De Bijbel 

 is Gods Woord

Uw woord is een lamp voor mijn voet, en een licht voor mijn pad.

Psalmen 119:105

Want ik heb ulieden ten eerste overgegeven, hetgeen ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften; 4 En dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de Schriften;  1 Korinthiërs 15
Wie zijn wij?  Wij geloven

Links

15-01-2012

 

I N L E I D I N G

                  DE BELANGRIJKHEID VAN HET

            BOEK HANDELINGEN

Bijna een eeuw geleden zei Dean J.S.Howson, "een welsprekend man en onderlegd in de 

Schriften", iemand aan wie wij allen, door God, veel verschuldigd zijn*/:

"Ik betwijfel of de bijzondere betekenis van dit Boek  Handelingen der Apostelen ooit ten volle gewaardeerd, of aangevoeld is, zoals het behoort" (Hulsean Lectures for 1862, P.221). Dean Howson ging nog verder dan dit, en zei:

"Een zorgvuldig onderzoek leidt ons ertoe om aan de Handelingen der Apostelen te denken als de sluitsteen van de Nieuw-Testamentische boog..." (Ibid.P.224).

Onze tegenwoordige generatie van Bijbelstudenten zou er goed aan doen om deze woorden te onthouden, en zich te verdiepen in een ernstige en aandachtige herbestudering van het boek Handelingen, want een juiste interpretatie van de Handelingen der Apostelen is noodzakelijk tot een helder verstaan van God's eeuwig doel en Zijn boodschap en programma voor de huidige bedeling. Zeker is dit een vereiste, om de verheven waarheden in de Paulinische brieven te kunnen waarderen

DE GEBRUIKELIJKE UITLEGGING VAN HANDELINGEN

Bijna alle schrijvers over Handelingen hebben beweerd, zonder de minste grond, dat het zou zijn het getuigenis van de geboorte en de groei van de Kerk van deze bedeling; dat we in Handelingen de leer en de praktijk van de Kerk vinden, in haar eerste en zuiverste vorm; dat het het geestelijke geschiedenisboek is, dat inspirerende voorbeelden bevat van datgene wat wij zouden mogen doen, als we maar het geloof zouden bezitten van de eerste gelovigen.

We citeren uit een toonaangevend boekdeel:

"Het Boek Handelingen is de geschiedenis van de Christenheid in de eerste dagen...God heeft ons in het boek Handelingen een voorbeeld gegeven van Christelijk getuigenis, zendingsactiviteiten, wereldevangelisatie en stichting van Christelijke kerken - een model wat goed is ter navolging. Wij kunnen hiervan verzekerd zijn; hoe meer we komen tot het ordenen van alle dingen overeenkomstig dit heilig voorbeeld, des te groter zegen zal onze activiteit ontvangen" (Lectures on the Book of Acts, P.10.).

  / Voetnoot: Speciaal voor zijn aandeel in het standaardwerk: Het Leven en de Brieven van Paulus.

Deze woorden werden geschreven door iemand die ongetwijfeld de populairste Fundamentalistische Bijbelleraar van de laatste tijden was, en geven een indruk van het inzicht van de meerderheid van de hedendaagse gelovigen.

Maar toch is dit zicht op Handelingen, in het licht van Gods Woord, een dwaling, - niet alleen in bepaalde details, maar fundamenteel en essentieel - en is een grote oorzaak van de verwarring die de Kerk in onze tijd heeft aangegrepen.

De eerlijke Bijbelstudent zal moeten toegeven dat Handelingen vele problemen oproept, speciaal omdat het boek van een doorgaand karakter is. Maar de problemen worden nog groter en bijna onmogelijk, door de theorie dat dit boek het getuigenis zou zijn van de geboorte en groei van de hedendaagse Kerk.

WAAR DE GEBRUIKELIJKE UITLEG FAALT

Als het Boek Handelingen waarlijk bevat, "een model van Christelijk getuigenis, zendingsactiviteiten, wereldevangelisatie, en opbouw van Christelijke kerken - een model dat dient te worden nagestreefd", waarom volgt dan niemand "dit heilig model"? Een reden daarvoor is, dat niemand dat ook kan. God heeft gegeven dat dit onmogelijk is, en alle pogingen om Handelingen te gebruiken als een model, eindigen in verwarring en frustratie.

Allereerst brengt Handelingen een veranderend programma. De auteur van Lectures on the Book of Acts zelf, noemt het "een boek van doorgang", i.c., van doorgang van het verleden naar het heden. Hoe kunnen we dat dan gebruiken als een model voor onze hedendaagse praktijk? Hoe kunnen we een model volgen dat blijft veranderen?

Welke boodschap, bijvoorbeeld, moeten we prediken? Moeten we mensen oproepen tot "bekering en doop...tot vergeving van zonde" en hen de terugkeer van de Messias en de vestiging van Zijn koninkrijk aanbieden, zoals Petrus deed (2:38; 3:19-21), of moeten we de boodschap die Paulus later "van de Here Jezus ontving": "het evangelie van God's genade" verkondigen? (20:24). De Kerk, die over het algemeen Handelingen als een model gebruikt, predikt een verwarde vermenging van beide. Zeker zal niemand kunnen prdediken wat Petrus predikte in Handelingen 2 en 3, en tegelijk duidelijk de heerlijke waarheden uit Romeinen, Epheziërs en Colossenzen verkondigen.

En waar, en tot wie, zullen wij prediken? Moeten we onze bediening beginnen in Jeruzalem, zoals de twaalven deden onder hun "grote opdracht" (Luk.24:47; Hand.1:8), of zullen we met Paulus "ver tot de heidenen" gaan? (22:21). Zullen wij "alleen tot de Joden" gaan zoals de volgelingen van Christus deden in de eerste Handelingen (11:19) of zullen we met Paulus zeggen: "Uw bloed zij op uw hoofd...ik zal tot de heidenen gaan"? (18:6). Het is klaarblijkelijk ons doel, om ten eerste de Joden te bereiken, waarvan we grotere aantallen van hen vinden in New York, Chicago en San Francisco, dan in Jeruzalem.

En welk economisch programma moeten we volgen? Zullen we het model van Hand.2 en 4 volgen en afzien van sparen, en "alle dingen gemeenschappelijk" hebben, of zullen we onze privébezittingen behouden en hiervan aan het werk van de Here geven "een ieder naar zijn vermogen", zoals de gelovigen deden onder Paulus in Hand.11:29? En als we het model van Hand.2 en 4 volgen, zullen we er dan zeker van zijn dat ons niets zal ontbreken (4:34), of zullen we eindigen als "de arme heiligen te Jeruzalem"? (Rom.15:26).

En wederom, als we Handelingen zouden kunnen gebruiken als model en getrouw uitvoeren, zouden we dan goddelijke tussenkomst bij vervolging mogen verwachten, of niet? Zouden we mogen uitzien naar bevrijding door engelen, zoals de twaalven, of zullen wij ons in de gevangenis kunnen bevinden, overgeleverd aan de dood, verlaten van mensen en ogenschijnlijk zelfs van God, net als Paulus?

Dit brengt ons tot nog een reden waarom wij het Boek Handelingen niet kunnen volgen als model. Toen Israel haar afwijzing van de opgestane, verheerlijkte Christus bezegelde, trok God de gaven van wonderwerken, geschonken op Pinksteren, terug, zoals de brieven van Paulus duidelijk aangeven (Rom.8:22,23; 1Cor.13:8,13; 2Cor.4:16; 5:2; Phil.2:26,27; 1Tim.5:23; etc.). Onze Pinkstervrienden mogen beweren dat zij deze krachten nog steeds bezitten, maar de praktijk is niet erg overtuigend. Zulke woorden zoals wij aanhaalden uit Lectures on the Book of Acts echter, hebben bewezen een grote aanmoediging te zijn voor de Pinksterbeweging - en dat terwijl de auteur hiervan zelf, de Pinksterbeweging als een Satanische dwaling beschouwt!

Het is onmogelijk het Boek Handelingen als model te gebruiken, maar in het vergeefs proberen om "alle dingen te ordenen" overeenkomstig "dit heilig model" van de "eerste Christengemeente", heeft de kerk feitelijk een doof oor voor de Paulinische brieven en de openbaring van de verheerlijkte Here voor ons vandaag. Als resultaat heeft zij haarzelf in een staat gebracht van ernstige wanorde en verdeeldheid, en heeft aan de wereld een verward, onsamenhangend getuigenis gegeven.

DE CORRECTE INTERPRETATIE

Handelingen is al zo dikwijls genoemd het verslag van de "geboorte en groei van de Kerk" (zelfs door Dean Howson) dat de stelling bijna zonder enige navraag geaccepteerd is geworden. Toch wordt de Kerk van de tegenwoordige bedeling, "de Gemeente, welke is Zijn Lichaam", in het grootste deel van het eerste deel van het Boek Handelingen niet genoemd en dat, terwijl zij daarin feitelijk een belangrijke plaats inneemt, zelfs in het latere deel van het boek niet met name wordt genoemd. Alleen in de brieven van Paulus leren we, dat het Lichaam is begonnen gedurende het latere deel van de periode Handelingen. Hiermee in overeenstemming begon "het geheimenis", dat juist het thema was van Paulus' boodschap, door hem te worden onthuld gedurende zijn vroege bediening, toen Lukas meestentijds bij hem was, doch de juiste termijn is in het Boek Handelingen niet te vinden. Dit legt eenvoudig de nadruk op het uitverkoren karakter in de goddelijke inspiratie. Het was Paulus, niet Lukas, die door God werd uitverkoren om "het geheimenis" en de waarheden omtrent het Lichaam van Christus bekend te maken (Zie Eph.3:1-11; Col.1:24-27), terwijl Lukas werd geinspireerd tot het schrijven van het Boek Handelingen voor een heel ander doel.

Evenmin brengt het eerste grote deel van Handelingen het Christendom als zodanig - noch in de gebruikelijke of in de Bijbelse zin van het woord. Wat het brengt is Judaisme. Er wordt teveel vergeten dat het in de eerste negen hoofdstukken van het boek uitsluitend om Israel gaat, en dat zij die in Israel de Messias van Israel aannamen, ook "waarlijk Israelieten" waren, en dat "de discipelen eerst in Antiochië Christenen genoemd werden" (11:26).*/

Het enige verschil tussen de plaats van de apostelen in de vier evangeliën en in het eerste gedeelte van Handelingen, was dat wat geprofeteerde gebeurtenissen teweeg gebracht hadden. In het eerste gedeelte van Handelingen was de kern van hun boodschap, de opstanding van de gekruisigde Koning, en de Geest was gekomen met kracht om hun getuigenis te bevestigen. Inderdaad kon het koninkrijk, wat deze apostelen hadden verkondigd tijdens de aardse bediening van de Here als zijnde "nabij", nu worden aangeboden (3:19-21).

En ook wat betreft Paulus' bediening in het latere gedeelte van Handelingen (dat hoofdzakelijk de heidenen betreft), moet niet worden vergeten dat ook tot het einde (Hand.28:28), de apostel geregeld "eerst tot de Joden" ging, zo dat het hele boek handelt over Israel.

Sir Robert Anderson noemde terecht Handelingen "een boek dat allereerst getuigenis is, niet zoals gewoonlijk wordt veronderstelt, van de grondlegging van de Christelijke Kerk, maar van de afvalligheid van het uitverkoren volk" (The Silence of God, P.177) en terecht noemde hij "het gebruikelijke geloof dat de Kerk te Jeruzalem Christelijk zou zijn" "foutief", eraan toevoegend: "In feite was zij door en door Joods" (Ibid.P.84).

Resumerend zegt Anderson:

"In één woord, als "Eerst de Jood" karakteristiek is voor de Handelingen van de Apostelen over het algemeen, is niettemin het "Alleen tot de Joden" duidelijk het stempel op elk gedeelte van de eerste hoofdstukken, door theologen omschreven als de 'Hebreeuwse sektie' van het boek. Het feit is zo helder als de dag. En wanneer enkelen dit willen verklaren tot Joodse vooroordelen en onwetendheid, mogen zij direct dit boek verwerpen, want hier wordt gesteld dat de apostelen van de Here, die spraken en handelden in de historische dagen van Pinksterkracht, Goddelijk werden geleid in hun werk en getuigenis" (Ibid.P76,77).

Aldus is Handelingen, in plaats van te zijn "de geschiedenis van het Christendom van de eerste dagen", van begin tot het eind de opsomming van de val van Israel. Het verklaart, stap voor stap, hoe en waarom het uitverkoren volk opzij gezet moest worden en redding tot de heidenen werd gezonden, buiten hen om; hoe en waarom van de opdracht aan de twaalven moest worden afgezien en nog een apostel, Paulus, opstond om naar de heidenen te gaan met "het evangelie van de genade van God". Verder is Handelingen een getuigenis van opeenvolgende hoogtepunten: Pinksteren, de steniging van Stephanus, de bekering van Paulus, het convent te Jeruzalem, etc.

*/ Voetnoot: De geinteresseerde lezer zal er goed aan doen de drie plaatsen waar het woord "Christen" genoemd wordt, na te slaan om te zien hoe het wordt gebruikt. Dat zijn : Hand.11:26; 26:28; 1Petr.4:16.

Petrus speelt een hoofdrol in het eerste deel van Handelingen; Paulus in het latere gedeelte. De overgang van het profetisch programma, waarin heil zou gaan tot de heidenen door Israel, naar het nieuwe programma, waaronder heil zou gaan tot de heidenen buiten Israel om, vindt volledig plaats onder de bediening van Paulus, en kan worden nagegaan in de toenemende kracht van de verklaringen gegeven aan, en gebracht in dit verband door Paulus te Jeruzalem, Antiochië, Corinthe en Rome. In Jeruzalem zei de Here tot hem met betrekking tot de Joden aldaar: "Zij zullen uw getuigenis van Mij niet aannemen" (22:18). In Antiochië zei Paulus: "Zie, wij keren ons tot de heidenen" (13:46), in Corinthe: "Van nu af zal ik tot de heidenen heengaan" (18:6) en te Rome: "De zaligheid van God is tot de heidenen gezonden" (28:28).

Laat niemand uit het bovenstaande concluderen dat wij antisemitisch zijn in onze beschouwingen of gevoelens, want wij hebben God's oude volk van harte lief en verheugen ons dat Israel een glorierijke toekomst wacht onder de regering van Messias. In de tussentijd denken wij aan het Woord van God tot ons, heidenen:

"Want zoals ook gij vroeger aan God ongehoorzaam zijt geweest, maar nu barmhartigheid verkregen hebt door de ongehoorzaamheid van dezen,

"zo zijn ook dezen ongehoorzaam geweest, opdat ook zij door uw barmhartigheid, barmhartigheid zouden verkrijgen.

"Want God heeft hen allen onder de ongehoorzaamheid besloten, opdat Hij hun allen zou barmhartig zijn.

  "O diepte van rijkdom, beide van de wijsheid en de kennis van God, hoe ondoorgrondelijk zijn Zijn oordelen, en onnaspeurlijk Zijn wegen!" (Rom.11:30-33).

  HET OVERBRUGGINGSBOEK

Handelingen geeft, veel meer dan een geschiedenisboek, een duidelijke lijn ter lering, en verklaart waarom de vervulling van de profetie, meer dan negentien eeuwen geleden, werd onderbroken, om baan te maken voor "de prediking van Jezus Christus overeenkomstig de openbaring van het geheimenis". Daarom eigenlijk, werd dit boek genoemd "het tussenboek". Voorzover het de samenstelling van de Schriften betreft, past het uitstekend tussen de vier getuigenissen omtrent de aardse bediening van onze Here, en de brieven van Paulus.

Om het met de woorden van Dean Howson te zeggen:

"Misschien is wel de beste weg om in een oogwenk de waarde en de betekenis van dit boek van het Nieuwe Testament te zien, als we ons het Nieuwe Testament voorstellen zonder de Handelingen der Apostelen. Wat een hiaat zou er dan zijn tussen de Evangeliën en de Epistels!...Wat een tegenstrijdigheden, en wat een tegenstellingen zouden er gevonden worden tussen de eerste boeken en de latere!" (Hulsean Lectures, for 1862,P.221).

Of, om Sir Robert Anderson weer te citeren:

"Bedenk eens dat de brieven er zouden zijn, maar dat de Handelingen van de Apostelen zouden zijn weggelaten, hoe verwarrend moet dan het hoofd "Aan de Romeinen" wel blijken. Dit zou aanleiding kunnen zijn om op te houden met het bestuderen van de Evangeliën! Hoe zullen we dan kunnen rekenen met de erin opgesloten doorgang? Hoe zouden we dan het belangrijke leerstuk van de Brieven kunnen uitleggen, dat er geen verschil is tussen Jood en Heiden...? De vroegere Geschriften zullen tevergeefs onderzocht worden, tot bewijs van deze lering. Niet alleen het Oude Testament, maar ook de evangeliën zelf zouden blijken door een hiaat, van de Brieven te zijn gescheiden. Met het Goddelijk doel dit hiaat te overbruggen, werd Handelingen der Apostelen aan de Kerk gegeven. Het eerste gedeelte van het boek is de completering van en het vervolg op de evangeliën; het slotverhaal is inleiding tot de grote openbaring van het Christendom" (The Silence of God, Pp.54,55).

Onze Here had, in overeenstemming met het profetisch plan, eerst Zijn twaalf apostelen opgedragen om alleen Israel te dienen en later, om naar alle volkeren te gaan, te beginnen met Israel, omdat door het wedergeboren Israel de zegen zou gaan (en eenmaal zal gaan) tot de volkeren. Hij had inderdaad de apostelen beloofd, dat zij zouden zitten op twaalf tronen in het koninkrijk, oordelende de twaalf stammen van Israel.

Maar wat vinden we daarover, als we het boek van de brief aan de Romeinen openslaan?  De twaalf apostelen, die opdracht kregen van de Here Zelf, en die de Here had aangewezen om met Hem in het koninkrijk te regeren, komen in de aanhef helemaal niet voor. Een andere apostel spreekt hier:

"Paulus...aan allen die te Rome zijt, geliefden van God.."

En wat zijn dat voor vrijmoedige uitspraken die hij doet:

"Want ik spreek tot u, heidenen, voor zover ik de apostel der heidenen ben, maak ik mijn bediening heerlijk" (Rom.11:13)

"Maar ik heb u ten dele wat vrijmoedig geschreven, broeders, als om u weer te herinneren, om de genade die mij door God gegeven is,

"dat ik een dienaar van Jezus Christus zou zijn onder de heidenen, om het evangelie van God te bedienen.." (Rom.15:15,16).

Welke autoriteit had Paulus om op deze unieke positie aanspraak te maken? Waren de twaalven niet eerder dan hij gekozen? Waren zij niet uitgezonden om "het evangelie te prediken aan alle schepselen", reeds vóórdat hij zelfs gered was? Wie was hij om te verklaren: "Ik ben de apostel der heidenen, ik maak mijn bediening heerlijk"?

Het "overbruggingsboek" geeft hierop het antwoord en op veel andere, die anders onmogelijk op te lossen waren

Als er iets is dat het Boek Handelingen kristalhelder maakt, dan is het wel het feit dat er een revolutionaire verandering in bedeling plaats gevonden heeft sinds Pinksteren. In plaats van ons een model te verschaffen om na te volgen, verklaart Handelingen waarom het programma dat daar begon, voorbij was, en bevestigt de verklaring uit de Paulinische brieven, dat de vervulling van profetie, voor die tijd, heeft plaats gemaakt voor de ontvouwing van het geheimenis van God's bedoeling en genade.

Het is het gebrek van het erkennen van deze feiten en het verbergen van de boodschap van Paulus aan de heidenen, die de vloek van Gal.1:8,9 over de belijdende kerk gebracht hebben. Zij, die proberen om Handelingen te gebruiken als model voor hun geloof en praktijk, zullen er goed aan doen ernstig stil te staan bij de volgende plechtige woorden:

  "Doch al was het ook, dat wij, of een engel uit de hemel, u een evangelie verkondigen, buiten wat wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt,

  "Zoals wij tevoren gezegd hebben, zo zeg ik ook nu weer; Indien iemand u een evangelie verkondigt, buiten wat gij ontvangen hebt, die zij vervloekt".

  Omdat we in het woord "vervloekt" niet meer moeten lezen dan erin staat, toont deze passage aan hoe ernstig het is om de bijzondere onderwijzing van Paulus, voor ons, te verlaten, en dit is niet een alleenstaande passage. Paulus dringt voortdurend aan op echt geloof aan de boodschap en het programma dat de verrezen, verheerlijkte Here hem door openbaring heeft opgedragen en wij doen er goed aan, zijn vermaningen ter harte te nemen:

"Houd tot voorbeeld de gezonde woorden, die gij van mij gehoord hebt, in geloof en liefde, die in Christus Jezus is" (2Tim.1:13).

"En wat gij van mij gehoord hebt onder vele getuigen, vertrouw dat toe aan trouwe mensen, die bekwaam zullen zijn om ook anderen te leren" (2Tim.2:2).

"Merk, wat ik zeg; doch de Here geve u verstand in alle dingen.

"Houd in herinnering, dat Jezus Christus uit de doden is opgewekt, Die uit het zaad van David is, naar mijn evangelie,

"waarin ik verdrukkingen lijd tot de banden toe, als een kwaaddoener; maar het Woord van God is niet gebonden"

(2Tim.2:7-9)                         

 

Genade bijbel stichting - nieuwegein 2011