|
1)
Niet te geloven.
"IK GELOOF NIET DAT GOD BESTAAT"
"Daarom gedenkt, dat gij, die eertijds heidenen waart
in het vlees, en die voorhuid genaamd werdt van degenen, die genaamd zijn
besnijdenis in het vlees, die met handen geschiedt" Efeze 2:11
Een atheïst is iemand die geen relatie met God heeft, en
niet iemand die niet in God gelooft, zoals het wordt over het algemeen gedacht
en geleerd. De Bijbel leert ons dat alle mensen hebben vanaf hun geboorte de
kennis van de bestaan van God. Of de één God Allah noemt, of de andere God
boeddha noemt. In principe, dat is het bewijs, dat men erkent dat er bestaat een
kracht boven ons.
2) Monotheïsme -
is het geloof in één God. Er zijn veel mensen die in het bestaan van God
geloven.
Wij typeren ons geloof als het geloof in God. "Aangaande dan het
eten der dingen, die den afgoden geofferd zijn, wij weten, dat een afgod niets
is in de wereld, en dat er geen ander God is dan één. 1 Korinthe 8:4. "Wij
spreken over de enige ware God, die in alles is, maar nog meer, boven alles.
"Ziet Israël, dat naar het vlees is: hebben niet degenen, die de
offeranden eten, gemeenschap met het altaar? Wat zeg ik dan? Dat een afgod iets
is, of dat het afgodenoffer iets is? Ja, ik zeg, dat hetgeen de heidenen
offeren, zij den duivelen offeren, en niet Gode; en ik wil niet, dat gij met de
duivelen gemeenschap hebt" 1 Korinthe 10:18-20
Alles wat de heidenen (mensen zonder God) offeren, offeren
zij werkelijk aan iemand, aan de duivel. De duivel verblindt deze mensen.
Hij manipuleert zij zodat zij gaan geloven dat de boom of het beeld, naar
wie zij buigen, werkelijk god is. Wij weten, dat die boom of dat beeld geen
god zijn. God heeft deze dingen geschapen. Wij weten ook dat een offer aan de
goden niets is, maar het is satan die deze mensen verblind heeft zodat zij werkelijke
geloven dat deze voorwerpen god zijn.
"Waarom zouden de heidenen zeggen: Waar is nu hun
God?
Psalm 115:2
Hier zegt God:
waar zijn jullie goden? onze God is in de hemelen Hij doet wat Hij wil.
"Laat
hen voortbrengen en ons verkondigen de dingen, die gebeuren zullen;
verkondigt de vorige dingen, welke die geweest zijn, opdat wij het ter harte
nemen, en het einde daarvan weten; of doet ons de toekomende dingen horen"
Jesaja 41:22
De kracht van de God van de Bijbel is dat Hij niet alleen
de dingen kan vertellen die gebeuren zullen, maar ook wat geweest is. (bv.
de Samaritaanse vrouw Joh.4:29)
"Komt, ziet een Mens, Die mij gezegd
heeft alles, wat ik gedaan heb; is Deze niet de Christus"
Het is alleen de God van Abraham, Izaak en Jacob die al
honderden jaren voor de komst van Christus, Zijn komst profeteerde. En zelfs
nu is de Bijbel vol van profetieën die gaan over de toekomst, over de tijd
wanner Christus Zijn koninkrijk op deze aarde zal vestigen.
"Wat zal het gesneden beeld baten, dat zijn
formeerder het gesneden heeft? of het gegoten beeld, hetwelk een leugenleraar
is, dat de formeerder op zijn formeersel vertrouwt, als hij stomme afgoden
gemaakt heeft? Wee dien, die tot het hout zegt: Word wakker! en: Ontwaak! tot
den zwijgenden steen. Zou het leren? Ziet, het is met goud en zilver
overtrokken,
en er is gans geen geest in het midden van hetzelve" Habakuk 2:18,19
Wat denken mensen als zij een gesneden beeld maken? er is
toch geen geest in? Johannes 4 leert ons duidelijk dat, God is Geest, God is een
Persoon. De wind zien we niet, maar we kunnen hem voelen, Het heeft karakter,
warm of koud... De Geest bidt voor ons, Hij wordt bedroefd, Hij woont in ons.
"En
gij ziet en hoort, dat deze Paulus veel volk, niet alleen van Efeze, maar ook
bijna van geheel Azie, overreed en afgekeerd heeft, zeggende, dat het geen
goden zijn, die met handen gemaakt worden"
Handelingen 19:26
De kracht van het Evangelie dat de Apostel Paulus heeft
gepredikt is dat hij spraak over een duidelijke God een levende God. Mensen
die de God van Abraham, Izaak en Jacob de Vader van onze Heere Jezus Christus
niet kennen, leven in een donker, hun verstand is verduisterd. Als u de vraag
stelt
" Waar is de Ware God en Wie is Hij ? " weten zij het antwoord niet.
De God van de Bijbel heeft ook sterke invloed op elke
maatschappij die zijn bestaan en kracht erkent. in Spreuken staat dat God het
begin is van alle wijsheid.
Elke samenleving die de God van Abraham, Izaak
en Jacob kent ervaart licht en vrijheid. Een maatschappij die haar verstand
en geloof vestigt op gesneden beelden leeft in de duisternis, niet zomaar
duisternis, maar een diepe, morele duisternis.
Er zijn verschillende vormen van het geloof in God.
Ten
eerste polytheisme, het geloof in meerdere goden.
"Omdat zij, God kennende, Hem als God niet hebben
verheerlijkt of gedankt; maar zijn verijdeld geworden in hun overleggingen en
hun onverstandig hart is verduisterd geworden; Zich uitgevende voor wijzen,
zijn zij dwaas geworden; En hebben de heerlijkheid des onverderfelijken Gods
veranderd in de gelijkenis eens beelds van een verderfelijk mens, en van
gevogelte, en van viervoetige en kruipende gedierten" Romeinen
1:21-23
Er is een bepaalde evolutietheorie die leert dat mensen
van het begin af afgodendienaars waren, en door middel van hun ontwikkeling
gingen zij steeds meer de ware God dienen, bv. Abraham, men leert dat hij een
heel primitief iemand was, uit een primitief volk en dat door zijn ontwikkeling
heeft hij de basis voor het monotheïstisch geloof gelegd.
Daarna leert men dat er steeds meer ontwikkeling komt
in het geloof van de mens via het jodendom en het christendom, en zo is onze
wereld tot het licht gekomen en wij zijn veel meer verlichte mensen dan de
mensen die 3000 jaar geleden hebben geleefd. Maar volgens de Schrift dat
is niet
waar, volgens de Schrift is het juist andersom, vanuit het verhaal uit
Genesis, vanuit het begin kende men God, maar men heeft God verlaten, door al de
eeuwen heen riep God mensen tot bekering, bekering om de ware God te dienen.
"Doodt dan uw leden, die op de aarde zijn, namelijk
hoererij, onreinigheid, [schandelijke] beweging, kwade begeerlijkheid, en de
gierigheid, welke is afgodendienst" Kolossenzen 3:5.
Hier zien wij dat mensen in deze tijd
zijn afgedwaald dat zij afgodendienaars zijn geworden. In elke maatschappij
neemt hoererij toe, en al die morele kanten die de Heere in Zijn Woord leert
hebben niet meer geloof als basis maar afgoderij. Allotheisme, dat is het geloof
dat God in alles is/zit. "Want de knechten van den koning van Syrie
hadden tot hem gezegd: Hun goden zijn berggoden, daarom zijn zij sterker
geweest dan wij; maar zeker, laat ons tegen hen op het effen veld strijden, zo
wij niet sterker zijn dan zij"
1 Koningen 20:23.
God is in de bergen, in het water, later komen wij het
tegen in de Grieks mythologie; de god van de liefde, van de oorlog elk aspect
heeft een god. Pantheisme, God is overal is de basis van veel filosofieen, de
leer van de intellectuele mensen.
"En wanneer Hem alle dingen zullen onderworpen zijn,
dan zal ook de Zoon zelf onderworpen worden Dien, Die Hem alle dingen
onderworpen heeft, opdat God zij alles in; En wanneer Hem alle dingen zullen
onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon Zelf onderworpen worden Dien, Die Hem
alle dingen onderworpen heeft, opdat God zij alles in allen.
"En er is verscheidenheid der werkingen, doch het is
dezelfde God, Die alles in allen werkt" 1 Korinthe 15:28, 1 Korinthe 12:6
Maar de Schrift leert dat God niet alleen overal is maar
ook bovenal . Wij geloven dat God controle heeft over alles, Hij weet alles,
zelfs nu. Hij is almachtig, onzichtbaar, alwetend, maar Hij is ook boven alles. "Welke
Zijn lichaam is, en de vervulling Desgenen, Die alles in allen vervult"
Efeze 1:23 "Waarin niet is
Griek en Jood, besnijdenis en voorhuid, barbaar en Scyth, dienstknecht en
vrije; maar Christus is alles en in allen" Kolossenzen 3:11
"Welker zijn de vaders, en uit welke Christus is, zoveel het
vlees aangaat, Dewelke is God boven allen te prijzen in der eeuwigheid.
Amen" Romeinen 9:5
Het is makkelijk voor de mens om "met God te
spelen", dat Hij overal is. In Romeinen 1:21 hebben wij drie aspecten:
"Omdat zij, God kennende, Hem als God niet hebben verheerlijkt of
gedankt; maar zijn verijdeld geworden in hun overleggingen en hun onverstandig
hart is verduisterd geworden"
Zij hebben God gekend (Adam was geen primitief wezen,
hij is geschapen naar het beeld van God, de almachtige God, al zijn nakomelingen
na de val hebben God gekend, zij hebben de Schepper van de hemel en de aarde
gekend), het is net als wij zeggen: ik ken die persoon, maar zij hebben Hem
niet geëerd, zij gaven Hem geen respect, en de derde fase is dat je iemand ook
niet meer erkent, dankt, het gevolg: men verwisselt de eer van God voor de eer
van mensen of dieren. Zo is de val van de mens in zo'n diepte gekomen, dat men
de Goddelijke waarde voor afgodenwaarde heeft vervangen. Als men leert dat
God overal is, men kan zover gaan dat God ook in de zonde is. En als God ook
in de zonde is dan is God ook de satan, dan ziet men het verschil niet meer
tussen goed en kwaad, alles is hetzelfde, God is overal.
|