|
19) Wat maakt het allemaal uit, alle
christenen gaan toch naar de hemel?
Ja en nee. Niet iedereen die zich christen noemt gaat naar de hemel,
want u kunt uzelf noemen zoals u wilt. Maar dat betekent nog niet
dat u het bent. U kunt uzelf neuroloog noemen, maar denk niet dat er
iemand naar u toe zal komen als u het niet echt bent. Jammer genoeg
zijn er veel mensen die zich christen noemen. Onderzoeksrapporten
wijzen uit dat 50-60% van de bevolking van ons land (de USA)
zichzelf christen noemt, maar dat wil nog niet zeggen dat ze
dat allemaal zijn. Ja, alle ware christenen gaan naar de hemel.
Prijst de Heer! Iedereen die gelooft in het volbrachte werk van
Christus aan het kruis, Zijn dood, begrafenis en opstanding; zij die
gewoon die pure, eenvoudige evangelie boodschap geloven zullen naar
de hemel gaan. Jammer genoeg horen vele kerkgangers nooit het
evangelie.
Iemand was uitgenodigd om naar een Bijbelstudie in een verpleeghuis
te komen. Ze kwamen haar ophalen van haar kamer en zij zei: “Oh,
wacht laat mij mijn Bijbel even pakken”.
Het antwoord was: “Die heeft u niet nodig”, ze gebruiken geen
Bijbel”. Waarom noemen ze het dan een Bijbelstudie? Dit illustreert
tragisch genoeg wat in veel kerken gebeurd. Een voorganger vertelde
eens dat hij in een bepaalde kerk ging preken en hij vroeg iemand om
de Schriftlezing te doen. Zij zeiden, “Oh, mmmm, we moeten hier
ergens een Bijbel hebben”. Hoeveel mensen luisteren en denken dat ze
Gods Woord horen terwijl het een soort Readers Digest artikel is.
Nog tragischer is dat even zoveel mensen een verdraaid of onjuist
evangelie horen dat hen niet kan redden. Zij denken dat ze gered
zijn, maar ze zijn het niet. En dan zijn er nog degenen die hier en
daar kleine stukjes van het ware evangelie horen, maar tegen hen
wordt gezegd dat ze werken moeten doen om gered te kunnen worden!
“Als u deze woorden bidt zult u gered worden. Of kom naar voren en
kniel, dan zult u gered worden”.
Wat is dan het ware evangelie? Dat is het evangelie van de genade
van God, dat eerst geopenbaard werd aan de apostel Paulus. Wij
willen u wijzen op twee dingen met betrekking tot redding. Ten
eerste, wij moeten in het juiste evangelie geloven, in de juiste
boodschap.
Ten tweede, dit geloof moet geheel vrij zijn van werken.
Dat is het evangelie in een notendop, de eenvoudige woorden, de
basis bestanddelen van de evangelie boodschap. Het woord evangelie
betekent gewoon goed nieuws. Een goede boodschap! De beste boodschap
die u ooit heeft gehoord. Paulus zegt in 1 Korinthe 15:1-4
“Voorts, broeders, ik maak u bekend het
Evangelie, dat ik u verkondigd heb, hetwelk gij ook aangenomen
hebt, in hetwelk gij ook staat;”
Wij weten dat dit rechtstreeks van de
apostel der heidenen komt. Waarom zegt hij: het evangelie dat ik u
verkondigd heb? Omdat anderen andere evangeliën verkondigden. Daar
waren de twaalf apostelen die een ander evangelie predikten. Het was
waar, maar het was het evangelie van het Koninkrijk. Er waren
anderen die een gemengd evangelie verkondigden dat misschien een
element van genade maar ook een element van de koninkrijksboodschap
bevatte; of dat mensen zich moesten laten dopen of iets anders uit
het koninkrijksprogramma. En daarom zegt Paulus, hier is het
evangelie dat ik jullie predik. En hij zegt: “hetwelk gij ook
aangenomen hebt, in hetwelk gij ook staat”.
Als Paulus zegt “in hetwelk gij ook staat”, dan zijn wij vanaf dat
punt gered. Hij zegt, “Hier staat u in Christus door het evangelie
dat ik u gepredikt heb”. En dan zegt hij in vers 2 “Door hetwelk
gij ook zalig wordt, indien…” Dit heeft veel mensen
verontrust, waarom ineens zo’n ‘indien’? “Ik dacht dat er geen
indiens, en’s of maar’s meer waren. Ik dacht dat het: geloof dit en
je bent gered was”. Dat is waar. Als u het evangelie gelooft dan
bent u gered.
Waarom zegt hij ‘indien’? Omdat Paulus in vers 2 van onze positie
in Christus overgaat naar de praktische toepassing van deze
geestelijke waarheid. In vers 2 gaat Paulus verder en zegt: “u bent
gered, u bent verzegeld, u wordt geestelijk en fysiek bewaard
doordat u steeds in gedachten houdt wat ik u verkondigt heb”. Paulus
gaat van vers 1 – onze positie, onze redding in Christus – over naar
vers 2 – de praktijk van ons christelijke leven. Wat hij wil zeggen
is dat u niet alleen gered bent en zekerheid in Christus heeft door
het geloof in het evangelie, maar het evangelie u ook bekwaam zal
maken om het christelijke leven te leven.
Waarom brengt hij dit ter sprake bij de Korinthiërs? De Korinthiërs
zijn een vleselijke groep gelovigen. Het hele boek door vertelt
Paulus hen hoe zij hun redding in praktijk kunnen brengen in hun
leven. Één onderdeel daarvan is dat ze de dingen die Paulus hen
geleerd heeft in gedachten moeten houden. Daarom zegt hij: tenzij
dan dat gij tevergeefs geloofd hebt.” “omdat ze een valse leer
toegelaten hadden die hen van het goede spoor afhaalde. Dat was het
geloof dat er geen opstanding was. In vers 17 legt hij verder uit
wat hij bedoelt: “En indien Christus niet opgewekt is, zo is uw
geloof tevergeefs, zo zijt gij nog in uw zonden.” Het is
belangrijk om in de opstanding te geloven, nietwaar? Het is
belangrijk voor onze redding omdat het een onderdeel is van het
evangelie, maar het is ook belangrijk voor ons dagelijkse leven
omdat als u de valse leer gelooft dat er geen opstanding is dan zult
u misschien ook de volgende vreemde ideeën hebben zoals: ‘Laten we
eten en drinken want morgen sterven wij. Laten we ons geen zorgen
maken over wat er hierna komt want we zullen toch niet opgewekt
worden’. En dat is in feite wat sommigen van deze Korinthiërs hier
doen.
Dus Paulus is leerstellig, maar ook erg praktisch.
Hij gaat terug naar
het evangelie in vers 3. In vers 1, zegt hij: “ik maak u bekend
het Evangelie, dat ik u verkondigd heb” en nu spreekt hij over
het evangelie in vers 3,4
“Want
ik heb ulieden ten eerste overgegeven, hetgeen ik ook ontvangen
heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften;
En dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar
de Schriften”. De dood,
begrafenis en opstanding van Christus is in het kort het evangelie –
het goede nieuws. Als we dat geloven zijn we gered. Talloos veel
mensen vragen zich af waarom het evangelie zo eenvoudig is. Velen
zeggen: Het kan niet zo eenvoudig zijn! Weet u wat ons antwoord is?
Het was niet zo eenvoudig voor God. Het was niet eenvoudig om Zijn
enige Zoon naar de aarde te sturen en als een onschuldige persoon de
zonde van de wereld te dragen. Dat was niet eenvoudig. Dat was het
moeilijkste wat God ooit deed. Het is eenvoudig voor ons omdat het
moeilijk was voor Hem. En nu kunnen wij een eenvoudig evangelie
aanbieden. Geloof het evangelie!
Wij moeten niet alleen
het juiste evangelie horen, maar wij moeten het ook alleen geloven
zónder werken. In Romeinen 4:5 hebben wij het antwoord op de
verwarring die er is over wat wij moeten doen om gered te worden.
Wij kennen verschillende mensen die enige tijd onder onze prediking
zaten en later zeiden dat toen ze Romeinen 4:5 hoorden het hun
duidelijk werd dat er geen werken nodig zijn voor onze redding. Lees
vers 4
“Nu
dengene, die werkt, wordt het loon niet toegerekend naar genade,
maar naar schuld.” Als u
ergens voor gewerkt heeft en u wordt ervoor betaald dan is dat geen
genade, u heeft er recht op. En dat is wat Paulus hier duidelijk wil
maken. Hij zegt dat als uw redding uit genade is, u er geen
werksysteem op na kunt houden want dan is het geen genade meer. Vers
5
“Doch
dengene, die niet werkt, maar gelooft in Hem, Die den goddeloze
rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerekend tot rechtvaardigheid.”
Dat is genade! Als u niet
gewerkt heeft en u wordt er toch voor betaald, dan is dat een gift.
Dat is genade! Paulus zegt dat u zo wordt gerechtvaardigd. “Wordt
zijn geloof gerekend tot rechtvaardigheid.”
Dit is het antwoord
aan velen die zeggen: “Oh, ik geloof al jaren dat Christus stierf
voor mijn zonden, was begraven en is opgestaan. Daar ben ik mee
opgegroeid. Dat hoor ik elke week in de kerk. Maar zo lang zij ook
maar iets toevoegen aan het geloof voor hun redding dan is dat niet
wat God van hen vraagt. Het is door genade, door het geloof, zonder
de werken.
Zullen allen die
zichzelf christen noemen in de hemel zijn? Jammer genoeg niet.
Zullen al degenen die het evangelie gelooft hebben in de hemel zijn?
Prijst de Heer, ja. Daarom is het goed nieuws.
We gaan verder met
onze vraag en velen zullen vragen: moeten we dan geen goede werken
doen? Wordt er niet van ons verwacht dat we goede werken doen?
Natuurlijk moeten we goede werken doen! Velen hebben het idee dat
wij genade benadrukken en geen werken. Dat wij met de benen omhoog
zitten en het rustig aandoen, doen wij wat willen, doen wat we leuk
vinden. Is dat Gods bedoeling? Natuurlijk niet. De reden waarom God
ons in feite heeft gered is opdat wij goede werken KUNNEN doen.
Efeze 2:8-10 zegt:
“Want
uit genade zijt gij zalig geworden door het geloof; en dat niet uit
u, het is Gods gave;Niet uit de werken, opdat niemand roeme. Want
wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede
werken, welke God voorbereid heeft, opdat wij in dezelve zouden
wandelen.” Span het paard niet
achter de wagen. Wij zijn Zijn maaksel. Dit is in het Grieks een
heel mooi woord – poiema – dat gedicht betekent. Wij zijn God’s
gedicht, een mooie schepping. Hij gebruikt dit woord nog een keer in
Romeinen 1:20 als Hij spreekt over het feit dat wij vanuit de
schepping geen verontschuldiging hebben en het woord “poiema” is
vertaald als “uit de schepselen”. Dat beschrijft inderdaad wat God
gedaan heeft met ons. Hij zegt dat wij geschapen zijn in Christus
Jezus. Wij zijn in fysieke zin tot aanzien geroepen toen wij
ontvangen zijn en daarna groeien wij op tot volwassenheid. Maar wij
zijn opnieuw geschapen toen wij gered werden. Daarom zegt Paulus in
2 Korinthe 5:17
“Zo dan, indien iemand in Christus is, die is een nieuw schepsel;
het oude is voorbijgegaan, ziet, het is alles nieuw geworden.”
Realiseert u zich dat God
een nieuw scheppend werk doet in uw leven als u gered wordt? U bent
een nieuwe schepping. U bent Zijn gedicht. TOTDAT GOD ONS NIEUW
HEEFT GEMAAKT ZIJN WIJ NIET IN STAAT OM GOEDE WERKEN TE DOEN. Alle
zogenaamde goede werken die wij doen voor onze redding, zijn vodden
in God’s ogen. Dat is één van de tragedies in de levens van mensen
van vandaag. Zij denken dat zij goede werken doen, maar in feite
zijn hun werken als een wegwerpelijk kleed (zie Jesaja 64:6). Onze
goede werken NA onze redding zijn onderdeel van God’s voorbestemde
plan voor gelovigen.
Stap één: Geloof het
evangelie en wordt gered. Stap twee: Doe goede werken door de genade
van God.
Wij zien deze waarheid
benadrukt in duidelijke termen in Titus. Titus was een voorganger op
Kreta. Kreta had de reputatie van een beetje slordig te zijn en
zoals Paulus zegt in hoofdstuk 1:12, “leugenachtig,
kwade beesten, luie buiken.”
En Paulus instrueert Titus om hen te leren. Let op in Titus 2:14
“Die
Zichzelven voor ons gegeven heeft, opdat Hij ons zou verlossen van
alle ongerechtigheid, en Zichzelven een eigen volk zou reinigen,
ijverig in goede werken.”
Titus 3:8
“Dit
is een getrouw woord, en deze dingen wil ik, dat gij ernstelijk
bevestigt, opdat degenen, die aan God geloven, zorg dragen, om
goede werken voor te staan; deze dingen zijn het, die goed en
nuttig zijn den mensen.”
Dit zijn
instructies voor de leraar, Paulus zegt tegen Titus, bevestig deze
dingen steeds opnieuw. Het lijkt of hij in herhalingen valt, waarom
moet hij dat steeds zeggen? De Heere kent onze neiging om te
verslappen als het gaat om goede werken. Hij weet dat wij er steeds
aan moeten herinnerd worden om goede werken te doen als gelovigen.
En opnieuw is Paulus erg duidelijk dat hij het hier niet heeft over
onze redding. Hij spreekt hier over wat wij doen nadat wij gered
zijn. “En deze dingen wil ik dat gij ernstelijk bevestigt”, zegt
Paulus.
Wat betekent het om goede werken te doen? Iemand heeft het zo
geïllustreerd: Laten we zeggen dat er in uw straat aan de overkant
een ouder echtpaar woont en op een dag komt hun zoon, die erg rijk
is, naar uw huis toe. Hij woont in een andere provincie en hij zegt
tegen u: “Vader en moeder worden een dagje ouder, ze kunnen nog op
zichzelf wonen, maar het wordt wel moeilijker, ik wil u iets vragen.
Ik zou het fijn vinden als u hen een beetje in de gaten wilt houden.
Als u merkt dat vader moeite heeft met de grasmaaier, help hem dan
met starten. Misschien kunt u de oprijlaan een keer maaien in de
zomer. En in de winter, zij rijden nog auto, als er te veel sneeuw
ligt wilt u dan het pad schoonvegen? Ik vraag u niet om dit
full-time te doen. Ik vraag u niet om uw baan op te geven. Ik zou
het fijn vinden als u ze een beetje in de gaten hield. Misschien
wilt u eens een keertje binnenlopen en een praatje maken. En als u
dit zou willen doen dan ben ik bereid om u 50.000 dollar per jaar te
betalen”.
Is dit niet hetgeen God van ons vraagt? Gewoon de christen zijn die
we horen te zijn. Ik zal u belonen, zegt God. Ik zal u belonen op
Mijn tijd. Zou u die goede persoon willen zijn voor 50.000 dollar
per jaar? Zou u het willen proberen? Zou u zo iemand willen zijn
voor de Heere?
Kunnen wij geen goede werken doen vanuit de goedheid van ons hart,
omdat ons hart is vernieuwd door de Heilige Geest? Kunnen wij goed
doen, een goed woord wisselen met mensen, het evangelie delen met
mensen, hier en daar helpen? Kunnen wij niet gewoon een getuigenis
zijn zoals God het wil? Omdat wij de Heere kennen? Zo had Paulus het
in gedachten. Laten wij deze dingen ernstig bevestigen. |