|
IS DE WATERDOOP EEN
GETUIGENIS?
Door C.R. Stam
Er zijn veel oprechte gelovigen, die erkennen dat de "doop der
bekering" van Johannes geen plaats heeft in Gods programma voor deze bedeling.
Anderen willen beweren dat de doop van de drieduizend mensen op het
Pinksterfeest een andere doop is. Want Petrus zei: "Bekeert u, en een ieder van
u worde gedoopt in de Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden;"
(Handelingen 2:38).
OMDAT ER ÉÉN DOOP IS
"Zo bid ik u dan, ik, de gevangene in de Heere, dat gij
wandelt waardig de roeping, met welke gij geroepen zijt; Met alle ootmoedigheid
en zachtmoedigheid, met lankmoedigheid, verdragende elkander in liefde; U
benaarstigende te behouden de enigheid des Geestes door de band des vredes; Eén
lichaam is het, en één Geest, gelijk gij ook geroepen zijt tot één hoop uwer
roeping; één Heere, één geloof, één doop, één God en Vader van allen, Die
daar is boven allen, en door allen, en in u allen" (Efeze 4:1-6).
Wanneer Bijbel-gelovigen niet bereid zijn om Gods
waar-heid over de "één doop" (Efeze 4:5) te aanvaarden en afstand te doen van de
inzetting van de waterdoop, verwijzen zij naar zulke voorvallen als van de
kamerling, Cornelius, Lydia en de gevangenbewaarder van Filippi. Tevens
verklaren zij telkens dat de waterdoop slechts een getuigenis is, een belijdenis
van Christus vóór de mensen.
Het is natuurlijk waar dat veel van wat wij doen een
getuigenis is. Als u naar de kerk gaat is dat een getuigenis. Als u dronken over
straat loopt is dat een getuigenis. Als u een rozenkrans in uw handen houdt en
uw hoofd buigt terwijl u twintig maal "wees gegroet, Maria" herhaalt, is dat ook
een getuigenis. Wat u doet, getuigt van hetgeen u bent.
Maar onze vraag is: Heeft God de inzetting van de
waterdoop aan de leden van de Gemeente "het lichaam van Christus" gegeven als
een openbaar getuigenis van het geloof in de Here Jezus Christus? Was dat de
voornaamste bedoeling?
Wat zegt de Schrift over waterdoop als belijdenis? In het
geval van de kamerling uit Ethiopië kunnen we lezen dat Filippus naar Gaza
gezonden werd om de Ethiopiër te ont-moeten (Handelingen 8:26) en de Schriften
vermelden geen enkel getuigenis van zijn doop. Er wordt beredeneerd dat deze
Ethiopische opperschatbewaarder vele begeleiders bij zich moest hebben gehad.
Dat zou kunnen, maar wij moeten ons als ge-lovigen niet laten leiden door een
"moet hebben" of een "ik denk het".
Hoewel het zeer waarschijnlijk is dat er veel mensen bij
de doop aanwezig waren, vertellen de Schriften daar toch niets over. Waarom
niet? Als de waterdoop van de Ethiopiër bedoeld was als een openbaar getuigenis,
zou de Heilige Geest dan niet de moeite hebben genomen om de aanwezigheid van
anderen te vermelden? Maar de Heilige Geest vermeldde dit niet. Vergelijk dit
met Handelingen 16:25:
"En omtrent de middernacht baden Paulus en Silas en zongen
Gode lofzangen; EN DE GEVANGENEN HOORDEN NAAR HEN."
Hier zijn de getuigen vermeld. Sommige predikanten zeggen
dat "Christus wordt beleden in de doop", maar de Schriften vermelden dat nooit.
De Bijbel leert echter dat "men met de mond belijdt ter zaligheid" (Romeinen
10:10).
In Johannes 1:31 staat te lezen: "En ik kende Hem niet;
maar opdat Hij aan Israël zou geopenbaard worden, daarom ben ik gekomen, dopende
met het water". Dit verklaart waarom wij de waterdoop in het boek Handelingen
vinden, samen met wondertekenen, zelfs in de vroege bediening van Paulus.
Israël, als natie, was nog niet opzij gezet. In I Korinthe 12:13 schreef Paulus
aan de Korinthiërs: "... door één Geest zijn wij allen tot één lichaam gedoopt,
hetzij Joden, hetzij Grieken...". Nog later, na de opzijzetting van Israël,
schreef Paulus vanuit de gevangenis te Rome over: "één doop". (Efeze 4:5)
"Of weet gij niet, dat zovelen als wij in Jezus Christus
gedoopt zijn, wij in Zijn dood gedoopt zijn?" (Romeinen 6:3)
"Want zovelen als gij in Christus gedoopt zijt, hebt gij
Christus aangedaan". (Galaten 3:27) "Zo dan, indien iemand in Christus is, die
is een nieuw schepsel...;" (II Korinthe 5:17).
"Want wij zijn Zijn maaksel,..." (Efeze 2:10). "Want in
Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk; En gij zijt in Hem volmaakt..."
(Kolossensen 2:9,10).
Veronderstel dat u verlost bent, maar een slordig leven
leidt en een slecht getuigenis hebt voor de wereld. Zou dan de waterdoop u
kunnen helpen? Wat zou de waarde daarvan zijn? Maar veronderstel dat u verlost
bent en een godvruchtig en consequent leven voor de wereld leidt. Is dan de
waterdoop voor u nodig? Wat is het waard? Wees niet bang om deze vraag eerlijk
te beantwoorden.
In zekere zin is de doop van gelovigen in of met water in
deze eeuw een getuigenis - een slecht getuigenis *. Toen de gelovige Galaten
zich lieten besnijden was het een slecht getuigenis: "Ziet, ik, Paulus, zeg u,
zo gij u laat besnijden, dat Christus u niet nut zal zijn; En ik betuig weer aan
een ieder mens, die zich laat besnijden, dat hij een schuldenaar is de gehele
wet te doen" (Galaten 5:2,3).
De besnijdenis, dat een deel was van het evangelie van de
besnedenen van Petrus, had geen plaats in het evangelie van de onbesnedenen dat
aan Paulus werd toevertrouwd, (Galaten 2:7). En evenals de besnijdenis in
verband stond met "het evangelie van de besnijdenis" zo stond de waterdoop in
verband met "het evangelie van het Koninkrijk" (zie Matthes 3:2,6, 10:5-7,
28:19, Johannes 1:31, Markus 16:16, Lukas 24:47, Handelingen 2:36-38, 3:19-21).
In het licht van het volbrachte werk van Christus
aan het kruis zeggen wij dat Gods genade voldoende is en water is niet nodig.
Wees Bereëers. Onderzoek de Schriften dagelijks of deze dingen zo zijn.
|