; EN HOE KAN EEN HEILIG
GOD DAT DOEN?
Job was de eerste, die
deze kwestie aansneed (Job 25:4):
"HOE
ZOU DAN EEN MENS RECHTVAARDIG ZIJN BIJ GOD, EN ZOU HIJ ZUIVER ZIJN,
DIE VAN EEN VROUW GEBOREN IS?"
Tenslotte wordt in het
aan Paulus gegeven evangelie het antwoord bekend gemaakt - Rom.3:28:
"WIJ
BESLUITEN DAN, DAT DE MENS DOOR HET GELOOF GERECHTVAARDIGD WORDT,
ZONDER DE WERKEN DER WET."
Herinnert u zich nog
de vorige twee woordstudies. We begrijpen uit het woord
"toerekenen", dat God Zijn rechtvaardigheid op rekening zet van
allen, die in Christus geloven. Daardoor, hoewel ik een zondaar ben
(zoals Rom.3:23 duidelijk vaststelt), crediteert God Zijn
gerechtigheid aan mij, en verklaart mij dan rechtvaardig. Dat is
“rechtvaardiging”.
Rom.8:33 zegt, wij
zijn gerechtvaardigd door God - Hij is de bron.
Rom.5:9 zegt, wij zijn
gerechtvaardigd door Zijn bloed – het bloed van Christus is
de basis.
Rom.3:24 zegt, wij
zijn gerechtvaardigd door genade - Dit is het middel.
Rom.5:1 zegt, wij zijn
gerechtvaardigd door geloof - Hier is de toerekening.
Rom.4:25 zegt, wij
zijn gerechtvaardigd door de opstanding van Christus. - Dat
is de garantie.
"RECHTVAARDIGING" IS
EEN WETTELIJKE TERM.
Zij spreekt van een
gunstig oordeel van God, dat uitgesproken wordt op het moment, dat
een mens in Christus gelooft. Het ongunstige oordeel van God is
"verdoemenis", welke reeds op ons is en door de dood verzegeld voor
hen, die weigeren om in Christus te geloven. Het eindoordeel zal
komen, bij het toekomstige "grote witte troongericht van God",
waarover wordt gesproken in Openbaringen 20:11-15.
Gerechtshoven zijn
altijd erg beangstigend, speciaal wanneer u het bent, die voor de
rechter moet verschijnen. Als we denken aan de uitdrukking
"Rechtvaardiging", dan speelt dit zich af in het gerechtshof van
Gods gericht. God is de Rechter. Zijn gerechtigheid is de maatstaf.
Het moment van deze hoorzitting is ons leven (niet na ons sterven).
Daar staan we voor de
hoge en heilige rechterstoel; we staan daar, wetende dat we
tekortschieten aan Zijn standaard van heiligheid. Wij weten dat we
zondaars zijn, en wij weten dat we schuldig zijn! En toch, als wij
slechts geloven in dat wat Christus voor ons aan het kruis volbracht
heeft, zal Zijn gerechtigheid op onze rekening worden bijgeschreven.
Als God ons dan oordeelt, zal het zo zijn, dat Hij de gelovige "RECHTVAARDIG"
verklaart!
Praktisch Punt:
De praktische
toepassing van deze leer kan niet beter worden weergegeven dan in
Rom.8:33:
"WIE ZAL BESCHULDIGING
INBRENGEN TEGEN DE UITVERKORENEN GODS? GOD IS HET DIE RECHTVAARDIG
MAAKT."
Er bestaat geen zonde
die een gerechtvaardigd iemand tot de hel kan veroordelen. Geen
mens, ook niet jezelf, ook niet de duivel kan u beschuldigen van
iets, wanneer God u rechtvaardig heeft verklaard. Dit was Paulus
zijn redenering na de verklaring in Rom.8:31:
"ZO
GOD VOOR ONS IS, WIE ZAL TEGEN ONS ZIJN?"
LEES
VERDER!
Definitie#4
Rom.3:24
"G E N A D E"
GENADE:
Is de onverdiende gunst van God.
"Genade" is zulk een
karaktertrek van God (net als Zijn Liefde), dat menselijke woorden
niet toereikend zijn om de betekenis er van uit te drukken.
Romeinen 3:24 begint:
"En worden om niet gerechtvaardigd, uit Zijn genade"
Sommigen hebben
"genade" gedefinieerd als "onverdiende gunst", en dat is waar. Alle
gunst echter is onverdiend. Dat is de betekenis van gunst.
GENADE
is meer dan gunst. Gunst verlost de misdadiger uit de greep en uit
de gevangenis, maar
GENADE
betaalt de schuld van de misdadiger, en zet hem in de vrijheid om
het goede leven te genieten.
Wanneer we zeggen dat
GENADE
"onverdiende gunst" is, zeggen we dat deze gunst
NIET
kan worden verdiend. Het is niet zo dat u het zou kunnen verdienen.
Het is een feit, dat je het
NIET KUNT
verdienen. Omdat wij allen zondaars zijn, is er niets dat wij kunnen
doen om Gods gunst te verkrijgen. Zelfs al zou u, vanaf nu,
voortdurend goede werken doen, en al uw tijd opofferen om anderen te
helpen, en u zou 24 uur per dag grote en wonderbare dingen doen voor
de rest van uw leven om God te behagen, dan zou God u en uw pogingen
nog niet accepteren, omdat Hij heilig is, en u bent nog steeds een
zondaar. U kunt uw zonden niet wegwerken.
Gods redding kan niet
worden verdiend, het is een
GIFT
van God! - Zie Ef.2:8-9. Het woord voor "GENADE"
(in het Grieks) is "Charis". Het woord voor "GIFT"
(in het Grieks) is "Charisma". U kunt gemakkelijk zien, dat de
grondbetekenis van het woord
GENADE GIFT is.
Rom.11:6 is een vers,
dat duidelijk de tegenstelling aangeeft tussen "werken" en "genade".
Het doet dit omdat zij precies tegengesteld zijn. Een gift is iets
dat gratis gegeven wordt, maar werk is iets dat u doet om loon te
verdienen. Rom.6:23 vertelt ons welke beloning ons wacht:
"WANT DE BEZOLDIGING DER ZONDE IS DE DOOD, MAAR DE GENADEGIFT GODS
IS HET EEUWIGE LEVEN DOOR JEZUS CHRISTUS ONZEN HEERE."
Wij willen niet graag
ontvangen wat onze zonden voor ons verdiend hebben. Wij willen
liever de gift die van God komt, door Christus.
Sinds we begonnen zijn
met het bestuderen van Rom.3:21-24 hebben we gezien dat Gods
rechtvaardigheid vandaag de dag beschikbaar is voor alle mensen,
maar zij wordt slechts toegerekend aan hen die geloven. Dan
verklaart (rechtvaardigt) God, door dat geloof, de zondaar
rechtvaardig. Wij leren nu, dat dit alles geschiedt "GRATIS
DOOR ZIJN GENADE".
Wat een wonderbare God hebben we!
Ef.3:1-5 leert ons,
dat Gods boodschap van genade het eerst werd geopenbaard aan Paulus.
Het was door de Apostel Paulus dat Gods Woord van genade tot de
Heidenen gepredikt werd.
In Gal.1:13-16 geeft
Paulus getuigenis, dat het Gods genade was, die hem veranderde van
de voornaamste vijand van Christus, tot de voornaamste prediker
onder de Heidenen.
1
Tim.1:11-16 verklaart waarom God Paulus gebruikte voor deze opdracht
om Zijn genade bekend te maken. Het was omdat de bekering van Paulus
model staat voor genade. Paulus verdiende de ergste straf der hel,
maar door Gods genade werd hij gered, en werd hem het recht gegeven,
zoals alle gelovigen dat vandaag hebben, om gezet te worden in den
hemel in Christus Jezus. (Ef.2:6).
We zeiden reeds:
"gunst verlost de misdadiger uit de greep, maar genade betaalt voor
hem zijn schuld". Rom.3:24 gaat verder, en vertelt ons dat God
vandaag vrij is, om met de mens in
GENADE
te handelen, vanwege hetgeen Christus voor ons aan het kruis
volbracht heeft. Christus betaalde voor onze zonden, en door Hem te
ontvangen, zijn wij vrijgemaakt om Gods liefde te genieten, en te
leven in Zijn gunst!
Praktisch Punt:
In alles, wat voor
mijn redding is vereist, werd door God voorzien. Redding
(behoudenis) is het werk van God om mijnentwil. Nu, teneinde dit
zicht in ons harde, stugge, menselijke hoofd te doen binnendringen,
wordt ons verteld, dat rechtvaardiging, van onze kant, onverdiend
is. Daarentegen is het ons, van Gods kant, gratis geschonken. Het
kan niet beter duidelijk gemaakt worden. Redding komt tot ons,
NIET
op grond van werken, maar op grond van een vrije gift van God.
Omdat ik nu in Gods
gunst ben, los van enig goed werk van mijzelf, verandert Gods
houding niet ten opzichte van mij als ik soms een slechte daad zou
doen.
Voordat u nu wellicht
voorbarig tot enige conclusie komt, begrijp dan alstublieft, dat dit
niet betekent dat een gelovige vrijuit kan gaan, en door kan gaan
met zondigen. In tegenstelling tot populair inzicht, maar in
overeenstemming met de Schrift, geldt, dat, als een gelovige staat
op deze genade van God, deze hem zal motiveren om goede werken te
doen! - zie Titus 2:11,12.
---------------------------------------
Wat bewerkstelligde
Christus op het kruis?
LEES VERDER.
Definitie#5
Rom.3:24
"V E R L O S S I N G"
VERLOSSING:
Is vrijheid door het betalen van een prijs.
Neem speciaal nota van
het feit, dat alle zegeningen, in Rom.3:21-24, die wij tot dus ver
bestudeerd hebben, namelijk:
- Gods Gerechtigheid -
vandaag de dag beschikbaar voor alle mensen, en speciaal toegerekend
aan degenen die geloven.
- Rechtvaardiging –
waardoor God de gelovige zondaar, vrijelijk, door Zijn Genade,
rechtvaardig verklaart.
beschikbaar kwamen
door één geweldige gebeurtenis. Alles in Rom.3:21-28 hangt af van
deze ene gebeurtenis, die te vinden is in het laatste gedeelte van
vers 24:
"DOOR
DE VERLOSSING WELKE IS IN CHRISTUS JEZUS".
Hoewel al deze
zegeningen gratis aan ons worden geschonken, hadden de zegeningen
een prijskaartje: de Heere Jezus Christus betaalde de prijs. Het
woord "verlossing" was een heel gewoon woord in Bijbelse dagen. Het
werd gebruikt bij de koop van een slaaf. Er waren drie (3)
verschillende typen van verlossing:
1.
"Agorazo" - hetgeen betekent, kopen op de markt. Een soort
koopcentrum. In Bijbelse tijden kon iemand naar de slavenmarkt gaan
en een slaaf kopen.
2.
"Exagorazo" - hetgeen betekent, loskopen van de marktplaats. Om de
één of andere reden kon een slaaf gekocht worden op de marktplaats
om nimmer opnieuw te koop aangeboden te worden.
3.
"Lutroo" - wat betekent een prijs betalen voor het vrijkopen. De
prijs die wordt betaald voor het vrijkopen van een slaaf wordt “losprijs”
genoemd. Volgens dit type van kopen wordt de “losprijs” voor
hem betaald zodat hij geheel vrij is, bevrijd van dienstbaarheid.
Het Griekse woord voor
“verlossing”, in Rom.3:24, is “apolutroseous” hetwelks een sterkere
vorm is van “lutroo”. Hetgeen Rom.3:24 ons wil zeggen is dat de
losprijs is betaald en dat we zijn bevrijd van dienstbaarheid.
In de Bijbelse dagen
werd iemand soms slaaf als hij zijn schulden niet kon betalen. In
Leviticus 25:25-27, legde God de voorwaarden op in de wet der
lossing:
1. De Verlosser moest
een verwant zijn.
2. De Verlosser moest
in staat zijn de volle prijs te betalen.
3. De Verlosser moest
gewillig zijn de prijs te betalen.
Als een verwant de
slaaf genoeg liefhad, en in staat was om de schuld af te betalen, en
gewillig was om dat te doen, kon hij naar de slavenmarkt gaan en de
prijs voor die slaaf betalen, en hem vervolgens de vrijheid
schenken. Dit is vrijheid door betaling van een prijs. Dit is wat de
Heere Jezus Christus voor ons deed, toen hij stierf aan het kruis.
Wij werden slaven
onder de schuld van onze zonde. Rom.6:23 zegt, dat de dood het loon
is van de zonde. De Heere Jezus had ons genoeg lief, om naar de
aarde (de slavenmarkt) te komen (door maagdelijke geboorte), verwant
zijnde aan de mensheid, als zondeloze Zoon van God. Hij stierf
gewillig aan het kruis, en vergoot Zijn bloed als prijs voor onze
zonde.
Gods gerechtigheid
wordt ons, die geloven, toegerekend, en wij worden rechtvaardig
verklaard door Zijn Genade.
ALLEEN
omdat de Heere Jezus
de prijs betaalde, zijn wij vrijgesteld van de zonde. Geen wonder
dat de Bijbel zegt dat onze redding een gift is, en niet uit werken.
Het werk is gedaan! Niet alleen stierf Christus voor onze zonden,
maar hij werd opgewekt voor onze rechtvaardigmaking - Rom.4:25:
“Welke overgeleverd is
om onze zonden, en opgewekt om onze rechtvaardigmaking”.
Praktisch Punt:
Sommigen die de
waarheid van de redding, als geschenk zonder de werken aan hen die
geloven, afwijzen, reageren op deze leer door deze af te doen als
"goedkope genade".
Hoe durft iemand te
wijzen naar het bloed van Christus, dat op Golgotha vergoten werd
tot betaling van de zonden van de mens, als "goedkope genade", en
dan van eigen werken te denken als iets van meerdere waarde? Die
manier van denken leidt mij ertoe te geloven, dat dezen nog in hun
zonden zijn!
Nog iets wat
verlossing bewerkt, is, dat zij de mens vrij maakt van schuld. Omdat
Jezus Christus voor mijn zonden heeft betaald, en dat is meer dan
mij alleen uit de greep te bevrijden, kan ik nu altoos voor God
leven, met een schoon en dankbaar geweten. Als niet voor mijn zonden
was betaald, zou ik de schuld van die zonden mee hebben te dragen.
Bijvoorbeeld, als u mij geld schuldig zou zijn, en niet kon terug
betalen, en ik met u zou afhaken, dan zou u daarna, telkens als u
mij zag, eraan herinnerd worden hoe u mij bedroog voor een
geldbedrag. Maar als vrienden van u mij, namens u, zouden
terugbetalen, kunt u mij weer met een rein geweten aanzien, telkens
als we elkaar weer zouden ontmoeten.
Zo geldt het nu ook
voor onze verhouding met God, de Vader, omdat Jezus Christus voor
onze zonden betaalde.
---------------------------------------------
Verlossing is hetgeen
Christus voor de mensen heeft verwezenlijkt, maar tegelijkertijd
verwezenlijkte Jezus Christus iets voor God de Vader.
LEES VERDER!
Definitie#6
Rom.3:25.
“GENOEGDOENING"
GENOEGDOENING
betekent: gunstig stemmen of voldaan zijn.
In heidense kringen
was het een woord, dat betekende: "de goden gunstig stemmen". De
Bijbelse zin van het woord spreekt van datgene, wat de
rechtvaardigheid van God tevredenstelt.
Vanaf het begin van
onze studie hebben we reeds aangeduid, dat Rom. 3:23 zegt dat wij
allen zondaars zijn. Zonde is het breken van Gods wetten. Wij hebben
dan ook allen Gods recht weerstaan. Dit kan God niet zomaar voorbij
laten gaan.
Zelfs in onze
maatschappij hebben we een stelsel standaarden die wij de wet
noemen. Wanneer één van deze wetten wordt gebroken, hebben we een
juridisch systeem, dat vergelding eist voor de gepleegde misdaad.
Dat noemen we gerecht. Een rechter kan niet een zaak onderzoeken, en
zien dat iemand schuldig is, en dan zeggen: "Wel, wij houden van u,
daarom laten wij u vrijuit gaan" Nee! onze wetten stellen duidelijk,
dat bepaalde misdaden dienen te worden gestraft met bepaalde
straffen.
Gods recht is ook zo,
alleen behandelt Hij alle zonden eender. Gods recht moet gehandhaafd
blijven. De straf voor breken van Zijn Wetten eist genoegdoening.
Dood, (die spreekt van scheiding van God) is de straf, die Gods
gerechtigheid eist. Als schuldige wetsovertreders kunnen wij niets
doen om onze verkeerdheid te beteren. Volgens Rom.3:25 echter was
het CHRISTUS
die verzoening verschafte, en die verzoening was door Zijn bloed.
Het eerste gedeelte van het vers, dat spreekt van Christus, luidt:
"WELKEN GOD
VOORGESTELD HEEFT TOT EEN VERZOENING, DOOR HET GELOOF IN ZIJN
BLOED..."
Verlossing is naar de
mens gericht, maar verzoening is naar God toe gericht. Christus
verschafte verzoening ten behoeve van de mensheid. Hij kocht de
redding van de mens. Tezelfdertijd voorzag Christus in de verzoening
namens God de Vader. Christus zijn dood aan het kruis voldeed aan de
eisen van Gods gerechtigheid.
Het Griekse woord voor
"verzoening" wordt ook vertaald als "verzoendeksel" in Hebr.9:5. De
troon der genade, in de Oudtestamentische tempel, was de plaats van
verzoening. De troon der genade was geplaatst in het Heilige der
Heiligen in de Joodse tempel. Deze had een voorhof waar het volk
zich verzamelde. De binnenste hof was het heiligdom waar de
dagelijkse offers werden geofferd. Gescheiden door een groot
voorhang, was een speciaal deel van het heiligdom, genaamd Heilige
der Heiligen. Het was hier, dat de Hogepriester slechts één maal in
het jaar binnenkwam, met het bloed van Israëls zondoffer. De
Hogepriester sprenkelde het bloed op de genadetroon (ark) van God,
als verzoening voor de zonden van het volk. Door het sprenkelen van
het bloed op de genadetroon werd aan Gods gerechtigheid gedurende
een jaar voldaan. Dit alles wees op Christus, die als de Hoge
Priester van de mensheid, Zijn heilig bloed, als het loon voor de
verzoening van de zonden van alle mensen, offerde.
Jesaja 53:10:11,
profeterend over de dood van Christus aan het kruis, zegt:
"DOCH HET BEHAAGDE DEN
HERE HEM TE VERBRIJZELEN. HIJ HEEFT HEM KRANK GEMAAKT; ALS ZIJN ZIEL
ZICH TOT EEN SCHULDOFFER GESTELD ZAL HEBBEN, ZO ZAL HIJ ZAAD ZIEN.
HIJ ZAL DE DAGEN VERLENGEN; EN HET WELBEHAGEN DES HEREN ZAL DOOR
ZIJN HAND GELUKKIGLIJK VOORTGAAN.
"OM DEN ARBEID ZIJNER
ZIEL ZAL HIJ HET ZIEN EN VERZADIGD WORDEN
(VOLDAAN ZIJN K.J.V.); DOOR ZIJN KENNIS ZAL MIJN KNECHT, DE
RECHTVAARDIGE, VELEN RECHTVAARDIG MAKEN, WANT HIJ ZAL HUN
ONGERECHTIGHEDEN DRAGEN."
Als God de Vader
tevreden is gesteld, doordat Jezus Christus de volle prijs betaald
heeft voor de straf voor onze zonden, dan zouden wij dit ook moeten
zijn. Christus heeft niets ongedaan of onvolledig gelaten. Hierdoor
is het, dat redding geschiedt door geloof en geloof alleen.
Praktisch Punt:
Sommige mensen geloven
niet, dat het genoeg is om alleen in Christus te geloven om gered te
worden. Zij denken dat er meer moet worden gedaan. Nee, de Schrift
maakt het duidelijk; Christus heeft alles volbracht. Nu leren we dat
God volledig tevreden is gesteld door het werk van Christus. Dit
wetend, zouden wij tevreden moeten zijn met wat God zegt wat genoeg
is, of wij zullen ontdekken dat we ons tegen God verzetten.
Als God, eens en voor
altijd, volledig voldaan is door de betaling voor de zonde, dan kan
ik rusten in de zekerheid, dat geen onbetaalde zonde is
overgebleven, die mij naar de hel kan zenden, zodra ik geloof.
___________________________
Als redding door
geloof, en alleen door geloof is, wat is "geloof" dan precies?
LEES VERDER!
Definitie#7 Rom.3:25.
"G E L O O F"
GELOOF
is: God op Zijn Woord nemen - en te rusten op Zijn getrouwheid.
Geloof is een
eenvoudige zaak. Het is iets dat wij elke dag beoefenen. De
gemiddelde automobilist vindt het heel gewoon dat hij met een hoge
snelheid, op een autoweg, op een afstand van 10 meter, achter een
andere auto rijdt. Wanneer zij een rood verkeerslicht naderen drukt
elke automobilist op de rem, in vol vertrouwen dat deze werken, en
hun wagen stoppen zal. Wij leven voortdurend in geloof. Wij
vertrouwen erop, dat onze werkgevers ons aan het eind van de maand
ons loon overmaken. Wij vertrouwen de labels op de levensmiddelen in
de supermarkt. Wij vertrouwen de bank ons geld toe, en ons leven aan
de artsen.
En toch, als we de
Bijbel nemen, verliezen we in zekere zin ons gezond verstand.
Sommige mensen zeggen: "Ik geloof!", maar wanneer men hen vraagt,
wat zij geloven, weten zij het niet. Sommigen zijn zo verward, dat
zij hun geloof vestigen op geloof. Zij denken, dat als zij maar
sterk genoeg geloven, dingen zullen uitkomen. Anderen hebben van
geloof een werk gemaakt. Zij zeggen "redding (behoudenis) is geen
gift, want je moet geloven". Dit is dwaasheid. Geloven is geen werk.
Rom.4:5 maakt dat duidelijk:
"DOCH DEGENE DIE NIET
WERKT, MAAR GELOOFT IN HEM, DIE DEN GODDELOZE RECHTVAARDIGT, WORDT
ZIJN GELOOF [VERTROUWEN] GEREKEND TOT RECHTVAARDIGHEID."
Let op dat er verschil
is tussen "GELOOF"
als persoonlijk vertrouwen op God en "GELOOF"
als het beamen van kerkelijke belijdenis. Wij lezen in Rom.3:21-28
de volgende punten:
Vers 22 zegt, dat Gods
rechtvaardigheid wordt toegerekend (tot allen en over allen) die
GELOVEN.
Vers 24 zegt, dat God
een mens rechtvaardig verklaart
OM NIET
door Zijn
GENADE, door
het werk van verlossing dat door Christus is verricht aan het
kruis.
Vers
25 zegt, dat Gods toorn tegen de mens, over de zonde, is weggedaan
door het volmaakte offer van Christus.
MAAR
het geeft ook aan dat de toorn van God niet eerder tevreden is
gesteld totdat de zondaar
GELOOF (VERTROUWEN) beoefent
in het bloed van Christus.
"DAAROM"
- besluit Vers 28, dat een mens gerechtvaardigd wordt door
GELOOF [VERTROUWEN],
zonder de werken der wet.
Wanneer de Bijbel zegt, dat een mens gerechtvaardigd, of gered is,
door GELOOF,
betekent dat niet, dat een mens gered is door alles te geloven wat
hij wil. Geloof is God nemen op Zijn Woord. Gelovig is de mens, die
tot God nadert overeenkomstig Gods voorwaarden! Deze termen (voor
deze tijd) zijn volgens Rom.3:25
"GELOOF IN ZIJN BLOED".
God zal redden, of rechtvaardigheid toerekenen, of elke zondaar
rechtvaardigen, die gelooft wat God heeft gezegd met betrekking tot
het bloed van Jezus Christus, namelijk, dat het de enig acceptabele
voldoening (schulddelging) is voor de zonde van de mens, en het enig
afdoende offer (verzoening) dat de rechtvaardigheid van God tot rust
zal brengen. Op het moment waarop een mens deze waarheid wil
geloven, verklaart God hem gerechtvaardigd! Zo is dan "reddend
geloof", het geloof in de persoon en het werk van Jezus Christus.
Het
kan helpen te bedenken, dat "GELOOF"
drie elementen in zich heeft:
1.
KENNIS - Men moet
weten "In Wie" en "In Wat" men moet vertrouwen - 2 Tim.1:12.
2.
GELOOF
- Men moet de feiten accepteren als waarheid – zie Rom.4:20-21.
3)
VERTROUWEN
– Nadat men de feiten kent en de feiten als waar aanneemt, dan moet
men verwezenlijk wat zij eisten. Men moet rusten in de waarheid.
De
reden dat we in volle verzekerdheid kunnen leven is dat we
gerechtvaardigd, verlost, en verzoend zijn met God door
ons geloof in wat God heeft gezegd en niet in wat we zelf geloven.
God is getrouw en kan niet liegen!
PRAKTISCH PUNT:
We
hebben reeds gezien, dat het werk der redding werd volbracht door
Christus. Dan zijn we tenslotte ertoe gekomen om te zien dat, door
geloof, "Gods redding", "Mijn redding" wordt. Iemand heeft het eens
op deze wijze gezegd: "Geloof is de arm van de aanvaarding".
Redding ontvangen is als het ontvangen van een geschenk. Iemand
overhandigt u het geschenk en u accepteert het. God biedt u eeuwig
leven, door Christus, als geschenk aan. Maar in dit geval kunt u
(zonder uw arm) niet reiken, en uw handen leggen op eeuwig leven of
op Christus om het geschenk aan te nemen. Daarom is het uw geloof in
wat God beloofde, dat het geschenk aanneemt.
Omdat
mijn geloof is in wat God zegt, dan is het waar, dat de dag waarop
ik voor het eerst in Christus vertrouwde als mijn Redder, God mij
redde. Dit weet ik, omdat God dat gezegd heeft. Daarom
WEET IK,
op het gezag van Gods Woord, dat ik eeuwig leven
HEB.
Welk een grote zekerheid heeft God aan mij gegeven. Deze kan
evengoed de uwe zijn. Lees 1 Joh.5:9-13, en noem God alstublieft
geen leugenaar.
“1Joh.5:9 Indien wij
de getuigenis der mensen aannemen, de getuigenis van God is meerder;
want dit is de getuigenis van God, welke Hij van Zijn Zoon getuigd
heeft”.
“1Joh.5:10 Die in den
Zoon van God gelooft, heeft de getuigenis in zichzelven; die God
niet gelooft, heeft Hem tot een leugenaar gemaakt, dewijl hij niet
geloofd heeft de getuigenis, die God getuigd heeft van Zijn Zoon”.
“1Joh.5:11 En dit is
de getuigenis, namelijk dat ons God het eeuwige leven gegeven heeft;
en ditzelve leven is in Zijn Zoon”.
“1Joh.5:12 Die den
Zoon heeft, die heeft het leven; die den Zoon van God niet heeft,
die heeft het leven niet”.
“1Joh.5:13 Deze dingen
heb ik u geschreven, die gelooft in den Naam des Zoons van God;
opdat gij weet, dat gij het eeuwige leven hebt, en opdat gij gelooft
in den Naam des Zoons van God”.
-----------------------------------
Zoals de Psalmist het
zei:
“Zulk een kennis is te
wonderbaarlijk voor mij”. Is er nog meer goed nieuws? Ja!
LEES VERDER!
Definitie#8 Rom.3:25.
“V E R G E V I N G"
VERGEVING:
Eigenlijk betekent vergeven – wegzenden, losmaken of vrijlaten.
Het Griekse woord
"APHESIS"
is vertaald zowel met "kwijtschelding" als "vergeving". Er worden
echter twee types van vergeving in de Bijbel geleerd. Vóór
het Kruis werd de mens een tijdelijke vergeving aangeboden, maar na
het Kruis werd de boodschap van totale, complete vergeving bekend
gemaakt.
In het Oude Testament
(Leviticus 4 & 5), als de priester, of het gewone volk, of één der
leiders een bepaalde zonde had gedaan, dan moest men een dier aan
God offeren voor vergeving. Grote verzoendag (Leviticus 16), was een
speciale dag waarop eens in het jaar de Hogepriester twee
geitenbokken nam, één geitenbok offerde hij op het altaar. Het bloed
van die geitenbok bracht hij in het Heilige der Heiligen, binnen het
voorhang, en sprenkelde dat op de genadetroon voor vergeving der
zonden van de gehele vergadering van Israël. Daarna legde de
Hogepriester zijn handen op de andere bok en beleed alle zonden van
Israël. Dan werd die bok naar de woestijn gebracht en daar vrij
gelaten. Dit was een beeld van vergiffenis. De bevrijding van hun
zonden en het wegzenden ervan.
Deze hele ceremonie is
een type van verlossing en toerekening, door het bloed van Jezus
Christus, en de volledige vergeving van zonden, door Zijn volbrachte
werk aan het Kruis.
Onder de bediening van
Johannes de Doper en de twaalf Apostelen (Mattheus - Hand.8), werd
vergeving van zonden aangeboden, door bekering en waterdoop (zie
Mark.1:4 & Hand. 2:38). Deze boodschap, en deze praktijk, had ten
doel om Israël tot bekering te roepen opdat het volk gereinigd zou
worden. Als wij Hand.2:38 met Hand.3:19 vergelijken is het
duidelijk, dat dit offer van vergeving voor hun zonden slechts
tijdelijk was, tot Christus zelf, bij zijn wederkomst, de zonden van
het gehele volk zal uitwissen.
Het is met de bekering
van de Apostel Paulus in Hand.9, en de nieuwe bedeling der Genade
(Ef. 3:1-9), dat God Israëls belofte van vergeving als volk (alsmede
vergeving door waterdoop) tijdelijk terzijde
heeft gesteld. De dood van Christus aan
het kruis is nu de basis voor alle vergeving. Daarmee hebben
eveneens de dierenoffers afgedaan.
Hebr.9:22 geeft
duidelijk aan, dat er geen vergeving is zonder bloedstorting.
"...EN ZONDER
BLOEDSTORTING GESCHIEDT GEEN VERGEVING."
Hebr.10:4 gaat verder
met te zeggen dat het bloed van dieren ook niet voldoet:
"WANT HET IS
ONMOGELIJK, DAT HET BLOED VAN STIEREN EN BOKKEN DE ZONDEN WEGNEME."
Zo leert Rom.
hoofdstuk 3, dat alleen het bloed van Jezus Christus vergeving van
zonden kan brengen, en dat Zijn bloed een totale en complete
verwijdering van onze zonden geeft. Zonden zijn éénmaal en voor
altijd (blijvend) weggedaan door het werk van Christus aan het
kruis. Hebr.10:10,14,17 luidt:
"IN WELKEN WIL WIJ
GEHEILIGD ZIJN DOOR DE OFFERANDE DES LICHAAMS VAN JEZUS CHRISTUS,
ÉÉNMAAL GESCHIED."
"WANT MET ÉÉN
OFFERANDE HEEFT HIJ IN EEUWIGHEID VOLMAAKT DEGENEN DIE GEHEILIGD
WORDEN." "EN HUN ZONDEN EN HUN ONGERECHTIGHEDEN ZAL IK GEENSZINS
MEER GEDENKEN."
Dit is het, waarom
Paulus spreekt, in deze tijd van genade, over onze vergeving als
onvoorwaardelijk, en in de verleden tijd. Wij, als gelovigen
hoeven niet om vergiffenis te vragen, wij hebben reeds volle
vergeving ontvangen in Christus! (Zie Eph.1:7; 4:32; Col.1:14; 2:13;
3:13). Zie de tegenstelling met Matth.6:14 en 15, daar gaat het over
voorwaardelijke vergeving: “14 Want indien gij den
mensen hun misdaden vergeeft, zo zal uw hemelse Vader ook u
vergeven.15 Maar indien gij den mensen hun misdaden niet vergeeft,
zo zal ook uw Vader uw misdaden niet vergeven”.
Alles wat we tot
dusver gezegd hebben heeft betrekking op het Griekse woord "APHESIS".
Maar het woord "vergeving" in Rom.3:25 is: "PARESIS",
een daarvan verschillend woord in het Grieks.
"PARESIS":
is het voorbijgaan van schuld.
Rom.3:25 zegt: God
stelde Christus voor als het verzoenend offer voor de zonden,
hiermee werd de waarheid verklaard dat God rechtvaardig was door aan
de zonden van de vorige tijden voorbij te gaan. Dit verwijst naar de
zonden van de Oudtestamentische heiligen! Hierover zal meer worden
gezegd bij de betekenis van het woord "Verdraagzaamheid".
PRAKTISCH PUNT:
Zou
het niet vervelend zijn, als u tegen iemand hebt gezegd: "Ik heb je
vergeven", en daarna elke dag, voor de rest van zijn leven die
persoon naar u toe zou komen, en vragen: "Vergeef me alstublieft"?
Niet
alleen zou dat vervelend zijn, het zou ook de groei van uw relatie
met zo iemand hinderen. In plaats van de zonde achter zich te laten
en naar elkaar toe te groeien, wordt deze telkens weer opgehaald,
dag in dag uit, waardoor de groei, en de vreugde van de relatie,
wordt bemoeilijkt. En dit alles, omdat iemand weigert te geloven,
dat volledige vergeving van al zijn zonden werd verworven. Daar komt
nog bij, dat diegene u eigenlijk een leugenaar acht als u zegt: "Ik
vergeef je", en hij vergeving blijft vragen.
Mijn
zonden (in verleden - heden - en toekomst) zijn voor eeuwig
weggedaan door God sinds ik geloof. Nu dank ik Hem daar voor, in
plaats van Hem iedere dag om vergeving te vragen, en zo groeit mijn
relatie met Christus.
Als u
weet dat u redding verkregen hebt in Christus, alleen door geloof,
en u weet, dat voor uw zonden is betaald, maar desondanks doorgaat
met de schuld van uw zonden te dragen, bent u nog niet gekomen tot
verheuging en blijdschap in uw redding. Doe wat Paulus zegt in
Fil.3:14,
"...VERGETENDE HETGEEN
DAT ACHTER IS, EN STREKKENDE MIJ TOT HETGEEN DAT VOOR IS..."
Wat aangaande zonden
van de mensen die leefden voordat Christus is gestorven? Hoe kan God
hen redden?
LEES VERDER.
Definitie#9
Rom.3:25.
"V E R D R A A G Z A A M H E I D"
VERDRAAGZAAMHEID
is: geduldig
wachten op de betaling van een schuld
Zoals we geleerd
hebben, slaat het woord
"VERGEVING"
(In Rom.3:25) op het voorbijgaan van een schuld. Dit leidt ons
direct naar het woord "VERDRAAGZAAMHEID",
want het vers luidt:
"WELKEN GOD
VOORGESTELD HEEFT TOT EEN VERZOENING DOOR HET GELOOF IN ZIJN BLOED,
TOT EEN BETONING VAN ZIJN RECHTVAARDIGHEID, DOOR DE VERGEVING DER
ZONDEN, DIE TEVOREN GESCHIED ZIJN ONDER DE VERDRAAGZAAMHEID GODS."
Wat Rom.3:25 zegt is,
dat God Christus heeft voorgesteld om een afdoend offer te zijn
(toerekening) voor onze zonden. Dit verklaart twee waarheden:
1.
Het is door de toerekening van Jezus Christus, dat God de Oud
Testamentische Heiligen rechtvaardig verklaart.
Let op de zinsnede "ZONDEN,
DIE TEVOREN GESCHIED ZIJN".
Deze zijn niet de zonden die wij in het verleden hebben gedaan. Deze
zijn de zonden van degenen die leefden en stierven, voordat Christus
in deze wereld kwam. Nu Christus de volledige prijs voor de zonden
van alle mensen betaald heeft, kan God deze Oud Testamentische
Heiligen rechtvaardig verklaren. Voordat Christus aan het kruis is
gestorven, eiste God van de mens een dierenoffer om vergeving van
hun zonden te krijgen. Maar zoals we in onze studie reeds hebben
gezien, kon het bloed van stieren en bokken nimmer de zonden
wegnemen (Hebr.10:4). Rom.3:25 leert ons nu, dat, vanaf de tijd van
Adam tot Christus, God aan de zonden van de Oud Testamentische
gelovigen voorbij is gegaan. God heeft geduldig gewacht op de tijd
dat Christus zou komen om hun zondeschuld af te kopen. Sinds
Christus alles heeft volbracht aan het kruis zijn ook de Oud
Testamentische gelovigen rechtvaardig verklaard.
In Genesis 3:15
beloofde God om zorg te dragen voor de zondeschuld van het mensdom.
Aangezien Zijn Woord kredietwaardig is werden de Oud Testamentische
gelovigen met terugwerkende kracht gered terwijl er voor hun zonden
eerst honderden of duizenden jaren later werd betaald door de dood,
begrafenis, en opstanding van Jezus Christus.
De tweede waarheid,
welke de "Toerekening" verklaart, wordt gevonden in Rom. 3:26,
waarvan een gedeelte zegt:
"TOT EEN BETONING VAN
ZIJN RECHTVAARDIGHEID IN DEZEN TEGENWOORDIGEN TIJD...".
2. Het is door de
toerekening van Jezus Christus, dat God de Nieuw Testamentische
Heiligen rechtvaardig verklaart.
Wij hebben aandacht
geschonken aan de zinsnede: "ZONDEN,
DIE
TEVOREN
GESCHIED ZIJN"
in vers 25. Let nu op de zinsnede "IN
DEZE TEGENWOORDIGE TIJD"
in vers 26. In vers 25 hebben we de basis gezien waarop God de
vroegere heiligen kon rechtvaardigen. Nu verklaart vers 26, dat
dezelfde basis ook voor vandaag de dag waar is. God verklaart de
gelovigen die na het kruis leven evengoed als rechtvaardig. Het
enige verschil is, dat we nu weten, hoe God rechtvaardig kan zijn
bij het redden van gelovige zondaars, wat degenen die vóór deze
bedeling der genade leefde niet wisten.
GOD IS VOOR BEIDEN
RECHTVAARDIG, EN DE RECHTVAARDIGER VAN HEN DIE GELOVEN IN JEZUS
CHRISTUS!
Sinds die ene keer dat
de volle prijs en het afdoende offer voor de zonden gebracht is, is
het niet langer nodig dat dierenoffers worden gebracht, noch enig
werk gedaan wordt van de kant van de mens, voor zijn zonden.
Rom.3:27-28 besluit de hele kwestie. Sedert onze redding mogelijk
werd gemaakt door het werk van de Heere Jezus Christus aan het
kruis, en dus niet door onze werken, en sinds God de gelovige
zondaar rechtvaardig verklaart op grond van geloof in het bloed van
Christus, kan er van onze zijde geen enkele roem zijn. Wij zijn
enkel zondaars, gered door genade.
De conclusie is, dat:
"DE
MENS WORDT RECHTVAARDIG VOOR GOD VERKLAARD, DOOR GELOOF, ZONDER
WERKEN DER WET!"
PRAKTISCH PUNT:
Bent u een gelovige?
In de Schrift werd een conclusie getrokken. Deze is niet in
overeenstemming met vele kerken, religies, en denominaties, maar het
is de waarheid, omdat het de conclusie van God is. De Bijbel zegt in
Rom.3:4:
"DOCH
GOD ZIJ WAARACHTIG, MAAR ALLE MENS LEUGENACHTIG".
Wees er zeker van dat
u niet vertrouwt op uw religie, kerk, uw doop, uw opvoeding, uw
achtergrond, moraal, ethiek, of uw goedheid, om u te redden, want
dat kunnen zij niet. Vertrouw alleen op Jezus Christus en Zijn werk
op Golgotha om u te redden. Het is de
ENIGE WEG!
--------------------------------
Als Christus stierf
voor de zonden van de gehele wereld, welke verandering heeft dat dan
gebracht?
LEES VERDER!
Definitie#10 Rom.5:10.
“V E R Z O E N I N G"
VERZOENING
betekent:
Terugvoeren naar vriendschap en gemeenschap.
Afgezien van de
gebruikte woorden in Rom.3:21-28, waar de evangelische boodschap
voor deze tijd verduidelijkt wordt, is er nog een ander woord dat in
Rom.5:10 wordt gebruikt, namelijk: "VERZOENING".
Dit is het thema van Gods boodschap voor de mensen van vandaag de
dag. De mensheid werd afgesneden van elke relatie met God vanwege de
zonde en de opstand tegen God. Dit is het wat wij bedoelen, wanneer
we zeggen: "de mens is een arme verloren zondaar". In feite is hij
nog meer dan dat. Als resultaat van de opstand van de mensen tegen
God, is de mens een vijand van God geworden.
Klaarblijkelijk is het
een verloren zaak voor de mens om God als vijand te hebben. Omdat
God heilig en rechtvaardig is, ligt de oorzaak van de breuk in de
relatie aan de kant van de mens. Daarom is verzoening van Gods zijde
niet noodzakelijk, maar wel van de kant van de mens. Maar wat kon de
mens doen? Hij is niet in staat om zijn verkeerdheid te herstellen.
Hij had een middelaar nodig, en God heeft, in Zijn genade, daarin
voorzien door de Heere Jezus Christus, God en Mens in één Persoon.
Zijn dood (die de volledige prijs voor onze zonden betaalde), is de
basis geworden voor onze verzoening met God. Rom.5:10 zegt:
“Want indien wij,
vijanden zijnde, met God verzoend zijn door den dood Zijns Zoons,
veel meer zullen wij, verzoend zijnde, behouden worden door Zijn
leven”.
Als de Bijbel ons de
wonderbare boodschap onthult van verzoening wordt het probleem
helemaal teruggeleid tot de eerste mens, Adam. Door zijn
ongehoorzaamheid werden alle mensen zondaren (Rom.5:12-19).
Hiertegenover, door de gehoorzaamheid van onze Heere Jezus Christus,
werd het mogelijk gemaakt voor alle mensen, om rechtvaardig te
worden.
Wanneer we spreken van
Christus zijn werk van verzoening, ten behoeve van de
GEHELE
mensheid, spreken we over deze tegenwoordige bedeling. In het boek
Genesis, van hoofdstuk 1 tot 11, werden de volken geformeerd. Hier
is sprake van Heidenen. De Heidenen keerden zich, als geheel, in
opstand van God af, en God sneed hen van Zich af. Vanaf Genesis 12,
en door het hele Oude Testament heen, tot in het Nieuwe Testament,
halverwege het boek Handelingen, had God één volk geformeerd en
uitverkoren om mee te handelen, het volk Israël. Gedurende deze tijd
waren de Heidenen Gods vijanden (zie Ef.2:11-12). Israël was Zijn
Volk. Maar ook zij rebelleerden tegen God omdat zij nalieten te
ontvangen al wat God hen beloofd had door de profeten. Toen dit
gebeurde deed God iets wat geen enkele profeet ooit had voorzegd.
God heeft Israël (voor een bepaalde tijd) als Zijn volk op zij
gezet.
Romeinen 11:28-32
openbaart Gods bedoeling hiermee. Als hij aan de Heidenen schrijft,
zegt Paulus:
"ZO ZIJN ZIJ (ISRAEL) WEL VIJANDEN AANGAANDE HET EVANGELIE, OM
UWENTWIL,... WANT GOD HEEFT HEN ALLEN ONDER DE ONGEHOORZAAMHEID
BESLOTEN, OPDAT HIJ HUN ALLEN ZOU BARMHARTIG ZIJN."
Zo is ook Israël, als
volk, evenals de Heidenen al eerder, van God afgesneden en zijn
vijanden van Hem geworden. De dood van Christus is het middel
geworden, in deze tegenwoordige bedeling (zie Ef.2:14-16), om Jood
en Heiden met God in één Lichaam, het Lichaam van Christus, te
verzoenen.
Overeenkomstig 2
Cor.5:18-21, heeft Christus verzoening gewrocht ten gunste van
iedereen. God houdt vandaag niemand zijn zonden voor; en indien
iemand deze verzoening (door geloof in Christus) wil aanvaarden,
zullen zij met God blijvend, voor eeuwig, verzoend zijn. God zal
nimmer een gelovige voor zijn zonden veroordelen, omdat 2 Cor.5:21
zegt:
"WANT DIEN, DIE GEEN ZONDE GEKEND HEEFT (Christus), HEEFT HIJ (God)
ZONDE VOOR ONS GEMAAKT, OPDAT WIJ ZOUDEN WORDEN RECHTVAARDIGHEID
GODS IN HEM (Christus).
Als Gods ambassadeur,
en u smekend vanwege Christus, dringt de Apostel Paulus er op aan:
"LAAT U MET GOD VERZOENEN!"
God wacht op uw
reactie. Wilt u, door geloof, geloven en ontvangen wat Christus voor
u gedaan heeft, of wilt u doorgaan met rebelleren?
PRAKTISCH PUNT:
Er is een beperking
aan tijd en ruimte, in het schrijven van dit boekje, om u alles te
vertellen wat Christus voor ons gedaan heeft. Het is echter mijn
gebed, dat uw ogen gericht mogen zijn op Christus, en uw gedachten
verruimd mogen zijn om te zien dat de dood van Christus aan het
kruis meer heeft voldongen dan u zich ooit heeft gerealiseerd. In
feite zouden wij de rest van ons leven moeten besteden meer over Hem
te leren en Hem dienaangaande te waarderen.
In Ef.2:8-9 en
Rom.3:27 wordt in beide gevallen, nadat het evangelie is uitgelegd,
elk menselijk roemen de kop ingedrukt. Waarom? Omdat alles door en
van Christus is, en Hij alles is!
------------------------------------------
Nu dat ik weet en
geloof dat Jezus Christus voor mij stierf en opstond, hoe verandert
mij dat dan?
LEES VERDER!
Definitie#11
1Kor.1:30.
“H E I L I G I N G”
HEILIGING
betekent: Afscheiden, apart zetten als heilig voor God.
De term "heiliging" is
een term, die op eigendom wijst. Een mens, een plaats, of een ding,
is afgescheiden van zijn vroegere eigenaar, en wordt het eigendom
van zijn nieuwe eigenaar. Zo vindt er ook, bij het proces van
overdracht van eigendom, een reiniging plaats. Omdat God de nieuwe
eigenaar is, dient een persoon, plaats of ding, gewijd (heilig) te
worden.
De Bijbel spreekt van
de heiliging van personen, plaatsen, dagen, tijden, voorwerpen, de
eerstgeborenen van Israël, de Levieten, de priesters, het altaar, de
offers, de sabbat, enz. Deze allen werden apart gezet voor God. Zij
waren van Hem!
De nadruk van deze
definitie ligt niet op de Oud Testamentische heiliging van
voorwerpen, maar op de Nieuw Testamentische heiliging van de
gelovige. Op het moment waarop een mens vertrouwt op het volbrachte
werk van Christus aan het kruis, is hij geheiligd. Het is door het
door Christus volbrachte werk aan het kruis dat de gelovige wordt
gewassen en gereinigd en dus als ‘geheiligd’ verklaard. Merk op dat
in het volgende versde gelovige reeds is geheiligd! (Hebr.10:10)
"In welken wil wij
geheiligd zijn, door de offerande des lichaams van Jezus Christus,
éénmaal geschied"
Na het opsommen van
een lijst van zonden die de mensen afhouden van het beërven van het
Koninkrijk van God, zegt 1Kor6:11:
"EN DIT WAART GIJ
SOMMIGEN; MAAR GIJ ZIJT AFGEWASSEN, MAAR GIJ ZIJT
GEHEILIGD, MAAR GIJ ZIJT GERECHTVAARDIGD IN DEN NAAM VAN DE
HERE JEZUS, EN DOOR DEN GEEST ONZES GODS." 1 Kor. 6:11.
Gelovigen zijn
gereinigd van hun zonden, en zijn apart gezet voor God. Wij zijn van
HEM ! Dit wordt genoemd:
"Positionele
heiliging": Ik bevind me "In Christus". Volledig!
Omdat de Gelovige aan
God toebehoort, leert God nu de gelovige om een afgescheiden leven
te leiden. Wij dienen zuiver te leven, omdat wij gered zijn, niet om
gered te worden. Dit wordt genoemd:
"Praktische
heiliging": De toestand, of aard, van mijn christelijke wandel.
2 Cor.6:17 zegt:
"DAAROM GAAT UIT HET
MIDDEN VAN HEN EN SCHEIDT U AF, ZEGT DE HERE..."
2 Cor.7:1 vervolgt:
"DEWIJL WIJ DAN DEZE
BELOFTEN HEBBEN, GELIEFDEN, LAAT ONS ONSZELVEN REINIGEN VAN ALLE
BESMETTING DES VLESES EN DES GEESTES, VOLEINDIGENDE DE HEILIGMAKING
IN DE VREZE GODS."
De gelovige dient
nooit te vergeten dat God hem redde tot Zijn eigen eer, en voor Zijn
eigen doel, en dat Hij hem redde tot goede werken. 2 Tim.2:19,21
maakt dit helder:
"19 EVENWEL HET VASTE
FUNDAMENT GODS STAAT, HEBBENDE DIT ZEGEL: "DE HERE KENT DEGENEN, DIE
DE ZIJNE ZIJN; EN: EEN IEGELIJK DIE DE NAAM VAN CHRISTUS NOEMT, STA
AF VAN ONGERECHTIGHEID."
"21 INDIEN DAN IEMAND
ZICHZELVEN VAN DEZE REINIGT, DIE ZAL EEN VAT ZIJN TER ERE, GEHEILIGD
EN BEKWAAM TOT GEBRUIK DES HEREN, TOT ALLE GOED WERK TOEBEREID."
Wij, als gelovigen,
behoren NU
God toe! Daarom behoren wij
VANDAAG,
en elke dag die de Heere ons geeft, voor Hem te leven. Tenslotte zal
de tijd komen, wanneer de Heere zal: “met een geroep, met de stem
des archangels, en met de bazuin Gods nederdalen van den hemel”
en wij zullen opgenomen worden, om onze Heere in de lucht te
ontmoeten. Dit zal onze uiteindelijke heiliging zijn. Wij zullen
eens en voor altijd apart gezet zijn van deze wereld, en
"ZO
ZULLEN WIJ ALTIJD MET DE HERE WEZEN".
Zie 1 Thess.4:13-18;
en 2 Thess.2:1-14.
PRAKTISCH PUNT:
Als gelovige ben ik
een "geheiligd iemand". Dit is waarom de Bijbel alle gelovigen
"heiligen" noemt. Een heilige is niet iemand die goede werken gedaan
heeft en na zijn dood door een bepaalde kerk tot een "heilige"
verklaard wordt.
In de Bijbel worden
alleen diegenen die, voor hun behoudenis, op het bloed van Christus
hebben vertrouwd, "heilig" verklaard. In feite waren de Korinthiërs
de minst geschikte mensen om "heiligen" genoemd te worden. Maar
juist tot hen schrijft hij, als tot heiligen - zie 1 Cor.1:2. Hij
kon dit doen, omdat volgens 1 Cor.6:11 Christus hen heeft geheiligd.
Mensen houden ervan om
te oordelen. Velen denken dat zij kunnen vertellen wie een christen
is, en wie niet. Maar als zij mensen zouden zien als de Korinthiërs,
zij zeker zouden zeggen: "Die zijn niet behouden!" Toch weet Paulus
het beter.
Heb niet met zulk
soort zaken te doen, en beoordeel ook uw redding niet op deze grond.
Christenen kunnen net zo goed als ieder ander in zulke zaken
verwikkeld raken. Het verschil is, dat wij als christen beter dienen
te weten. Het antwoord voor de Korinthiërs was de eerste brief van
Paulus aan de Korinthiërs. Zij moesten die lezen en gehoorzamen. Dit
is net zo goed het antwoord voor ongehoorzame christenen.
God weet Zijn Woord
doelmatig te gebruiken in het leven van een gelovige. Het Woord van
God is vandaag de dag de krachtbron voor ons. Zoals 2 Tim.3:16-17
zegt:
"AL DE SCHRIFT IS VAN
GOD INGEGEVEN, EN IS NUTTIG TOT LERING, TOT WEDERLEGGING, TOT
VERBETERING, TOT ONDERWIJZING DIE IN DE RECHTVAARDIGHEID IS;"
"OPDAT DE MENS GODS
VOLMAAKT ZIJ, TOT ALLE GOED WERK VOLMAAKTELIJK TOEGERUST."
--------------------------------------
Als u een vat ter ere wilt zijn, geschikt om door de Heer te worden
gebruikt, en bereid tot elk goed werk, weet u dan wat u moet doen?
UW BIJBEL LEZEN!
VRAGEN
OVER ONZE REDDING (BEHOUDENIS)
Nu we de betekenis van
deze Bijbelse termen begrijpen, behoren we een dieper begrip te
hebben van "redding" ("behoudenis" of ook wel "zalig worden"). Laat
ons dan teruggaan naar de vijf vragen die aan het begin van dit
boekje zijn gesteld, en zien, hoe we deze nu met zekerheid kunnen
beantwoorden.
Vraag 1:
Wordt een mens alleen door geloof gered?
"GERED"
betekent: Gered van Gods toorn tegen de zonde. Om gered te zijn voor
het oordeel over onze zonden is het nodig dat we in de ogen van God
zuiver worden bevonden. Dan is "RECHTVAARDIGING"
(rechtvaardig verklaard te zijn voor God) onze redding.
Rom.3:28 vat alles
samen wat Paulus leerde in de eerste drie hoofdstukken van de brief
aan de Romeinen, en in het bijzonder in de verzen 21-27 van
hoofdstuk 3. De conclusie was:
"WIJ BESLUITEN DAN,
DAT DE MENS DOOR HET GELOOF GERECHTVAARDIGD WORDT, ZONDER DE WERKEN
DER WET."
Het antwoord op “vraag
1” is dus JA! Iemand wordt gered door geloof en door geloof alleen.
Herinnert u: "geloof" in het reddende bloed van Christus - Rom.3:25.
Aangezien redding is door geloof en door geloof alleen, heeft God,
volgens Rom.3:27, elk menselijk roemen uitgesloten.
Voordat ik van deze
vraag afstap, kan er iemand zijn die met een vraag zit over de
waterdoop. U herinnert zich Mark.16:16 waar staat:
"DIE GELOOFD ZAL
HEBBEN EN GEDOOPT ZAL ZIJN, ZAL ZALIG WORDEN",
of Hand. 2:38, waar
staat:
"BEKEERT U, EN EEN
IEGELIJK VAN U WORDE GEDOOPT...TOT VERGEVING DER ZONDEN...".
Hoe kan redding door
geloof en geloof alleen zijn, als deze verzen redding en vergeving
leren door geloof en waterdoop?
Het zou u kunnen
helpen om terug te gaan naar de opmerkingen gemaakt in
"EEN
OORZAAK VAN VERWARRING",
aan het begin van dit boekje. Daar hebben we aangetoond, dat er,
door Christus en Zijn Twaalf Apostelen, een ander evangelie (goed
nieuws) verkondigd werd toen Hij op aarde rondging. Dat evangelie
werd genoemd:
"HET EVANGELIE VAN HET KONINKRIJK".
Het ingaan in dat beloofde aardse Koninkrijk, dus beloofd aan
Israël, vereiste geloof en waterdoop. Israël verwierp echter het
Koninkrijk, zelfs na de opstanding van hun Koning, de Heere Jezus
Christus.
Toen zij dat deden,
zette God Israël (als volk) terzijde, en stelde het beloofde
Koninkrijk uit. Dit is wat Rom.11:11,12,15, & 25 leert. In plaats
van het geprofeteerde gericht, de grote verdrukking, te zenden,
stelde God dat Koninkrijks programma terzijde, en begon een
NIEUWE EEUW,
die voorheen nog nimmer was geprofeteerd. Hiernaar wordt verwezen
als: "HET
GEHEIMENIS" of “DE VERBORGENHEID”,
en het wordt genoemd
"DE BEDELING DER
GENADE GODS" -
zie Ef.3:1-11 en Col.1:24-27. En in de “bedeling der genade Gods”
wordt het “evangelie der genade Gods” gepredikt Hand.20:24.
De Apostel Paulus werd
wonderbaarlijk gered in Hand.9 om Gods uitverkoren vat te zijn, om
deze bedeling van genade te openbaren, die zowel de Heidenen als de
Joden betreft. Voordat de Apostel Paulus gered werd, en deze
openbaring van de nieuwe eeuw aan hem werd geopenbaard, konden de
Heidenen alleen gered worden door Israël, gebaseerd op het feit dat
Israël het haar beloofde Koninkrijk eerst zou ontvangen. Vandaag de
dag is dat echter anders omdat Israël het Koninkrijk niet heeft
aanvaard. Paulus predikt niet het goede nieuws van het Koninkrijk,
maar het goede nieuws van het kruis - Gal.6:14,15. Een gedeelte van
de nieuwe openbaring, aan Paulus gegeven, is het goede nieuws van
redding voor deze eeuw - zie Gal.1:11,12; 2:1,2,9.
Deze nieuwe, aan
Paulus gegeven openbaring, verklaart volledig hoe het kruis zondaren
redt. De uitleg van Paulus over de rechtvaardiging begon in Rom.
3:21 met de woorden: "MAAR
NU". De dingen
zijn vandaag heel verschillend, vanwege de nieuwe aan Paulus gegeven
openbaring met betrekking tot deze nieuwe eeuw van genade. Vandaag
heeft de waterdoop niets te maken met onze redding. Hierover wordt
meer gezegd in de nog volgende appendix van dit boekje, waarin de
term "dopen" wordt gedefinieerd.
Vraag 2: Zijn werken onderdeel van redding?
Omdat redding plaats
vindt door geloof en geloof alleen, kan
GEEN ENKEL
werk deel uitmaken van redding. Het woord "GENADE"
heeft met deze kwestie te doen. Genade is iets ontvangen dat u niet
verdient, en niet kan verdienen. Zo staat ook, in Ef.2:8-9, dat
redding is, uit genade en door geloof. Daar kan men geen
verdienstelijk werk voor doen. Op geen enkele manier is het te
verdienen. Redding is een
"GAVE",
en het middel om deze gift te ontvangen, is "GELOOF"
- geloven in Christus als uw Redder.
Rom.11:6 is een
moeilijk vers om te lezen, maar eenvoudig te begrijpen. Eigenlijk
zegt dit vers dat redding: of door genade is, of door werken, maar
het kan niet zijn door een mengsel van genade en werken.
“En indien het door
genade is, zo is het niet meer uit de werken; anderszins is de
genade geen genade meer; en indien het is uit de werken, zo is het
geen genade meer; anderszins is het werk geen werk meer”.
En Romeinen 6:14 zegt:
“……….. want gij zijt
niet onder de wet, maar onder de genade”.
Lees zorgvuldig
Romeinen 4:4,5 en u zult zien dat, als een men kiest om voor zijn
redding te werken, dat hij niet gered (behouden) zal worden. Zodra
iemand stopt met te denken dat zijn werken hem kunnen redden, en
zijn vertrouwen alleen op Jezus Christus stelt, dat redt God hem.
"WANT
UIT GENADE ZIJT GIJ ZALIG GEWORDEN DOOR HET GELOOF, EN DAT NIET UIT
U, HET IS GODS GAVE; NIET UIT WERKEN, OPDAT NIEMAND ROEME."
Efeze 2:8,9
Degenen die geloven
dat werken belangrijk zijn om gered te worden citeren vaak Jak.2:20
aan - GELOOF
ZONDER WERKEN IS DOOD",
om hun uitgangs punt te verdedigen. Ik heb mij dikwijls afgevraagd
hoe zij deze tegenspraak in hun gedachten verwezenlijken. Zij
vergelijken, om iets te bewijzen, twee verzen uit de Schrift die
elkander tegenspreken. Maar het bewijst niets. Het is juist een
verkeerd gebruik van de Schrift waardoor mensen in verwarring
geraken, omdat ze denken een bewijs gevonden te hebben. God is
echter niet de auteur van verwarring, noch spreekt de Schrift
zichzelf tegen.
Jakobus verklaart
duidelijk, aan wie hij schrijft in Jak.1:1:
"AAN DE TWAALF STAMMEN
DIE IN DE VERSTROOIING ZIJN."
Jakobus schrijft aan
het gelovig overblijfsel van Israël, die verstrooid zijn onder de
Heidenen vanwege de vervolging die in Jeruzalem plaats vond. Jakobus
schrijft aan hen, met betrekking tot de "BEPROEVING
UWS GELOOFS"
(1:3), en over "DADERS
DES WOORDS, EN NIET ALLEEN HOORDERS"
(1:22). Halverwege hoofdstuk 2 herinnert hij hen aan het oordeel
dat over hen zal komen als Christus terugkeert, en over de
beloning, die zij zullen ontvangen voor hen trouwe dienst. Want zij,
die geen barmhartigheid hebben getoond, zullen geen barmhartigheid
ontvangen. Daarom zal bij dit oordeel, een Koninkrijks-heilige meer
nodig hebben dan alleen geloof. Zijn werken zullen beproefd worden.
Beloning zal volgen op getrouwe dienst, zodat geloof alleen niet
genoeg is om hen veilig te stellen van "OORDEEL
ZONDER BARMHARTIGHEID"
(2:13), wanneer zal worden geoordeeld door de "WET
DER VRIJHEID"
(gehoorzaamheid aan Gods Woord). Christus leerde Israël dit in Zijn
Bergrede in Matt.5:7:
"ZALIG ZIJN DE
BARMHARTIGEN; WANT HUN ZAL BARMHARTIGHEID GESCHIEDEN."
Zoals barmhartigheid
iets is dat men aan anderen "toont", zo is ook het "geloof" waar
Jakobus over schrijft. Hij daagt zijn toehoorders uit om hun geloof
te tonen zonder werken. Dit is onmogelijk. De enige manier om
anderen hun geloof te laten zien, is door hun werken zegt Jak.2:18.
Wanneer Jakobus schrijft, en in Jak.2:24 zegt:
"ZIET
GIJ DAN NU, DAT EEN MENS UIT DE WERKEN GERECHTVAARDIGD WORDT, EN
NIET ALLEENLIJK UIT GELOOF
dan spreekt hij van
gerechtvaardigd worden (rechtvaardig verklaren) in de ogen van
andere mensen. Het voorbeeld gegeven uit Abrahams leven (Jak.2:21)
is een gebeurtenis die plaats vond minstens 30 jaren nadat God
Abraham rechtvaardig had verklaard door geloof. Het verslag van
Abrahams offer, van zijn zoon Izak aan God, laat de mensen het
geloof zien, dat God in Abraham 30 jaren daarvoor zag (Jak.2:23).
Jakobus haalt ook "RACHAB
DE HOER"
aan (Jak.2:25), als iemand die was "GERECHTVAARDIGD
DOOR WERKEN".
Uiteraard haalde hij niet het leven van Rachab aan als een
acceptabele leefstijl voor God. Zij was een voorbeeld van een Heiden
die rechtvaardig verklaart werd vanwege haar werken door de spionnen
te helpen uit Jericho te vluchten.
Het punt is, dat
Jakobus spreekt over rechtvaardiging door werken, in de ogen van
mensen. Bij redding echter, spreekt Paulus van rechtvaardiging, in
het oog van God. Lees nauwkeurig Rom.3:20; 4:1,2 en Gal.3:11, en let
op, hoe Paulus zijn verklaringen verduidelijkt door de woorden toe
te voegen "GERECHTVAARDIGD
VOOR GOD"!
De mens ziet op de uiterlijke verschijning, maar God ziet het hart
aan, zo zegt 1 Sam.16:7. Daarom rechtvaardigt God een mens
uitsluitend op geloof alleen.
Vraag 3: Kan iemand
zeker weten dat hij is gered of een kind van God is?
Herinnert u zich de
betekenis van "Geloof"? Geloof is God nemen op Zijn Woord, en de
consequenties overlaten aan Zijn trouw. Omdat God te vertrouwen is,
kan Hij niet liegen, en Hij doet altijd wat Hij zegt. Daarom kan ik
weten, op het gezag van Gods Woord, dat ik gered ben, en naar de
hemel ga als ik sterf.
Gered zijn door geloof
betekent, geloven wat God zegt dat Christus voor mij gedaan heeft.
Hij stierf aan het kruis voor mijn zonden, en werd opgewekt uit de
dood voor mijn rechtvaardigmaking. Ik geloof dat ik daarom gered
ben, vergeven, en gerechtvaardigd. 1 Joh.5:9-13 behoort te worden
gelezen met deze conclusie in de gedachten, omdat het zegt, dat door
Gods Woord niet te geloven, wij Hem een leugenaar noemen. Verder
zegt het, dat door het getuigenis te geloven dat God geeft van Zijn
Zoon, wij kunnen "WETEN",
dat we eeuwig leven hebben.
Vraag 4: Hoe zit het
met iemand die na zijn redding opnieuw zondigt?
Dat hoeft u bijna niet
te vragen, u zult namelijk na gered te zijn, weer zondigen. Ik werd
gered op ongeveer achtjarige leeftijd. Daardoor zijn de meeste
zonden, die ik heb begaan, gedaan nadat ik gered was.
Het fundamentele
begrip van het evangelie beantwoordt deze vraag. Het Evangelie is
het goede nieuws dat Christus stierf voor mijn zonden. Christus
betaalde voor al mijn zonden - in het verleden, heden, en in de
toekomst. Hij liet geen enkele zonde onbetaald. Dit is de ware
betekenis van "VERLOSSING"
Ik ben vrij van de hel, omdat Christus voor mijn redding de prijs
betaald heeft. "TOEREKENING"
vertelt mij, dat ik aangenomen ben in Gods familie, omdat God, de
Vader, voldaan was met de betaling die Christus voor mij aan het
kruis heeft gedaan. Daarom verheug ik mij in totale en volledige
vergeving op het moment dat ik op Christus vertrouwde als Redder.
Dit is wat de term "VERGEVING"
ons heeft geleerd.
De Schrift leert mij,
dat als (of wanneer) ik zondig, ik behoor te erkennen dat dit ingaat
tegen dat wat God zou willen dat ik doe. Dank Hem voor de vergeving
in Christus. Maak het verkeerde recht, en ga door met voor de Heere
te leven.
Vraag 5: Kan iemand
die eenmaal gered is, nog verloren gaan?
Nee! Als dat zou
kunnen, dan had zo iemand alleen maar "PROEFTIJD"
en geen "REDDING".
De ware betekenis van "REDDING"
is, gered van de straf voor mijn zonden (hetgeen is: dood in de hel)
en het eeuwig leven bezitten.
ALS IK GERED BEN VAN
DE HEL, DAN ZAL IK NIMMER IN DE HEL ZIJN! ALS IK EEUWIG LEVEN HEB,
DAN ZAL IK NOOIT DE TWEEDE DOOD LIJDEN - DE POEL VAN VUUR!
De zekerheid van onze
redding is niet door redenering, dank God. God heeft ons redding
beloofd op grond van ons geloof in Zijn Zoon, en Hij houdt Zijn
belofte door alles heen. De garantie werd gegeven in Ef.1:13,14,
waar het niet alleen voor ons werd neergeschreven, maar waar staat,
dat ons reeds een vast en zeker deposito is gegeven - "DE
VERZEGELING
(garantie) MET
DE GEEST".
“Ef.1:13-14: 13 In
Welken ook gij zijt, nadat gij het woord der waarheid, namelijk het
Evangelie uwer zaligheid gehoord hebt; in Welken gij ook, nadat gij
geloofd hebt, zijt verzegeld geworden met den Heiligen Geest der
belofte; 14 Die het onderpand is van onze erfenis, tot de verkregene
verlossing, tot prijs Zijner heerlijkheid”.
Deze gedeponeerde
zekerheid duurt totdat Christus komt en bezit neemt van (ons) Zijn
aankoop. Daarvoor zijn we door de Heilige Geest: (Eph.4:30)
"VERZEGELD TOT DE DAG
DER VERLOSSING"
Na het onderricht van
de leer van onze redding, in de eerste acht hoofdstukken van de
Romeinenbrief, stelt Paulus vier vragen, en geeft vier antwoorden,
die zeker stellen, dat onze redding niet verloren kan worden.
1)--Rom.8:31:
"ZO GOD VOOR
ONS IS, WIE ZAL TEGEN ONS ZIJN?".
Paulus redeneert, dat God niets voor ons achtergehouden heeft. Hij
heeft reeds het kostbaarste, Zijn Zoon, voor onze redding gegeven.
Daarom zal Hij, als Hij Zijn Zoon voor ons gegeven heeft, ons nu
niet loslaten!
2)--Rom.8:33
"WIE ZAL
BESCHULDIGING INBRENGEN TEGEN DE UITVERKORENEN GODS?"
Hier zegt Paulus dat,
indien God het is die de gelovige rechtvaardig verklaard heeft, dan
kan niemand dat veranderen.
3)--Rom.8:34
"WIE IS HET,
DIE VERDOEMT?"
Nu zegt Paulus, dat
als Christus stierf om ons te redden, en Hij opgestaan is om voor
ons te bidden; dan is niemand in staat een klacht tegen ons in te
brengen.
4)--Rom.8:35
"WIE ZAL ONS
SCHEIDEN VAN DE LIEFDE VAN CHRISTUS?"
Tenslotte redeneert
Paulus, dat niets ons kan scheiden van de liefde van Christus. We
herinneren ons, dat dood betekent: scheiding van God. De reden die
gegeven wordt voor de onmogelijkheid van Hem gescheiden te zijn is,
omdat we:
"MEER
DAN OVERWINNAARS ZIJN, DOOR HEM, DIE ONS LIEFGEHAD HEEFT".
"In Rom.8:38 zegt
Paulus, dat hij de vaste overtuiging heeft aangaande de eeuwige
zekerheid. Niemand (geen engel noch uzelf) zal tussen u, en de
liefde van Jezus Christus voor u, kunnen komen. Zelfs de tijd
("tegenwoordige Dingen, noch toekomende Dingen) kan daar niets aan
veranderen. Dat is zekerheid!
----------------------------------------
Wat betreft verzen,
die schijnen te leren dat een mens zijn redding kan verliezen, wil
ik het volgende zeggen. Er zijn verzen in Mattheus, Markus, en Lukas
die aangeven, dat een mens moet "VOLHOUDEN
TOT HET EINDE"
om het leven te ontvangen. Het boek Hebreeën waarschuwt eveneens
tegen "AFVALLEN".
Hier is opnieuw het "RECHTSNIJDEN"
van de Schrift noodzakelijk.
Het "volhouden tot
het einde" is een verwijzing naar de toekomstige verdrukking,
die over de aarde zal komen als een middel van oordeel over Israël,
wegens verwerping van hun Messias. De verdrukking is ook een middel
waarbij God de ongelovigen zal uitrukken en vernietigen, teneinde
Israël te reinigen en het beloofde Koninkrijk op aarde te vestigen.
Wij, van deze bedeling, zullen gedurende die tijd niet op aarde
zijn, omdat God beloofd heeft dat wij "REDDING
VERKRIJGEN"
zullen, voordat deze tijd zal beginnen - zie 1 Thess.5:9 en 2
Thess.2:13,14. Zo heeft God volledig voorzien in onze zekerheid.
Wat betreft de
waarschuwing van "HET
AFVALLEN", in
het boek Hebreeën, dienen wij allereerst te weten, dat het boek
Hebreeën geschreven is aan de Hebreeën - Israël. Ten tweede volgt de
brief aan de Hebreeën op de brieven van Paulus aan Romeinen tot en
met Filémon, welke brieven de openbaring van de onderbreking zijn
van het handelen van God met Israël. Wanneer deze bedeling van
Genade voorbij is, (en de gelovigen van deze bedeling opgenomen
zullen zijn in de hemel), zal God verder handelen met het volk
Israël vanwaar Hij is opgehouden. Het Boek Hebreeën is dan ook een
waarschuwing aan het volk Israël om niet "af te vallen" in het
volgen van Christus tijdens de grote verdrukking.
Volgens 2 Cor.6:2 is
het vandaag niet de dag van Gods toorn (de grote verdrukking); maar
in plaats daarvan:
“…………nu is het de dag
der zaligheid (redding)!”.
Vandaag houdt Gods
genade Zijn toorn terug, en geeft de mensheid tijdelijk gelegenheid,
gered te worden. Vandaag is het uw gelegenheid om te geloven dat
Jezus Christus, en Zijn betaling voor de zonde, uw redding is. Noem
God alstublieft niet een leugenaar. Geloof, vandaag nog, in den
Heere Jezus Christus als uw Verlosser.
------------------------------
Om u te helpen, in het
begrijpen van de rijkdom van de nu komende passages uit de Schrift,
en de leer der redding die daarin wordt geleerd, moedigen wij u aan
om de definities van de onderstreepte woorden te leren.
ROMEINEN 3: 20-28
“20 Daarom zal uit de
werken der wet geen vlees gerechtvaardigd worden, voor Hem; want
door de wet is de kennis der zonde.
3:21 Maar nu is de
rechtvaardigheid Gods geopenbaard geworden zonder de wet,
hebbende getuigenis van de wet en de profeten:
3:22 Namelijk de
rechtvaardigheid Gods door het geloof van Jezus Christus, tot allen,
en over allen, die geloven; want er is geen onderscheid.
3:23 Want zij hebben
allen gezondigd, en derven de heerlijkheid Gods;
3:24 En worden om niet
gerechtvaardigd, uit Zijn genade, door de verlossing,
die in Christus Jezus is;
3:25 Welken God
voorgesteld heeft tot een verzoening, door het geloof in Zijn
bloed, tot een betoning van Zijn rechtvaardigheid, door de
vergeving der zonden, die te voren geschied zijn onder de
verdraagzaamheid Gods;
3:26 Tot een betoning
van Zijn rechtvaardigheid in dezen tegenwoordigen tijd; opdat Hij
rechtvaardig zij, en rechtvaardigende dengene, die uit het geloof
van Jezus is.
3:27 Waar is dan de
roem? Hij is uitgesloten. Door wat wet? Der werken? Neen, maar door
de wet des geloofs.
3:28 Wij besluiten
dan, dat de mens door het geloof gerechtvaardigd wordt, zonder de
werken der wet.
ROMEINEN 5:10
“Want indien wij,
vijanden zijnde, met God verzoend zijn door den dood Zijns
Zoons, veel meer zullen wij, verzoend zijnde, behouden worden door
Zijn leven.
1KORINTHIËRS 1:30
“Maar uit Hem zijt gij
in Christus Jezus, Die ons geworden is wijsheid van God, en
rechtvaardigheid, en heiligmaking, en verlossing”.
ROMEINEN 6:3
“Of weet gij niet, dat
zovelen als wij in Christus Jezus gedoopt zijn, wij in Zijn dood
gedoopt zijn?”.
Appendix Rom.6:3
“DOPEN”
DOPEN
betekent: te plaatsen in; identificeren met.
Het is een verrassing
voor vele mensen, ook christenen, te leren dat het woord "DOPEN"
niet betekent, in water onderdompelen! Natuurlijk bestaat er
een "waterdoop" in de Bijbel, maar het woord "DOPEN"
betekent niet, in water plaatsen. De waterdoop is slechts één (1)
van de twaalf (12) verschillende dopen waarvan in de Schrift sprake
is. Een jaren lange traditie hebben de meeste mensen geleerd, aan
"water" te denken, telkens als zij het woord "dopen" in hun Bijbel
lezen. Dit heeft grote verwarring veroorzaakt.
Een simpel onderzoek
van het gebruik van de term "dopen" in de Bijbel, zal ons leren,
NIET
te denken aan water als onderdeel van de betekenis van het woord
maar om de betekenis te vervangen door "PLAATSEN
IN" of
"PLAATSEN OP".
De context zal in elk geval aangeven wat wordt bedoeld, als iemand
of iets ergens in wordt geplaatst. We hebben thans niet de ruimte om
alle twaalf (12) verschillende gebruiken van de term dopen te
beschouwen, maar we zullen kijken naar vijf (5) ervan. Er bestaan
drie (3) "DOPEN",
genoemd in één vers: Zie Matt.3:11:
"IK DOOP U WEL MET
WATER TOT BEKERING, MAAR DIE NA MIJ KOMT, IS STERKER DAN IK, WIENS
SCHOENEN IK NIET WAARDIG BEN HEM NA TE DRAGEN; HIJ ZAL U MET DEN
HEILIGEN GEEST EN MET VUUR DOPEN."
--------------------------
DOOP #1:
"WATERDOOP"
(Johannes Doopte met water)
Johannes de Doper,
plaatste mensen in water, of, zoals
sommigen liever zeggen, Johannes goot water op
mensen. In elk geval was de doop van Johannes een
"waterdoop". De strekking was, om het gelovige overblijfsel van
Israël te identificeren met hun Messias - Jezus Christus. (Opgemerkt
dient te worden, dat de reden waarom Jezus Christus de waterdoop
onderging, dezelfde reden was, alleen in omgekeerde zin). Volgens
Joh.1:31 werd Christus geïdentificeerd met Israël, en Israël tot
Hem, door de waterdoop. Johannes de Doper was de voorloper van
Christus, die aan Israël de komst van Christus bekent maakte, en hen
voorbereidde om door hun Koning te worden ontvangen, en dat door de
reiniging van de waterdoop. Hierom kondigde Johannes aan, dat iemand
groter dan hij zou komen, met een meerdere doop.
“Joh.1:31:
En ik kende Hem niet;
maar opdat Hij aan Israel zou geopenbaard worden, daarom ben ik
gekomen, dopende met het water”.
DOOP #2: "DOOP
MET DE HEILIGE GEEST"
De grotere iemand
waarover Johannes sprak, was de Heere Jezus Christus. Naar het
getuigenis van Johannes zou Christus, als Hij kwam, een meerdere
doop hebben. Johannes doopte met water, maar Christus zou dopen met
de Heilige Geest. Dit was een verwijzing naar de dag van Pinksteren,
die plaats vond na de opstanding en hemelvaart van Christus, terug
naar de hemel - zie Hand.1:5-8 en Hand.2:1-5. Vanuit de hemel
"stortte" Christus "uit", of “plaatste Zijn Geest op” dat gelovig
overblijfsel van Israël, zoals Johannes beloofde, en zoals was
voorzegd in Joel 2:28-32.
DOOP #3:
"DOOP MET VUUR"
Johannes introduceerde
en identificeerde niet alleen het gelovige overblijfsel van Israel
met Christus, hij waarschuwde eveneens het ongelovige Israël, dat
Christus twee (2) dopen zou hebben als Hij komen zou. Gelovig Israël
zou worden gedoopt met de Heilige Geest, hetgeen is het mededelen
van leven. Het ongelovige Israël zou worden gedoopt met vuur. Deze
"doop met vuur", is het oordeel van het hellevuur, overeenkomstig
Matt.3:12. Dit zal plaats vinden als Christus de ongelovigen
“plaatst in” het vuur van de hel, overeenkomstig Matt.3:12. Dank de
Heere God, Christus heeft ons, die geloven, gered van die doop!
Alleen al in dit ene
vers hebben we drie (3) verschillende vormen van
DOPEN;
doop met water, doop met de Heilige Geest, en zelfs een doop met
vuur. Slechts één heeft met water te maken!
Laat dit voor u een
les zijn. Denk niet telkens aan "water", als u het woord "dopen"
leest. Laat de Bijbel u vertellen waarin de doop is. Wees zeker door
te geloven wat de Bijbel zegt en niet wat mensen zeggen wat de
Bijbel bedoelt.
DOOP #4:
"DOOP IN DE DOOD"
Voor de vierde (4e)
doop zie Mark.10:38,39,45. In deze passage had Christus nog een doop
in het vooruitzicht, en in de toekomst ook voor Jakobus en Johannes.
Toen onze Heere sprak
over een doop die Hij tegemoet zag, sprak Hij van Zijn dood aan het
Kruis. Hij werd geplaatst aan het kruis met het doel, dat
onze zonden op Hem geplaatst zouden worden, en doordat Hij
Zichzelf met onze zonden identificeerde, betaalde Hij voor onze
zonden met Zijn dood. Christus werd gedoopt in onze dood. Hiervan
wordt ook weer gesproken in Luk.12:50. In 1 Petr.3:21 wordt het
genoemd:
"DE DOOP DIE NU REDT"!
In het geval van
Jakobus en Johannes spreekt deze doop van hun martelaarsdood.
Christus profeteerde, en de geschiedenis heeft het bevestigd, dat
zowel Jakobus als Johannes in de dood geplaatst werden,
wegens het prediken van de opstanding van Christus. Zij stierven
omwille van anderen zodat anderen het evangelie zouden horen en
gered worden. Dit is de doop, waarover Paulus sprak in 1 Cor.15:29.
DOOP#5:
“GEDOOPT IN CHRISTUS”
De vijfde (5e) en
laatste doop die wij zullen beschouwen, is een doop die uitsluitend
door de Apostel Paulus wordt geleerd in zijn brieven. Het is een
feit, dat de Apostel Paulus de waterdoop slechts eenmaal noemt in al
zijn brieven. Deze ene keer vinden we in 1 Kor.1:13-17. Toen
waterdoop doorging in de nieuwe eeuw van de Heidenen bracht zij veel
verwarring en scheiding teweeg (net als het dit ook nu nog doet in
de kerken van vandaag). Het besluit van Paulus was eenvoudig. Stop
met het dopen met water! Maar hoe kan hij beslissen te stoppen?
Beval Christus hem dan niet te dopen? Nee! Nadat Paulus God dankte
dat hij niet meer gedoopt had dan hij deed, stelt hij in vers 17:
"WANT CHRISTUS HEEFT
MIJ NIET GEZONDEN OM TE DOPEN, MAAR OM HET EVANGELIE TE VERKONDIGEN;
NIET MET WIJSHEID VAN WOORDEN, OPDAT HET KRUIS VAN CHRISTUS NIET
VERIJDELD WORDE."
Paulus was een Apostel
van een nieuwe bedeling. Zijn boodschap en bediening aan de Heidenen
was duidelijk anders dan de boodschap en bediening van de twaalf
Apostelen aan Israël. Toch is er een doop, door Paulus geleerd, die
voor deze tijd is. Merk op, dat dit NIET de waterdoop is. Paulus
schrijft in 1 Kor.12:13
"WANT OOK WIJ ALLEN
ZIJN DOOR ÉÉN GEEST TOT ÉÉN LICHAAM GEDOOPT, HETZIJ
GRIEKEN, HETZIJ DIENSTKNECHTEN, HETZIJ VRIJEN; EN WIJ ZIJN ALLEN TOT
ÉÉN GEEST GEDRENKT."
De doop die Paulus
leerde, was een doop in Christus. Deze doop is het plaatsen van de
gelovige (van vandaag) in het Lichaam van Christus. Het is voor u
belangrijk om u te realiseren dat 1Kor.12:13 ( zojuist geciteerd) de
doop niet door een bedienaar geschied maar door God de Heilige
Geest. Uit dit vers kunnen we eveneens opmerken dat de Heilige Geest
de gelovige niet in water maar in Christus plaatst! We moeten
geloven wat de Bijbel zegt en niet wat de mensen zeggen.
Deze “doop in
Christus” is de doop die de gelovige identificeert met het
verlossingswerk van het Kruis. Rom.6:3-5 leert deze doop zeer
duidelijk. Het moment dat ik Christus vertrouwde als mijn Redder,
plaatste de Heilige Geest van God mij in de dood van Christus (het
kruis waar voor mijn zonden werd betaald), en in Zijn graf
(aantonend dat aan de prijs is voldaan), en in de opstanding van
Christus (waarin ik nu een nieuw leven heb in Christus). Omdat deze
"doop" het werk is van de Heilige Geest, hebben sommigen dit terecht
genoemd; "Geestelijke doop". Zonder twijfel is het deze doop,
die Paulus leert in al zijn brieven, zoals in Rom.6:3-5; 1
Kor.12:13; Gal.3:27; Ef.4:5, en Kol.2:10-13.
Onze doop in Christus
is de basis voor onze vergeving van zonden. Dit is de ware doop, die
elke eerdere onderwezen, geestelijke, rituele doop, overtreft. Het
is de werkelijkheid van alles wat God heeft volbracht ten behoeve
van mij, door Christus!
Om de waarheid van
deze doop te beschermen, leert ons Ef.4:1-6 om te:
"BEHOUDEN
DE ENIGHEID DES GEESTES"
Wij bewaren deze
eenheid door ons te houden aan, en te verdedigen, Zijn zevenvoudige
eenheid:
“Ef.4:4-6: 4 Eén lichaam is het, en één Geest, gelijkerwijs gij ook
geroepen zijt tot één hoop uwer roeping; 5 Eén Heere, één geloof,
één doop, 6 Eén God en Vader van allen, Die daar is boven allen, en
door allen, en in u allen”.
Volgens dit vers, is
er vandaag de dag, voor de gelovige, slechts één (1) doop die we
moeten houden en bewaren. En deze is NIET de waterdoop. Het is de
doop door de Geest in het Lichaam van Christus. Het is het werk van
de Heilige Geest Zelf, die een geestelijke eenheid heeft geschapen,
van alle gelovigen, in Christus. Ieder die nog met water doopt
veroorzaakt verwarring en scheiding door een doop toe te passen
waarvan ons in de brieven, voor de gemeente, is gezegd om dat niet
voort te zetten door te geloven in minstens twee dopen voor vandaag
de dag terwijl de Schrift ons zegt om de eenheid van de Geest te
bewaren door Zijn éne doop.
Alles samengevat is
dit hetgeen we zien. Johannes de Doper bood het volk Israel
vergeving van hun zonden aan door waterdoop. Degenen van het volk,
die geïdentificeerd zijn met Christus in de waterdoop, ontvingen
later de doop met de Heilige Geest en zullen opstaan om het
Koninkrijk binnen te gaan dat hun beloofd is, en wat verkondigd werd
door Christus tijdens Zijn aardse bediening. Maar de doop met vuur
kwam niet, zoals Johannes zei dat zou geschieden. Het oordeel van de
doop met vuur is uitgesteld, samen met het aanbod van het aan Israel
beloofde Koninkrijk. In de tussentijd heeft God de Apostel Paulus
opgewekt, vandaag de dag gaat er een boodschap van genade uit naar
zowel de Jood als de Heiden, en krijgen ze een gelijke kans
aangeboden (door de dood van Christus, Zijn begrafenis, en Zijn
opstanding), om gered te worden, gerechtvaardigd, en vergeven. Door
deze boodschap te geloven, doopt God, de Heilige Geest, deze
gelovigen in het Lichaam van Christus. En "in Christus" hebben we
leven, hoop, en een erfenis.
Israel werd leven,
hoop en een erfenis aangeboden, volgens de beloften van God in het
Oude Testament. Maar ons, die vandaag de dag gered worden, werden
deze zaken nimmer beloofd. Toch worden zij aan ons geschonken uit
genade.
PRAKTISCH PUNT:
Als ik tot een deel
van het Lichaam van Christus ben gemaakt op het moment dat ik het
evangelie geloofde, vanwege de doop door de Geest, en het
toch mogelijk zou zijn dat ik mijn redding zou verliezen en in de
hel zou eindigen, dan zou er een deel van Christus in de hel terecht
komen.
Dit is niet mogelijk.
Ik ben verzekerd in Christus, omdat de Heilige Geest mij daar
geplaatst heeft. Ik heb niet mezelf daar geplaatst. Daarom kan ik
mezelf er ook niet uit nemen. En omdat het de Heilige Geest is, die
mij ook in Christus verzegelt, ben ik voor immer de Zijne! 2
Tim.2:11-13 leert dit nauwkeurig:
"DIT IS EEN GETROUW
WOORD; WANT INDIEN WIJ MET HEM GESTORVEN ZIJN, ZO ZULLEN WIJ OOK MET
HEM LEVEN."
Dit is de garantie die
we hebben uit de Schrift, gebaseerd op de doop van de gelovigen,
door de Geest, in de dood van Christus, Zijn graf, en Zijn
opstanding. Het vers gaat verder:
"INDIEN WIJ VERDRAGEN, WIJ ZULLEN OOK MET HEM HEERSEN; INDIEN WIJ
HEM VERLOOCHENEN, HIJ ZAL ONS OOK VERLOOCHENEN."
Dit vers belooft ons
een beloning van regeren met Christus, als we verdragen om nu voor
Hem te lijden. De tweede helft van het vers waarschuwt ons, dat als
we kiezen om in dit leven niet getrouw te lijden voor Christus, dan
zal Hij ons de beloning van de regeringspositie met Hem in de hemel
onthouden. Hier wordt niet bedoeld, dat Hij ons de hemel ontzegt,
want het vorige vers heeft ons reeds gegarandeerd: "WIJ
ZULLEN MET HEM LEVEN",
en het volgende vers verklaart waarom:
"INDIEN WIJ ONTROUW
ZIJN, HIJ BLIJFT GETROUW; HIJ KAN ZICHZELVEN NIET VERLOOCHENEN."
Als we in ons leven
van het geloof afvallen, ontrouw worden, zelfs tot het punt, dat we
ontkennen in Christus te geloven, zo zegt het vers: "HIJ
(CHRISTUS)
BLIJFT
GETROUW".
Zouden wij ontrouw zijn ten opzichte van Hem, toch blijft Hij
getrouw aan ons, en houdt Zijn woord, en geeft ons nochtans eeuwig
leven. Het vers geeft aan waarom Hij dit doet: "HIJ
KAN ZICHZELVEN NIET VERLOOCHENEN".
De gelovige maakt deel uit van het Lichaam van Christus, en kan
daarom niet eindigen in de hel. Dat staat Christus niet toe.
Leert deze zekerheid
in Christus ons, dat we nu maar raak kunnen doen, en in zonde leven?
Nee, de Schrift leert ons het tegenovergestelde. Deze zekerheid in
Christus zal ons leren, niet in zonde te leven. Als u doorgaat met
alles te lezen wat in Rom. hoofdstukken 6, 7, en 8 staat, zult u
ontdekken, dat onze doop in Christus ons bevrijd heeft van de kracht
der zonde, zodat we niet langer een slaaf zijn van de zonde. De
zonde moet niet langer in ons lichaam heersen. Wanneer zonde zijn
lelijke kop opsteekt, en we geven toe aan haar verzoekingen, worden
we vergeven ter wille van Christus. Maar terzelfder tijd komt de
kracht om die zonde weg te doen, en door te gaan met voor de Heere
te leven, door te WETEN
dat u vrij bent, geplaatst in Christus. Doe zoals Rom.6:11 leert -
Houdt uzelf dood voor de zonde, en levend voor God!
Als u iets geleerd
hebt uit dit boekje, laat het dan dit zijn: u bent in uzelf hopeloos
en hulpeloos om goed genoeg te zijn, of iets te doen, wat God genoeg
zou kunnen behagen om u eeuwig leven te schenken. Echter, om dat wat
Christus voor u gedaan heeft op het kruis, is God in Zijn genade
vrij om u te ontvangen wanneer slechts uw geloof rust in de Redder,
de Heere Jezus Christus. Door alleen te vertrouwen in het bloed van
Christus voor uw redding, is God vrij om u eeuwig leven te geven, en
u rechtvaardig te verklaren, omdat Hij u ziet "In Christus".
Phil.3:9
"EN IN HEM GEVONDEN WORDE, NIET HEBBENDE MIJN RECHTVAARDIGHEID, DIE
UIT DE WET IS, MAAR DIE DOOR HET GELOOF VAN CHRISTUS IS, NAMELIJK DE
RECHTVAARDIG HEID, DIE UIT GOD IS DOOR HET GELOOF. |