De Bijbel 

 is Gods Woord

Uw woord is een lamp voor mijn voet, en een licht voor mijn pad.

Psalmen 119:105

Want ik heb ulieden ten eerste overgegeven, hetgeen ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften; 4 En dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de Schriften;  1 Korinthiërs 15
Wie zijn wij?  Wij geloven

Links

15-01-2012

                                                    

DE GEMEENTE

 Het Griekse woord "ekklesia", vertaald als "gemeente" bete­kent: uitgeroepen. Het wordt gebruikt voor elke bijeenkomst, zelfs voor de rumoerige volksvergadering in Efeze, Hand.19:40. Het werd ook gebruikt door Stefanus toen hij naar het volk Israël in de woestijn verwees als "de vergadering in de woes­tijn", Hand.7:38. Het Hebreeuwse woord "kahal", werd gebruikt voor een raadsvergadering van een stam van Israël of een bijeenkomst. Het werd door de Septuaginta (een vertaling van het Hebreeuws naar het Grieks, ongeveer 300 jaar voor Christus gemaakt) vertaald als "ekklesia" of "synagoge".

 De gemeente in de dagen van Petrus, gegrondvest op de belijde­nis dat Jezus de Messias is, de Zoon van God, mag genoemd worden: Messiaanse gemeente, Joodse kerk of kerk van Jeruza­lem, Mat.16:16-18; 18:15-20. Passend bij die periode hadden de discipelen de volgende authoriteiten: (1) te binden of te ontbinden, "Voorwaar Ik zeg u, al wat gij op aarde bindt, zal gebonden zijn in de hemel, en al wat gij op aarde ontbindt, zal ontbonden zijn in de hemel," Mat.18:18. (2) Men ontving absolute antwoorden op gebeden, zelfs als slechts 2 of 3 mensen vergaderd waren, Mat,18:19,20. (3) De prediking van berouw van zonden en de doop tot vergeving van zonden, (het­welk het evangelie van het koninkrijk is, Hand.2:38, om zo Israël voor te bereiden om een koninkrijk van priesters te zijn, Ex.19:6, Openb.1:6. Merk de volgende kenmerken op: de leden zijn nog steeds onder de wet, de tempel is het centrum, ze verkopen hun spullen en hebben alles gemeenschappelijk, Hand.4:32-34. Allen zijn Joden en prediken "Joden alleen". Er is straf voor een ieder, die probeert om zonder deze regels te leven.

 De opdracht van de Messiaanse kerk is te lezen in Mat.28:18-20, Mark.16:15-18, Luc.24:47,48, Joh.20:21-23, Hand.1:8. Dat hield in: (1) Men leert de dingen die de Messias onderwees, (zoals de bergrede, Mat,5, wat gedaan moet worden om kindern van God te worden, Mat.5:43-45, doden opwekken, Mat,10:8, het doen en onderhouden van de wet, Mat,23:3.) (2) Er is de doop voor vergeving van zonden, Hand.2:38. (3) Men kan boze geesten uitdrijven, in tongen spreken en slangen opnemen, Marc,16:17,­18. (4) Men moest in Jeruzalem beginnen, Luc.12:47.

 Maar Jeruzalem toonde geen berouw. Het volk bereikte het hoog­tepunt van afvalligheid door Stefanus te stenigen. Hierop volgt Handelingen 9, de bekering van Saulus en de daaropvol­gen­de overvloedige openbaringen aan hem.

 DE GEMEENTE IN DE BEDELING VAN GENADE is geheim gehouden tot het moment dat het bekend gemaakt is aan Paulus, Hand.22:14,­18; Hand,26:16; Rom.11:13; Rom.16:25; II Kor.12:1,7; Ef.3:1-9 en Kol.1:25,26. Paulus zag de opgevaren en verheelijkte Heer en hoorde zijn stem vanuit de hemel.

 1.         DE KENMERKENDE NAAM IS: DE GEMEENTE DIE ZIJN LICHAAM IS. Christus is het Hoofd, de gelovigen zijn leden van zijn li­chaam, Ef.1:22,23; I Kor.12:13.

 2.         DE BOODSCHAP is behoudenis door genade, door het geloof, los van werken. Christus stierf voor goddelozen, door het kruis bracht Hij vrede; een ieder die gelooft zal gerechtvaardigd worden, Rom.4:5. (Dit is beter en gaat veel dieper dan de belijdenis van Jezus als Messias.) De mensen hebben niet langer de authoriteit om te binden of te ontbinden en zonden wel of niet te vergeven. We zijn niet langer onder de wet. De boodschap is niet langer alleen voor de Joden bestemd. De belofte van absolute antwoorden op gebeden bestaat niet meer, en men hoeft geen werken meer te doen voor vergeving van zonden.

 3.         HET BEGIN was niet op Pinksteren omdat:

a,          De boodschap op Pinksteren geen behoudenis door genade inhield, maar werken verlangde.

 b,          Op die dag alleen Joden (en Jodengenoten) aanwezig waren, heidenen ontbraken.

 c,          De tempel het centrum was. Ze volgden nog steeds de wet. Er was geen prediking van Christus, die het einde der wet is.

 d,          Genade niet aangeboden kon worden, voordat het Koninkrijk verworpen was; het Koninkrijk was zelfs niet aangeboden met Pinksteren.

 e,          De boodschap van genade en verzoening niet gegeven kon wor­den, omdat Israël nog niet vervreemd was, totdat zij Stefa­nus stenigden.

 f,          Pinksteren de "laatste dagen" was voor Israël, dat is de tijd voorafgaand aan het aanbod van het koninkrijk. Het waren niet de eerste dagen van de gemeente, die Zijn lichaam is.

 4.         Als we het juiste tijdstip opzoeken voor het begin van de gemeente van deze genade-bedeling, lijkt Handelingen 13 bete­kenisvol. Hoewel Paulus, de fundamentlegger van de bedeling van genade al in Handelingen 9 tot geloof in de Here kwam, moest hij de openbaringen omtrent de gemeente, die nooit tevo­ren geopenbaard waren in de Schrif, nog ontvangen. Paulus kende het oude testament goed, maar over de gemeente van vandaag kan daar niets gevonden worden. Vandaar dat Paulus de overvloedige openbaringen van de opgestane en verheerlijkte Heer ontving.

Merk op dat Paulus, die in 2 bedelingen leefde, degene was die het ontving én het bekend maakte. Net als Mozes die vóór en tijdens de wet leefde. Paulus leefde al voordat de bedeling van genade begon. En nadat hij de overvloedige openbaringen ontvangen had, werd hij de leider van de genade bedeling. Vergelijk de eerste geopenbaarde boodschap aan Paulus in Hand.9:20 met de openbaring van zijn grotere boodschap in Hand.13:38,39. In Hand. 13:49 is het woord dat vertaald is als "verbreiden" hetzelfde als het woord wat vertaald is als "verschillen" in I Kor.15:41 "Want de ene ster verschilt van de andere in glans". U kunt dit vinden in een concordantie. De boodschap werd "anders", verschillend, toen Paulus tot de heidenen begon te spreken, omdat de nieuwe bedeling begon. Het Grieks wijst ons erop dat het anders werd, beter, van meer waarde.

5.         DE EEN DOOP. Er bestaat veel verdeeldheid over het onderwerp van de doop. Waarom bestuderen we dit onderwerp van de doop ook niet in het licht van de bedelingen? Het hele probleem is niet WAAROM, (de verschillende redenen, die gegeven worden voor de doop), noch HOE (de verschillende methoden). De grote vraag is: behoort een ritueel uit de wet van Mozes thuis in de bedeling van genade? Past u ook de volgende dingen uit de wet toe: het ritueel van besnijdenis, spreken in tongen, opwekking uit de doden, verkopen van alle bezittingen om vervolgens alles gemeenschappelijk te hebben, geen geld op zak hebben, zoals de discipelen uit de periode van het Koninkrijk? Nee! Waarom dan wel de ceremonie van sprenkeling en wassingen? Het voortgaan daarvan ná de openbaring dat de wet teniet gedaan was, was het werk van de Joden.

Het is de moeite waard om een lijst te maken van de dopen in de Schrift, inclusief de sprenkelingen in het oude testament, en van elk op te merken: (1) Wanneer en waarom het gedaan werd. (2) Wat het betekent. (3) Of het nat of droog was. (4) Dat water in de Schrift nooit de betekenis heeft van een begrafenis. (5) Dat in de brieven van Paulus geen instructies te vinden zijn betreffende een waterritueel.

Waarom zijn we niet tevreden met de één doop door de Heilige Geest in het ene lichaam, Ef.4:4,5; I Kor.12:13?!

Genade bijbel stichting - nieuwegein 2011