|
H
O O F D S T U K XV HET AVONDMAAL DES HEEREN Veel
oprechte gelovigen menen, dat degenen die beweren dat de waterdoop niet voor
deze tijd is in Gods programma consequent zouden moeten zijn en ook zouden
moeten ophouden met het vieren van het avondmaal des Heeren. Hier
zijn extreme bedelings mensen en kerkelijken het samen over eens, alleen met
dat verschil dat de eersten geloven dat noch
het avondmaal noch waterdoop in deze bedeling zouden moeten worden gevierd en
de laatsten geloven dat beiden dienen
te worden gevierd. EEN
ONSCHRIFTUURLIJKE VERONDERSTELLING
Wij
herinneren ons nog goed hoe een zeer verkeerde uitleg van Kol.2:14 ons tot een
studie over dit onderwerp heeft gebracht. Een Bijbelleraar had het aldus
aangehaald: "Uitgewist hebbende het handschrift dat tegen ons was, in
inzettingen bestaande, er twee
overlatende, doop en het avondmaal!" Toen we hierover de Schrift
onderzochten ontdekten wij spoedig, dat waterdoop een inzetting was,
maar dat het avondmaal nadrukkelijk geen
inzetting was, in de Schriftuurlijke zin van die uitdrukking. Wij
moeten Bereeërs (Hand.17:11) zijn en zelf onderzoeken of waterdoop en het
avondmaal inzettingen zijn die horen bij Israel of bij het lichaam van
Christus, en als we ontdekken dat zij er niet
bijhoren moeten wij dat goed in onze gedachten opslaan en voor altijd met
deze onschriftuurlijke ideeën afrekenen. Het
is een feit dat er duidelijke verschillen en zelfs contrasten zijn tussen de
doop en het avondmaal. Waterdoop
was een Oud Testamentische inzetting. 1)
Waterdoop, als alle
inzettingen, werd "opgelegd". 2)
Het avondmaal werd nimmer opgelegd. 1)
Waterdoop was een vereiste tot redding. 2)
Het avondmaal nimmer! 1)
Waterdoop was
verbonden met de openbaarmakingvan
onze Heere aan Israel. 2)
Het avondmaal is verbonden
met de verwerping en afwezigheid van onze Heere. 1) Waterdoop wijst op een onvolbracht
werk. 2)
Het avondmaal spreekt van
het volbrachte werk van Christus. 1)
Waterdoop was één enkele
daad. 2)
Het avondmaal wordt telkens
opnieuw gevierd. 1)
Waterdoop was niet begrepen
in Paulus' speciale opdracht. 2)
Het avondmaal was begrepen
in Paulus' speciale opdracht. Zoals
we in onze discussie over de waterdoop hebben gezien, was deze gewoonte
duidelijk een Oud Testamentische inzetting. Het avondmaal echter, is duidelijk
een Nieuw Testamentische viering.
Het is teleurstellend om te ontdekken dat sommigen, welgemeend, het avondmaal
"het Pascha" noemen, want Lukas 22:14-20 bewijst overtuigend dat
onze Heere na het Pascha een "gedachtenis"
aan Zijn dood instelde. Wanneer
Paulus vertelt wat onze Heere deed en zei aan de maaltijd, noemt hij slechts
het brood en de wijn, terwijl er bij het Pascha meer was dan dat. Het
Pascha, net als de waterdoop, was een Oud Testamentische inzetting, maar het
avondmaal des Heeren is duidelijk geassocieerd met het Nieuwe Testament.
"WANT DAT IS MIJN BLOED, HET BLOED DES NIEUWEN TESTAMENTS..."
(Matt.26:28). Het
Pascha sprak, net als de waterdoop, van een onvolbracht
werk, want het is onmogelijk dat het bloed van dieren, of de wassing met water
zonden zouden wegnemen. Beiden waren voorafschaduwingen van het bloed en het
water dat stroomde uit de zijde van de Heiland. Omdat
zovelen struikelen over het feit dat waterdoop eveneens werd toegepast na
het kruis, herhalen wij dat de volledige resultaten van Golgotha niet
openbaar werden dan "te zijner tijd", door de apostel Paulus.
Besnijdenis, de sabbatten en de Levitische feesten spraken op gelijke wijze
van een onvolbracht werk en
niettemin werden zij ook na het kruis nog gevierd. Dit eenvoudigweg omdat de
tijd nog niet rijp was voor de openbaring van Gods verborgen plan en het
evangelie van de genade van God tot de roeping van Paulus, en zelfs toen nog
was de openbaring en de verdwijning van de oude orde een geleidelijke zaak. MAAR,
terwijl het Pascha en de waterdoop Oud
Testamentische inzettingen waren, is het avondmaal een Nieuw Testamentische viering. De
viering van de dood des Heeren mag nooit geclassificeerd worden bij
inzettingen, want waar deze allen spraken van een onvolbracht
werk, is het avondmaal duidelijk een viering
van het VOLBRACHTE WERK van Christus. Minstens
driemaal wordt verklaard dat het avondmaal "een
gedachtenis" van het offerwerk van onze Heere is. HOE HET
NIEUWE VERBOND, ONS AANGAAT Omdat
het Nieuwe Testament, of Verbond, speciaal gemaakt werd met "het huis van Israel en met het huis van Juda" (Jer.31:31),
hebben sommigen geconcludeerd dat het geen relatie kan hebben met de heidenen
en dat daarom het avondmaal thans niet moet worden gepractiseerd. Maar
dit is een vergissing. Het Oude Verbond, zowel als het Nieuwe, werd gemaakt
met Israel, maar het betreft in hoge mate de heidenen. Zie Paulus' woorden in
Rom.3:19,20: "Wij weten nu, dat al wat de wet zegt, zij dat
spreekt tot degenen die onder de wet zijn, opdat alle mond gestopt worde en de
gehele wereld voor God verdoemelijk zou zijn. "Daarom zal uit de werken der wet geen vlees
gerechtvaardigd worden voor Hem, want door de wet is de kennis der
zonde." De
heidenen waren nimmer, en nu ook niet, onder het verbond der wet, maar het zou
een vergissing zijn om te beweren dat de wet de heidenen niet betreft, want
zij was gegeven opdat de hele wereld voor God schuldig zou worden bevonden. Israël vertegenwoordigde de wereld voor God. Israel was het enige volk waarmee God
nog bemoeienis had, nadat Hij de heidenen had opgegeven. Toen zij uiteindelijk
viel, betekende dit, dat de hele wereld gevallen was. Als God van enige groep mensen de rechtvaardige maatstaf van het Oude Testament
zou verlangen (Ex.19:5,6), zou die groep zeker verdoemd zijn geworden. Daarom
was het Nieuwe Verbond noodzakelijk. Nadat
Israels falen onder het Oude Verbond steeds duidelijker was geworden, beloofde
God om een nieuw verbond met hen te
maken. Dit Nieuwe Verbond zou alleen worden gemaakt met het uitverkoren volk.
Jeremia stelde dit duidelijk, zoals we hierboven zagen. En God maakte dit
Nieuwe Verbond met Israel en Juda: - op
Golgotha (Matt.26:28). Daar bewerkte Christus voor Zijn verbondsvolk wat
zij niet konden bereiken onder de wet. Daar werd Jesaja's profetie vervuld: "om
de overtreding Mijns volks is de plaag op Hem geweest" (Jes.53:8). Het
was op grond van Golgotha en het bloed van het Nieuwe Verbond dat de zegen van
het koninkrijk op Pinksteren werd aangeboden aan Israel, maar die generatie in
Israel weigerde de zegen en het Nieuwe Verbond wacht op een toekomstige
vervulling. Maar
hieruit volgt niet dat het Nieuwe Verbond niet op de heidenen zou slaan. Als
de heidenen onder de vloek van het Oude Verbond komen, mogen zij eveneens deel
hebben aan de zegeningen van het Nieuwe, want waartoe was het bloed van het
Nieuwe Verbond vergoten als het niet de vloek van het Oude zou wegnemen? Als
God door het Oude Verbond met Israel toonde hoe de gehele wereld schuldig
staat voor Zijn aangezicht, dan toont God door het Nieuwe Verbond met Israel
hoe allen voor Zijn aangezicht*/[1] kunnen worden
gerechtvaardigd. Hebr.2:9-16 zegt dat Christus "het zaad van Abraham
aanneemt". Maar waarom? "Opdat
Hij door de genade Gods VOOR ALLLEN de dood smaken zou." Op
Golgotha verzekerde God Israel door een plechtig verbond:
"want Ik zal hun ongerechtigheid vergeven, en hunner zonde niet meer
gedenken" (Jer.31:34, vgl. Matt.26:28). God maakte
zo'n verbond niet
met de heidenen, maar wat Hij door een verbond
aan Israel beloofde, ontvangen wij door
genade. De
lezer zou nauwkeurig Jer.31:31-34 moeten onderzoeken en opmerken dat de
zegeningen van het Nieuwe Verbond allen geestelijk zijn**/[2].
Er staat niets over het land, het koninkrijk, of de troon. Ontvangen leden van
het lichaam van Christus thans de zegeningen die daar beschreven worden? Ja, allemaal.
Heeft Hij Zijn wet niet in onze harten
geschreven? Is het niet ons verlangen
om Hem te gehoorzamen? "Kennen wij
de Heere" niet? Is Hij niet onze
God? Zijn wij niet Zijn volk?
Heeft Hij onze ongerechtigheden
niet vergeven? Herinnert Hij Zich onze zonden
nog? Wij
moeten niet vergeten dat "wij de
verlossing hebben door Zijn bloed" - hetzelfde "bloed van het Nieuwe Verbond". Dat bloed redt ons, zelfs
al tast Israel in het duister en wankelt het in ongeloof. Maar er zijn andere belangrijke verschillen tussen
waterdoop en het avondmaal des Heeren. "EN IK KENDE HEM NIET; MAAR OPDAT HIJ AAN ISRAEL ZOU
GEOPENBAARD WORDEN, DAAROM BEN IK GEKOMEN DOPENDE MET HET WATER." In
tegenstelling hiermee is het avondmaal verbonden met de verwerping van Christus en werd ten eerste aan Zijn volgelingen
gegeven om in Zijn afwezigheid te vieren, totdat God Zijn vijanden tot Zijn
voetbank zou maken. _____ **/(voetnoot:
Dit is waarom Paulus nimmer een dienaar van de Abrahamitische, Mozaische, of
Davidische Verbonden wordt genoemd, maar alleen van het Nieuwe Verbond
(2Cor.3:5,6).) Door
openbaring maakte de apostel Paulus daarna Gods wonderbare plan bekend dat het
oordeel uitgestelt en een periode van genade ingevoegd was. Door openbaring
verklaarde hij dat de Heere, in liefde tot zondaars, zou wegblijven, een
Balling, ondertussen Zijn ambassadeurs uitzendende om aan Zijn vijanden
verzoening aan te bieden door genade, door
geloof in Zijn volbrachte werk (Ef.3:1-4 en 2 Petr.3:3,4,8,9,15). Thans
zou iedere gelovige de boodschap in zijn hart en op zijn lippen moeten hebben
die Paulus zo getrouw verkondigde, en die de kerk sindsdien zo ernstig heeft
verward en verduisterd: "Zo zijn wij dan GEZANTEN VAN CHRISTUS WEGE, alsof
God door ons bade; wij bidden VAN CHRISTUS WEGE; Laat u met God verzoenen. "WANT DIEN, DIE GEEN ZONDE GEKEND HEEFT, HEEFT HIJ
ZONDE VOOR ONS GEMAAKT, OPDAT WIJ ZOUDEN WORDEN RECHTVAARDIGHEID GODS IN
HEM" (2Kor.5:20,21). Door
de voortdurende afwezigheid van Christus heeft Paulus, door openbaring, het avondmaal als een verkondigng van de dood des
Heeren "overgegeven",
"totdat Hij komt" (1Cor.11:23,26). AVONDMAAL EN
REDDING We
hebben gezien dat waterdoop, zowel vóór als na het kruis, noodzakelijk was voor
de vergeving van zonden (Mark.1:4; 16:15,16, Hand.2:38). Met het avondmaal
is het tegenovergestelde het geval
want slechts zij die reeds gered zijn
worden uitgenodigd daar aan deel te nemen. Onze
broeders uit verschillende kerken
zouden zeker dit onderscheid moeten erkennen, want terwijl zij de doop tot
voorwaarde van het lidmaatschap van hun kerken maken, doen zij dat zelden met
het avondmaal als een voorwaarde. Integendeel, het avondmaal is een voorrecht dat slechts aan "geredden" wordt verleend; soms,
inderdaad alleen aan leden van
bepaalde kerken waar het wordt
gevierd. Omdat waterdoop een onvolbracht
werk symboliseert was zij net als alle andere inzettingen voorwaarde tot
redding. Zonder dat kon niemand aanspraak maken op redding. Dit in
tegenstelling tot het avondmaal des Heeren. "WANT DAT IS MIJN BLOED, HET BLOED DES NIEUWEN TESTAMENTS, HETWELK
VOOR VELEN VERGOTEN WORDT TOT VERGEVING DER ZONDEN" (Matt.26:28). Hoewel
de woorden van de Heere aan tafel nog niet ten volle werden begrepen, laten
zij niettemin toch een duidelijk onderscheid zien tussen doop en het
avondmaal. AVONDMAAL
NIET OPGELEGD " bestaande in spijzen en dranken en VERSCHEIDEN WASSINGEN EN
RECHTVAARDIGMAKINGEN des VLESes, TOT OP DEN TIJD DER VERBETERING
OPGELEGD" (Heb.9:10). Daarom
zegt Kol.2:20: "Indien gij dan met Christus de eerste beginselen der
wereld zijt afgestorven, wat wordt gij, gelijk of gij in de wereld leefdet,
met inzettingen BELAST?" Daarom
laat Kol.2:9-12 onze besnijdenis en doop zien als zijnde voor ons vervuld door
Christus, daaraan toevoegend: "UITGEWIST HEBBENDE HET HANDSCHRIFT DAT TEGEN ONS
WAS, IN INZETTINGEN BESTAANDE, HETWELK, ZEG IK, ENIGERWIJZE ONS TEGEN WAS, EN
HEEFT DATZELVE UIT HET MIDDEN WEGGENOMEN, HETZELVE AAN HET KRUIS GENAGELD
HEBBENDE" (Vers 14). Vele
predikers hebben geleerd, dat Gods kinderen zich moeten
"onderwerpen" aan de waterdoop, maar heeft u ooit gehoord dat wij
ons moeten "onderwerpen" aan het avondmaal? Het avondmaal kan nooit
ondergebracht worden onder de Oud Testamentische inzettingen. Het werd nooit
opgelegd of vereist om door God aangenomen te worden. Integendeel, de Schrift
brengt het als een viering, een "herdenking", waarbij het voor de gelovige een voorrecht
is om eraan deel te nemen "zo dikwijls" als hij wenst (1Cor.11:26),
waarbij wordt aangenomen dat hij op deze manier wil gedenken wat de Heere voor hem gedaan heeft. DE TAFEL DES
HEREN EEN GETUIGENIS Zonder
de kleinste aanwijzing of een enkel Schriftuurlijk bewijs, wordt door sommigen
beweerd dat de bedoeling van de waterdoop een openbaar getuigenis van onze
dood, begrafenis en opstanding met Christus is. Maar waarom zouden gelovigen
dan slechts éénmaal moeten worden gedoopt? Is één getuigenis voldoende?
Kunnen wij door naar een persoon te kijken zeggen of hij wel of niet gedoopt
is? Als waterdoop bedoeld was als getuigenis dat de gelovige werd gekruisigd,
begraven en is opgestaan met Christus, zouden we telkens opnieuw moeten worden
gedoopt, niet slechts één keer voor één groep mensen. Maar
de Schrift leert duidelijk dat het avondmaal was bedoeld om de gelovigen en de
wereld te herinneren aan de dood van Christus. "DOET DAT TOT MIJN GEDACHTENIS" (1Cor.11:24). "DOET DAT...TOT MIJN GEDACHTENIS" (1Cor.11:25) "WANT ZO DIKWIJLS ALS GIJ DIT BROOD ZULT ETEN, EN DEZEN DRINKBEKER
ZULT DRINKEN, ZO VERKONDIGT DEN DOOD DES
HEEREN, TOTDAT HIJ KOMT" (1Cor.11:26). HET
AVONDMAAL EN PAULUS' OPDRACHT "WANT CHRISTUS HEEFT MIJ NIET GEZONDEN OM TE DOPEN, MAAR OM HET
EVANGELIE TE VERKONDIGEN..."(1Cor.1:17). De
contekst verandert niets aan dit feit. Zeker, de Corinthiërs waren opgeblazen
en vleselijk, en daarom was Paulus blij dat hij niet meer van hen had gedoopt.
Dit veranderd het feit niet dat hij niet was gezonden om te dopen, maar
benadrukt het eerder, en zij die volhouden dat hij was
gezonden om te dopen, zoals Johannes de Doper en de twaalf
hadden gedaan, dienen het bewijs te leveren. Onze
kerkelijke broeders kunnen makkelijk bewijzen dat
Johannes de Doper opdracht had om te dopen. Zij kunnen makkelijk
bewijzen dat de twaalf opdracht hadden om te dopen, maar zij falen totaal bij
het geven van een Schriftplaats die bewijst dat waterdoop was inbegrepen in de
grote opdracht die Paulus door openbarig ontving. Als 1Cor.1:17 iets betekent,
dan betekent het dat waterdoop niet was
opgenomen in die opdracht. Dit wil niet zeggen dat Paulus fout was toen hij
doopte voordat Israel terzijde gesteld was, evenmin dat hij het fout deed door
wonderen te doen of in tongen te spreken of in de bevestiging van Petrus'
boodschap als Gods Woord aan Israel.*/[3] Maar
het avondmaal was opgenomen in
Paulus' speciale opdracht. "Want
ik heb van de Heere ontvangen,
hetgeen ik ook u overgegeven heb, dat de Heere Jezus in den nacht in welkenHij
verraden werd, het brood nam". Dit
zijn de woorden waarmee Paulus verder gaat om de gedachtenis van de dood des
Heeren aan hen "over te geven" (1Cor.11:23). Dit was deel van
Paulus' aparte boodschap. Paulus
had geen aantal uiteenlopende
evangeliën. De verschillende punten van het goede nieuws dat hij verkondigde
maakten allen deel uit van één
grote voortschreidend in zijn brieven geopenbaarde boodschap die telkens opnieuw
"mijn evangelie", niet "mijn evangeliën" genoemd
wordt. Het
kan niet worden ontkend dat hij Petrus' boodschap bevestigde. Het is eenvoudig
aan te tonen dat zelfs in het begin van zijn bediening zijn boodschap niet
"het evangelie van de besnijdenis" was zoals sommigen ons willen
doen geloven, maar "het evangelie van de voorhuid" (Gal.2:7), en dat
het avondmaal behoort tot deze aparte boodschap van Paulus. HET AVONDMAAL EN ONZE HEMELSE POSITIE Eerlijk gezegd, het is voor ons moeilijk om de "logica" van sommige van onze
extreme broeders te volgen die redeneren dat aangezien onze positie en onze
zegeningen in de hemelse gewesten zijn, wij niet zouden moeten deelnemen aan
het avondmaal, omdat het een fysieke viering is. Zij
zeggen: "Stel je voor, een gestorven mens die eet! Stel je voor, iemand
aan Gods rechterhand, die deelneemt aan een maaltijd hier beneden! Maar slaat
deze "logica" alleen op het avondmaal? Stel je voor, dat een
gestorven mens, of iemand in de hemelse gewesten, die leugens vertelt! Stel je
voor, dat hij steelt! Stel je hem reizende voor, of in de gevangenis! Toch
vermaant Paulus later in zijn brieven broeders wier positie in de hemelse
gewesten is, om niet te liegen en te stelen, en verwijst hij naar zijn eigen
reizen en gevangenschap. Zij
die bovengenoemde argumentatie naar voren brengen tegen de viering van het
avondmaal vergeten gewoon het onderscheid tussen onze wandel in Christus en
onze positie. De apostel waarschuwt tegen "vleselijke (fysieke) inzettingen",
want vanaf dat het geheimenis ten volle was geopenbaard, zou nu elke eerdere
vereiste, al zou deze gepaard gaan met geloof, afbreuk doen aan het volbrachte
werk van Christus. Maar
het avondmaal was nimmer een vereiste tot redding en kan niet ingedeelt worden
bij de inzettingen. Noch leert Paulus ooit, hij weerlegt daarentegen, de
dwaling dat zulke physieke zaken onverenigbaar zijn met geestelijke
zegeningen. Er
bestaan vele physieke voorrechten die, mits goed gebruikt, worden omgezet in
geestelijke zegeningen. We mogen eten en drinken tot
eer van God (1Cor.10:31). Wij mogen onze knieen buigen
voor de Vader (Ef.3:14). Wij mogen studeren uit physieke
boeken en een physieke Bijbel (1Tim.4:13, 2Tim.2:15). Wij mogen samen komen met andere heiligen op aarde, over het algemeen
in gebouwen (Hebr.10:25, Kol.4:15) Wij mogen samenkomen
rond een physieke tafel en
Christus' dood gedenken met physiek
voedsel en drank, Onlangs
bracht iemand het argument naar voren dat het avondmaal eigenlijk niet voor
deze tijd kon zijn omdat, zoals hij zei: "Ik voelde mij nooit bewogen aan
het avondmaal". Maar
gaan wij door gevoelens of door geloof, door de wil van de mens of door het
Woord van God? Velen
zullen getuigen dat zij vervuld werden met
vreugde en vrede toen zij gedoopt werden met water. Is dat een bewijs dat
waterdoop in Gods programma voor deze tijd is opgenomen? Menigeen werd diep
bewogen door de gewaden, de zangen, de rozenkransen en kaarsen van Rome. Maakt
dat deze zaken Schriftuurlijk of Gode welgevallig? Vast en zeker niet. Geloof
steunt alleen op het geschreven Woord van God. Velen
voelen zich niet bewogen aan de tafel des Heeren omdat de ware betekenis ervan
niet wordt begrepen. De Schrift is net zo tegen de wettische wijze waarop het
avondmaal wordt gebruikt als tegen de toepassing van de waterdoop van vandaag.
Het avondmaal is geen mis. Het is iets oneindig veel kostbaarder dan dat. WAARTOE
AVONDMAAL? Maar
is het ooit opgekomen bij de lezer dat, om dit te volbrengen, onze gezegende
Heere moest worden gedoopt in het menselijk geslacht - been van ons gebeente
en vlees van ons vlees moest worden - één met ons, ja, één van ons?
Voordat wij konden worden gedoopt
in de Godheid, moest Hij worden
gedoopt in de mensheid. Voordat wij in
Zijn dood konden worden gedoopt, moest Hij
worden gedoopt in onze dood
(Luk.12:50). Om ons van de aarde naar de hemel op te heffen; om ons te zegenen
met alle geestelijke zegeningen, moest Hij een physiek lichaam aannemen,
worden geslagen en gegeseld en bespuwd en gekruisigd. God
wil dat wij ons dat herinneren. Hij wil er ons dieper bewust van en meer van
harte dankbaar voor maken.Daarom heeft Hij ons een plechtige en kostbare
gedachtenis aan Golgotha gegeven. Hij wil ons telkens opnieuw herinneren op
deze tastbare manier dat "En Hij heeft u, die eertijds vervreemd waart, en
vijanden door het verstand in de boze werken, nu ook verzoend, "IN HET LICHAAM ZIJNS VLESES, DOOR DEN DOOD, opdat
Hij u zou heilig en onberispelijk en onbeschuldiglijk voor Zich
stellen" (Col.1:21,22). En
Hij wilde ons niet alleen herinneren
aan dit geweldige feit en ons laten leven in het licht ervan ; Hij wilde dat
wij dit ook aan anderen zouden tonen. "DOE DAT TOT MIJN GEDACHTENIS". "WANT ZO DIKWIJLS ALS GIJ DIT BROOD ZULT ETEN, EN
DEZEN DRINKBEKER ZULT DRINKEN, ZO VERKONDIGT
DEN DOOD DES
HEEREN, TOTDAT HIJ KOMT." VRAGEN 1.
Waar stemmen kerkelijke en extreme bedelingsmensen samen overeen ten
opzichte van het avondmaal en waterdoop, en waarin doen zij dat niet? 2.
Geef drie bewijzen dat waterdoop en avondmaal Schriftuurlijk niet
eender dienen te worden geclassificeerd. 3.
Bewijs vanuit de Schrift, dat het avondmaal niet hetzelfde is als
Pascha. 4.
Wat is de relatie tussen Oude en Nieuwe Verbonden? 5.
Met wie waren deze verbonden gesloten? 6.
Hoe betreffen beiden de heidenen? 7.
In welke profetie beloofde God het Nieuwe Verbond te sluiten? 8.
Wanneer werd het Nieuwe Verbond werkelijk gesloten? 9.
Wanneer zal het vervuld worden? 10.
Van welke aard waren de beloften onder het Oude Verbond? 11.
Hoe komen we in de zegeningen van het Nieuwe Verbond? 12.
Laat vanuit de Schriften zien, dat waterdoop een inzetting was, in
Schriftuurlijke zin van het woord. 13.
Laat zien, dat het avondmaal niet zo'n inzetting is. 14.
Werden Johannes de Doper en de twaalven uitgezonden om te dopen? 15.
Werd Paulus uitgezonden om te dopen? Noem een Schriftplaats. 16.
Was het avondmaal besloten in Paulus' speciale openbaring en opdracht? 17.
Laat vanuit de Schrift zien dat het avondmaal was bedoeld als
getuigenis. 18.
Hoe zou u het argument weerleggen dat het vieren van het avondmaal niet
verenigbaar is met onze hemelse positie? 19.
Leg uit waarom God ons deze ene physieke "gedachtenis"
gegeven heeft. 20.
Tot wanneer zullen de leden van het lichaam van Christus de dood des
Heeren op deze manier verkondigen? Als dit boek u heeft geholpen om Gods Woord beter te
begrijpen, geef het door aan uw vrienden! [1]*/Voetnoot: Let wel. De kale belofte dat God een nieuw verbond zou maken (Jer.31-34), maakte dit niet duidelijk. Inderdaad was het eerst enige tijd nadat het bloed van het Nieuwe Verbond was vergoten, dat de volle betekenis hiervan werd ontvouwd door Paulus, "een waar dienaar van het Nieuwe Verbond". |