De Bijbel 

 is Gods Woord

Uw woord is een lamp voor mijn voet, en een licht voor mijn pad.

Psalmen 119:105

Want ik heb ulieden ten eerste overgegeven, hetgeen ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften; 4 En dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de Schriften;  1 Korinthiërs 15
Wie zijn wij?  Wij geloven

Links

15-01-2012

               

DE ZEVENTIG WEKEN VAN DANIֻL

EN DE BEDELING DER GENADE

Door Cornelius R. Stam

 Elke Bijbelstudent weet iets over het ernstige gebed van Daniכl voor zijn volk vlak voor het einde van zijn ballingschap in Babbel en hoe de engel Gabriכl naar Daniכl gezonden werd om de voornaamste gebeurtenissen vanaf het bevel om Jeruzalem te herbouwen tot aan de plaatsing van Christus op de troon als de Messias de Koning, te voorspellen. De profetie luidt als volgt:  Daniכl 9:24-27

  Zeventig weken zijn bestemd over uw volk, en over uw heilige stad, om de overtreding te sluiten, en om de zonden te verzegelen, en om de ongerechtigheid te verzoenen, en om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen, en om het gezicht, en den profeet te verzegelen, en om de heiligheid der heiligheden te zalven.  Weet dan, en versta: van den uitgang des woords, om te doen wederkeren, en om Jeruzalem te bouwen, tot op Messias, den Vorst, zijn zeven weken, en twee en zestig weken; de straten,en de grachten zullen wederom gebouwd worden, doch in benauwdheid der tijden.

En na die twee en zestig weken zal de Messias uitgeroeid worden, maar het zal niet voor Hem zelven zijn; en een volk des vorsten, hetwelk komen zal, zal de stad en het heiligdom verderven, en zijn einde zal zijn met een overstromende vloed, en tot het einde toe zal er krijg zijn, en vastelijk besloten verwoestingen.

  En hij zal velen het verbond versterken een week; en in de helft der week zal hij het slachtoffer en het spijsoffer doen ophouden, en over den gruwelijken vleugel zal een verwoester zijn, ook tot de voleinding toe, die vastelijk besloten zijnde, zal uitgestort worden over den verwoeste.

 EEN BEKEND ONDERWERP DAT WIJ NOOIT IN

HET OPENBAAR HEBBEN BESPROKEN

 Daniכls profetie van de zeventig "weken" is op zijn minst enkele tientallen jaren een bekend onderwerp voor Bijbelleraren van de bedelingen geweest. Niettemin hebben wij in de meer dan dertig jaren Bijbelonderricht dit onderwerp in het openbaar nooit mondeling of schriftuurlijk ter sprake gebracht.

 Dit stilzwijgen was vanwege een groot probleem dat niet werd opgelost door studies die wij hoorden en lazen met betrekking tot deze 70 weken.

 Het is nog niet zo lang geleden dat Mike Singleton, ייn van onze jonge vrienden, een opmerking maakte naar aanleiding van een uitdrukking die wij in het maandblad "Searchlight" bezigden. Sedertdien voelen wij ons vrij om over dit onderwerp te schrijven en onze lezers hieromtrent voor te lichten.

 DE BASISFEITEN VAN DE PROFETIE

 Er zijn verschillende basisfeiten omtrent deze profetie waarover de meesten die de leer van de bedelingen geloven het ongetwijfeld eens zijn.

1.      De engel Gabriכl kwam om Daniכl te laten weten dat zeventig "weken" (van jaren)* of 490 jaren voor Israכl waren 'vastgesteld' vanaf het komende bevel om Jeruzalem te herbouwen tot het zalven van de Messias als Koning (vers 24).

*Het woord shavua, in de oorspronkelijke taal betekent eenvoudig, zeven, niet noodzakelijk zeven dagen, en in dit geval ligt het voor de hand dat het gebruikt is om    zeven - of weken of  jaren - aan te wijzen. De lezer dient dit te onthouden als wij het   woord "week" blijven gebruiken in dit artikel.

2.      Deze 70 "weken" zouden in 7+62+1 verdeeld kunnen worden (vers 25-27).

3..      Er zouden 7 "weken" (49 jaren) komen, vanaf het bevel om Jeruzalem te herbouwen tot aan het voltooien daarvan (vers 25).

4.      Deze 7 "weken" zouden door nog 62 "weken"  (434 jaren) gevolgd worden totop Messias, den Vorst (vers 25).

5.      Daarna zou de Messias worden uitgeroeid en de 70e "week" ( 7 jaren) volgen. Gedurende deze  "week" zou de "grote verdrukking" plaatsvinden en aan het einde daarvan zou de Messias op de troon geplaatst worden.

6.      Tussen de 69e en 70e (laatste) "week" is er een onderbreking in het profetische programma

( in het engels ook wel gap: hiaat genoemd). Dit hiaat, onze huidige bedeling, is door God al voor de schepping uitgewerkt maar niet geprofeteerd, alhoewel het wיl in het profetische woord voorkomt. Het is dus geen onderdeel van de profetie maar - zoals Paulus het ons openbaart - "het geheimenis" van de tegenwoordige bedeling. Dr. H.A. Ironside noemde dit geheimenis "de grote parenthesis" (tussenzin/teksthaakje).

A.     Het bevel om Jeruzalem te herbouwen.

B.     Jeruzalem herbouwd en de muur voltooid.

C.     De Messias "uitgeroeid" of "afgesneden".

D.     De Messias als Koning gezalfd.

Het probleem waar wij altijd moeite mee hadden was dat volgens de bekende uitleg van dit gedeelte, verschillende belangrijke profetische gebeurtenissen in feite werden uitgesloten van deze profetie die gaat over Israכls toekomst van de tijd van Daniכl tot het einde. Let goed op.

Deze profetische gebeurtenissen zijn er niet gewoon  uitgelaten - ze zijn doelbewust verwijderd uit de profetische periode en geplaatst in de parenthetische periode, waarover de profetie niets te zeggen heeft.

Vers 26 zegt duidelijk: "… en na die twee en zestig weken zal de Messias uitgeroeid worden…"Toegegeven - het woord "NA" kan ook "aan het einde van" betekenen maar dan blijven nog steeds de opstanding uit de doden en de Hemelvaart van Christus en de komst van de Heilige Geest buiten de profetische periode.

Maar de uitleg van sommige commentaren wil zelfs de kruisiging buiten de profetische periode laten. Bijvoorbeeld: Sir Robert Anderson ging heel ver om te bewijzen dat de 483 jaren (7+62 weken) van Daniכl's profetie slechts gaan tot de Messias, de Vorst. Met andere woorden "tot Zijn openbare aanbod van Zichzelf als Koning" toen Hij Jeruzalem op een ezelsveulen binnenreed, en dit  zou uitgerekend precies op de dag af uitkomen*.

Op deze manier wordt het kruis buiten de profetische periode gehouden, want de 70e "week"  begint pas in de toekomst.

*Hoe zeer wij altijd onder de indruk zijn geweest van Sir Robert Anderson, als bijbelleraar,  wij zijn nooit onder de indruk geweest van zijn uitleg van dit Schriftgedeelte. Want ten eerste, onze Heere bood Zichzelf nooit aan als Koning bij de zogenaamde intocht te Jeruzalem. Hij wist dat Zijn heerlijkheid op Zijn lijden zou volgen ( 1 Petr.1:11), en ging die dag binnen als een lam om te sterven en niet om als Koning te regeren.

  HOE DIT PROBLEEM DE BEKENDE UITLEG HEEFT BEINVLOED.

Sir Robert Anderson schreef met betrekking tot deze profetie:

"Wat dan was de lengte van de periode die tussen het geven van het bevel om Jeruzalem te herbouwen en de openbare aankomst van een Gezalfde (Messias) en Vorst ligt"?  En hij antwoordde: "PRECIES….ZEVENMAAL NEGEN EN ZESTIG PROFETISCHE JAREN VAN 360 DAGEN  (Daniכl in the critics). Omdat Sir Robert Anderson van mening was dat de 70e week nog vervuld moest worden, betekende dit dan dat de kruisiging, de opstanding uit de doden, de Hemelvaart en Pinksteren allen buiten de profetische periode vielen? En waren al deze gebeurtenissen niet ingesloten in Gods profetische programma voor Israכl?

Dr.Arno C. Gaebelein schreef over Daniכls profetie:

"….het is een grote openbaring over DE GEHELE TOEKOMST VAN ISRAֻL VAN HET EINDE VAN HUN BALLINGSCHAP IN BABEL TOT DE TIJD VAN HET EINDE…" (the prophet Daniכl blz.129). Toch schreef hij met betrekking tot hetzelfde Schriftgedeelte: Precies 483 jaren (69 weken) nadat het bevel werd gegeven om Jeruzalem te herbouwen ging de Heere Jezus deze stad binnen om Zichzelf en Zijn aanspraken te verwerkelijken"(De profeet Daniכl, blz.138). Bovengenoemde zin voltooide hij met de woorden: "Een paar dagen daarna (na de 69 weken) werd Hij aan het kruis genageld" en hij vervolgt door Sir Robert Anderson te citeren om te bewijzen dat de intocht op een ezelveulen in Jeruzalem de 69 weken tot exact de laatste dag volmaakte. Zodoende liet hij de kruisiging, de opstanding uit de doden, de Hemelvaart en Pinksteren buiten de profetie, die verondersteld wordt de gehele toekomst van Israכl van het einde van de Babylonische verbanning tot de eindtijd toe te profeteren.

Dr. H.A. Ironside had dezelfde algemene opvatting en liet hetzelfde probleem onbeantwoord. In zijn LECTURES ON DANIֻL schreef hij: "Maar in antwoord op zijn (Daniכl's) gebed maakte God hem bekend dat in 70 weken van zeven jaren, "AL DE PROFETIE IN VERBAND MET ZIJN VOLK VERVULD ZOU WORDEN"  (blz.167). Hij ging inderdaad zo ver te zeggen met betrekking tot de kruisiging: "Tot nu toe had de grote profetische klok de jaren, het ene na het andere afgetikt in vervulling van wat wij in dit hoofdstuk hebben, maar MET DE KRUISIGING VAN DE HEERE JEZUS CHRISTUS STOND DE GROTE KLOK STIL. EN ER IS GEEN TIK MEER VAN HEM GEHOORD SINDSDIEN; (Lectures on Daniכl blz.166,167). Hoe nadrukkelijk heeft hij de opstanding uit de doden, de Hemelvaart en Pinksteren van de profetie uitgesloten!

Zouden dan Anderson, Gaebelein en Ironside hebben ontkend dat de kruisiging, de opstanding uit de doden, de Hemelvaart en Pinksteren in verband met Israכl waren geprofeteerd? NATUURLIJK NIET. Alle drie hebben te nadrukkelijk vermeld dat deze gebeurtenissen in verband met Israכl waren geprofeteerd, maar vreemd genoeg schijnt dit probleem in verband met dit Bijbelgedeelte niet bij hen opgekomen te zijn.

WACHTEND OP LICHT

Vele jaren studeerden en onderzochten wij dit Bijbelgedeelte haarfijn zonder de oplossing te vinden. Gedurende deze jaren schreven wij nogal wat bekende Bijbelleraren over deze kwestie aan, maar steeds zonder resultaten.

  In 1953 stelden wij dit probleem tijdens een conferentie ter discussie. Verscheidene dagen bespraken wij dit probleem, echter zonder resultaat. Wij vonden gייn oplossing.

  HET LICHT GAAT OP

 Eindelijk in April 1971 schreef onze dierbare broeder Mike Singleton, om te vragen waarom wij de uitdrukking "uitgeroeid" gebruikten in verband met de kruisiging van Christus. Als wij naar het Schriftgedeelte in Daniכl 9 verwezen, zei Singleton te menen dat dit te maken had met Israכl's uiteindelijke verwerping van Christus in hoofdstuk 7 van Handelingen toen zij onder de steniging van Stefanus, een boodschap naar God zonden zeggende: "Wij willen niet, dat deze (Christus) over ons koning zij". (Zie Lukas 19:11-14). Hoe kunnen wij anders, vroeg hij, Daniכl 9:24-27 uitleggen?

  Wij stonden enkele ogenblikken versteld van zijn bezwaar, en lazen zijn bezwaar telkens weer, totdat wij zagen hoe duidelijk en eenvoudig de oplossing was voor deze kwestie die ons zo vele jaren gekweld had.

  Wij gingen terug naar de Schriften om de details na te gaan en ontdekten dat onze broeder gelijk had. Gode zij dank voor het ontvangen licht.

  De kruisiging, de opstanding uit de doden, de Hemelvaart en Pinksteren waren allemaal inbegrepen in de profetie - wat Israכl en Jeruzalem betrof - precies waar ze behoorden, zodat de bedeling van het geheimenis met de roeping van Paulus kon beginnen - precies waar DIT  behoorde.

  Hier dient de lezer terug te kijken naar het tijdschema op blz. 6 om te zien hoe het probleem werd opgelost en dat Christus niet bij het kruis door Israכl "uitgeroeid" was, maar NA Pinksteren, toen Stefanus werd gestenigd. Sedert die dag houdt God Zich bezig met individuele Joden maar niet met het Joodse volk als natie. Het Koninkrijk is sedertdien niet meer aangeboden.

EN DE VERWOESTING VAN JERUZALEM DAN?

  Maar de verwoesting van het herbouwde Jeruzalem? Is dit niet in het profetische plan omvat? Ja, in de 70e "week". Wij hebben nooit een probleem hierover gehad, hoewel sommige mensen veronderstellen dat vers 26 van ons Schriftgedeelte de verwoesting van Jeruzalem in AD 70 door Titus voorspelt.

  Toegegeven, vele profetieכn hebben een eerste en een tweede vervulling en deze profetie zegt dat "… en een volk des vorsten (Romeins), hetwelk komen zal, zal de stad en het heiligdom verderven.." (vers 26), maar dit wijst nog uitsluitend op de toekomstige verwoesting van Jeruzalem in de "grote verdrukking", wanneer Jeruzalem belegerd wordt, en niet door ייn natie maar door vele natiכn.

Ten eerste, let op: deze aanval op Jeruzalem zal eindigen in een " overstromende vloed" (vers 26). Deze "vloed" is duidelijk een vloed van mensen uit alle volken. In verband met de gebeurtenissen waar deze profetie naar verwijst lezen wij in Jesaja 59:19:

"…als de vijand zal komen gelijk een stroom, zal de Geest des HEEREN de banier tegen hem oprichten".

Ook lezen wij in Jesaja 17:12,13:

 Wee der veelheid der grote volken, die daar bruisen, gelijk de zeeכn bruisen; en wee het geruis der natiכn, die daar ruisen, gelijk de geweldige wateren ruisen!

De natiכn zullen wel ruisen, gelijk grote wateren ruisen; doch Hij zal hem schelden, zo zal hij ver wegvlieden, ja, hij zal gejaagd worden, als het kaf der bergen van den wind en  gelijk een kloot van den wervelwind.

Aan het einde van de grote verdrukking zal Jeruzalem belegerd worden, niet alleen door de legers van het herstelde Romeinse Rijk, maar door alle volken.Zo voorspelt Zacharia 14: 1-3  met betrekking tot Jeruzalem 

Ziet, de dag komt den HEERE, dat uw roof zal uitgedeeld worden in het midden van u, o Jeruzalem!

Want Ik zal alle heidenen tegen Jeruzalem ten strijde verzamelen; en de stad zal ingenomen, en de huizen zullen geplunderd, en de vrouwen zullen geschonden worden; en de helft der stad zal uitgaan in de gevangenis; maar het overige des volks zal uit de stad niet uitgeroeid worden.

En de HEERE zal uittrekken, en Hij zal strijden tegen die heidenen, gelijk ten dage als Hij gestreden heeft, ten dage des strijd.

Ook lezen wij in Openbaring 12: 13-15 dat de "vrouw", Israכl, bijna verpletterd wordt door een overstroming.

Verder, de verwoesting van Jeruzalem, die in Daniכl 9 voorspeld is, kan niet verwijzen naar de verwoesting in AD 70 door Titus, want de "hij" van vers 27 verwijst duidelijk naar de arglistige "vorst" van vers 26 die in de toekomst een verbond met de "velen" in Israכl zal sluiten voor ייn "week" ( de 70e) en dan midden in die "week" zal hij dit verbond verbreken door zichzelf te verheffen en als God op de troon in de heilige tempel te gaan zitten.

Dit wordt de "gruwel der verwoesting" genoemd en zal plaatsvinden gedurende de komende "grote verdrukking" (Mat.24:15,21). Toen de legers van Titus in het jaar AD 70 Jeruzalem verwoestten is iets dergelijks niet gebeurd. Met betrekking tot de verwoesting van Jeruzalem zegt Daniכl 9:27 dat dat niet "jaren later" zal plaatsvinden maar dat in verband met die verwoesting de antichrist met Israכl een verbond zal sluiten en dat verbond later weer zal verbreken. Daarom spreekt Dan.9:27 niet over de verwoesting van Jeruzalem welke plaats vond in het jaar AD 70, maar deze tekst spreekt van een toekomstige verwoesting die zal plaatsvinden aan het einde van de "grote verdrukking".

  HARMONIE VAN HET WOORD

 Het is zulk een ongekende zegen om de harmonie van het Woord van God te zien speciaal wanneer het recht gesneden is.

Met dit opgeloste probleem passen alle profetische gebeurtenissen vanaf Daniכl's dag tot het einde op een natuurlijke wijze in de profetische periode, die in grote trekken in Daniכl 9 staan. Wat meer is, de tegenwoordige bedeling der genade is dus weer gedemonstreerd als inderdaad een geheimenis te zijn dat niet bij de profetie inbegrepen is maar voor het eerst door de apostel Paulus bekend gemaakt werd.

Kijk weer eens naar het tijdschema en zie hoe de 69 "weken" ons van het bevel om Jeruzalem te herbouwen brengen naar de komst van Christus, Zijn kruisiging, Zijn opstanding uit de doden en Zijn Hemelvaart en zelfs door Pinksteren totdat het volk de Messias uiteindelijk uitroeit doordat zij Zijn dienaar Stefanus stenigen en oorlog voeren tegen God en Christus. Let er ook op hoe God het profetische programma onderbrak, terwijl Hij in genade wacht op een toekomstige dag ( de 70e "week") waarin Hij hen de oorlog zal verklaren.

BEMOEDIGING VOOR ONS

Zullen wij, leden van het Lichaam van Christus, hier op aarde zijn wanneer God de oorlog aan de verwerpers van Christus verklaart? Volstrekt niet! Vףףr de dag des Heeren komt:

 Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem des archangels, en met de bazuin Gods nederdalen van den hemel; en die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan;

Daarna wij, die levend overgebleven zijn, zullen te samen met hen opgenomen worden in de wolken, den Heere tegemoet, in de lucht; en alzo zullen wij altijd met den Heere wezen.

Zo dan, vertroost elkander met deze woorden.   ( 1 Thes.4:16-18)

En uit vrees dat dit niet genoeg zekerheid zou zijn gaat de apostel verder met schrijven over de profetische "tijden en gelegenheden". Hij legt uit dat wij niet hoeven te wachten op Christus' komst als een dief in de nacht, omdat wij niet van de nacht zijn. Wij behoren niet tot

die categorie. Wij zien uit naar Zijn komst om ons weg te nemen uit deze wereld vףףrdat Hij

Zijn toorn daarover zal uitstorten. Want God heeft ons niet gesteld tot toorn, maar tot verkrijging der zaligheid, door onzen Heere Jezus Christus.

Die voor ons gestorven is, opdat wij, hetzij dat wij waken, hetzij dat wij slapen, te zamen met Hem leven zouden.

Daarom vermaant elkander, en sticht de een den anderen, gelijk gij ook doet. ( 1 Thes.5:9-11) Inderdaad, in zijn tweede brief aan de Thessalonicenzen verzocht Paulus, op grond van de

"toekomst van onze Heere Jezus Christus en onze toevergadering tot Hem dat wij niet haastelijk bewogen worden van verstand, of verschrikt alsof  "de dag van Christus" aanstaande ware, want zegt de apostel, die komt niet tenzij dat eerst de afval* ( het weggaan) gekomen is, en dat geopenbaard is de mens der zonde, de zoon des verderfs. Die zich tegenstelt en verheft boven al wat God genaamd genaamd of als God geכerd wordt, alzo dat hij in den tempel Gods als een God zal zitten, zichzelven vertonende dat hij God is.

De uitdrukking "de afval" moet hier worden gelezen als "het weggaan"of "een verandering van plaats". De apostel verwijst klaarblijkelijk naar het "weggaan" van de gelovigen, een gebeurtenis waar hij in beide brieven naar verwijst. Dit "weggaan" noemen wij "de opname van de gemeente, die het Lichaam van  Christus is".

Voor de gelovige is - Gode zij dank - de verwachting niet toorn maar hemelvaart! Dit moet

wel een bron van grote bemoediging voor ons zijn, in ogenschouw nemende dat de wereld recht op de grote verdrukking afkoerst.

Genade bijbel stichting - nieuwegein 2011